Delfzijl – de bekendheid van en de waardering voor zijn vesting en zijn haven

Uiteraard komen we Delfzijl ook tegen in geografische compendia en reisbeschrijvingen uit de achttiende eeuw, zoals die op Google Books te vinden zijn. In totaal vond ik 25 verschillende  meldingen. Wat zeggen die over Delfzijl?

Eerst maar even een kleine bloemlezing, die bestaat uit vier voorbeelden.

In de jaren 1720 kwamen meerdere edities uit van het Reisboek door Jan Claesz en later zijn zoon Timotheus van Hoorn. Over Delfzijl zegt het:

“Delfzyl leit aan de rivier de Eems een groot uur boven Damme; ze heeft een voortreffelyke Haven en zwaare schutsluizen en [is] derhalven van groot belang, èn als een bolwerk voor Oostvriesland, Groningen en Ommelanden, waarom de Prinsen en Heeren altyd gepoogd hebben dezelve tot een verzekering der gemelde landen te versterken en wel te bewaren ”

Noemen de Van Hoorns zowel de vesting als de haven, de Duitse geleerde Uffenbach beperkte zich in 1753 in zijn Merckwürdige Reise tot de vesting. Daarbij kraakt hij een kritische noot:

“Delfzijl is een middelgroot, maar verder eenvoudig dorp, met zes bolwerken, de wallen zijn laag en zeer smal, zodat nauwelijks twee mensen er naast elkaar overheen kunnen gaan. We logeerden tamelijk sober in de Kroon.”

Een zeer bekend werk is nog steeds de Tegenwoordige Staat van Stad & Lande uit 1794 van de toen ambteloze bestuurder Albert Joan de Sitter, de patriotse oud-drost van het Oldambt. Enerzijds prijst hij de nautische voorzieningen van Delfzijl. Deze plaats, zo zegt hij, beschikt over de “beste haven en reede van alle de Nedcrlanden, naar ’t oordeel van velen”. Anderzijds memoreert hij dat de haven minder diep is dan in de zeventiende eeuw. Ze is verland. Over de vesting weet hij te vertellen dat ze rond 1700 “aanmerkelyk versterkt en vergroot” is door Van Coehoorn.

En dan hebben we nog de Duitse predikant en letterkundige Hoche, die Delfzijl in 1798 bezoekt. Hij schrijft naderhand:

“De haven lag vol schepen. We moesten ons er bijna doorheen wurmen. Vooreerst trokken een oorlogsschip en een groenlandsvaarder (…) mijn opmerkzaamheid. De haven is veilig en qua diepte van de vaargeul gemakkelijker te bereiken dan die van Emden.”

Delfzijl zelf noemt hij:

“…een klein en rein oord, nederig gebouwd in Hollandse smaak. De straten zijn breed, wèl geplaveid en goed verlicht. De haven is de inkomstenbron voor het grootste deel der inwoners. Zij zit nu echter bijna geheel verstopt, sinds de Nederlandse handel zozeer terneer ligt. “

Dominee Hoche noemt weer niet de vesting. Om eens te kijken hoe de vesting en de haven er in het algemeen afkomen in de al met al 25 aardrijkskundeboekjes en reisbeschrijvingen uit die tijd die Delfzijl noemen, heb ik twee kruistabelletjes gemaakt. Eerst maar even de vesting:

De vesting:

  Totaal aantal: Genoemd: Percentage: Positief : Percentage:
Voor 1725

4

3 75 % 1

33 %

1725-1749

4

4 100 % 2

50 %

1750-1774

4

4 100 % 1

25 %

1775-1799

13

12 92 % 2

17 %

Totaal

25

23 92 % 6

26 %

In  23 van de in totaal 25 geschriften  wordt bij Delfzijl de vesting genoemd (92 %). Slechts in 6 van die 23 gevallen gaat dat gepaard met een positieve waardering (26 % van de meldingen).  De bekendheid van de vesting is bij de schrijvers van geografische vademecums en reisboekjes dus hoog, wat niet zo is voor de waardering. Die lijkt na 1725 zelfs af te nemen

De haven:

  Totaal aantal: Genoemd: Percentage: Positief: Percentage:
Voor 1725

4

1 25 % 1

100 %

1725-1749

4

4 100 % 4

100 %

1750-1774

4

2 50 % 1

50 %

1775-1799

13

8 61 % 4

50 %

Totaal

25

15 60 % 10

67 %

De haven van Delfzijl blijkt wat minder bekend dan de vesting – ze wordt slechts in 15 van de 25 gevallen genoemd (60 %). In 10 van die 15 gevallen is de waardering echter positief (67 %). De waardering voor de haven is dus hoger dan die voor de vesting. Wel blijkt de waardering voor de haven in de tweede helft van der achttiende eeuw een stuk lager dan voorheen. Er is dus sprake van een achteruitgang in waardering.

Conclusies:

  • Delfzijl is als vesting in de achttiende eeuw bekender dan als haven.
  • De waardering voor de haven overtreft echter die voor de vesting
  • Het aantal positieve uitspraken over de vesting en de haven neemt in de loop van de achttiende eeuw af. Vooral bij de haven valt die achteruitgang in de waardering op.

 

 


4 reacties on “Delfzijl – de bekendheid van en de waardering voor zijn vesting en zijn haven”

  1. Toen de vesting na de oorlog daadwerkelijk gebruikt is door de Fransen, bleek het toch een bijzonder taaie noot te zijn.

    • Harry Perton schreef:

      Maar dat was omdat de Nederlandse troepen niet tot bestorming overgingen. Napoleon was al verslagen, de Fransen binnen de vesting moesten dat eerst willen geloven. Wat een kwestie van tijd was – waarom zou je dan zoverel doden willen riskeren?

      • Wat ik er van begrepen heb is dat de Fransen de Nederlanders al aanvielen voordat ze zelfs maar in de buurt kwamen. De Nederlanders kregen zelfs geen kans om een aanval voor te bereiden. Tegen de goed bewapende en professioneel geleide Fransen waren de lokale Nederlandse troepen geen partij.


Mijn gedachten hierbij zijn:

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.