Mormel
Geplaatst op: 14 oktober 2014 Hoort bij: Kunsten 11 reactiesBordje op dampaal bij Roden:

Alsof een achteloze wandelaar zo’n bordje opmerkt! Tegen de tijd dat die de volzin uitgelezen heeft, hangt het mormel ook al lang en breed aan zijn broekspijp. Maar enfin, deze disclaimer is weer eens wat anders dan het geijkte ‘Wacht u voor den hond‘. Overigens hoorde uw fotograaf niets op zich afstormen – het beest werd zeker net elders uitgelaten.
Heb even geprobeerd of ik ook zo’n hondenbordje kon maken en dit bleek warempel het geval
Onze Nero is van nature een bijterig wezen
Wiens kaken een ieder terecht moet vrezen
Wij delen het u voor alle zekerheid mee
een gewaarschuwd mens telt immers voor twee.
Lezers die een eigen bordje bij de reacties willen deponeren, moeten vooral hun gang gaan.
Fietskunst
Geplaatst op: 1 september 2014 Hoort bij: Kunsten Een reactie plaatsen
De Fongers-fietsambulances sluiten in het foto-overzichtje van Twitter (1, 2) bijna zo op elkaar aan, dat het lijkt alsof ze samen een soort van kunstwerk vormen.
Een curieus portret van Bommen Berend
Geplaatst op: 28 augustus 2014 Hoort bij: Kunsten, Stad toen 2 reactiesNog niet zo gek lang geleden zag ik dit portret op Marktplaats, waar het inmiddels ook alweer van af is gehaald:

Volgens een geverfde notitie in dezelfde menie-achtige kleur rood als ’s mans muts, onderboord en knopen zou het gaan om een portret uit 1653 van Bernard von Gahlen:

Bernard von Galen, dat is ‘onze’ Bommen Berend, de prins-bisschop van Munster die de stad Groningen in 1672 belegerde, maar afdroop, wat we op de 28e augustus plegen te vieren.
Alles in rode kleur lijkt door een veel latere hand opgebracht., Vooral bij de kardinaalsmuts is die operatie niet helemaal geslaagd. In plaats van op een kardinaal lijkt de bisschop op een prins carnaval. Ik attendeerde een conservator van het Groninger Museum op het curieuze konterfeitsel met de opmerking:
“Het is wel een opknappertje hoor, maar misschien iets voor jullie?”
Dat bleek niet het geval. Hij vond het wel een mooi voorbeeld van hoe de bisschop na zijn dood nog vereerd werd, daar niet van, maar het museum had al meer representatieve portretten van Bommen Berend, waar deze niets aan zou toevoegen. Overigens ging het ook beslist niet om een unicum:
“Er moeten, zo begreep ik van een collega in Munster, tientallen van dergelijke portretten bestaan.”
‘Op je gezondheid, Beschaving!’ en wat andere cartoons uit de Eerste Wereldoorlog
Geplaatst op: 9 augustus 2014 Hoort bij: Geschiedenis, Kunsten 1 reactieBen bezig met de beeldredactie voor de volgende Stad & Lande, een themanummer over de Eerste Wereldoorlog. Op voorhand had ik er een hard hoofd in, maar het valt ontzettend mee. Er is veel meer beeld dan je denkt.
Wat me bijvoorbeeld weer een beetje verrast (en toch ook weer niet), is de grote hoeveelheid voortreffelijke cartoonisten uit die periode. Iedereen kent natuurlijk Louis Raemaekers, over wie vorig jaar al een boek verscheen en zo meteen weer een. Al ligt de partis-pris er in zijn werk soms duimendik op, Raemaeker maakte ook tekeningen met een wat subtielere, Goya-achtige kwaliteit. Bijvoorbeeld deze, die nog steeds actueel is, als je bijvoorbeeld kijkt naar het oosten van de Oekraïne, de Gaza-strook of het Noorden van Irak: ‘Op je gezondheiod, Beschaving!’:

Voor de krant, de destijds zeer Engelsgezinde Telegraaf, zat Raemaekers natuurlijk wat dichter op de actualiteit met zijn tekeningen. Hier hekelt hij het doorsluizen van door Engeland geleverde oliën en vetten naar Duitsland (1915). Kijk eens hoe verlekkerd die leeuw zich om zijn bek slikt, zo worden ze tegenwoordig niet meer gemaakt:

Iemand die zich sterk met de ruim één miljoen Belgische vluchtelingen vereenzelvigde, was Leo Gestel. Deze prent van hem uit 1914 sierde een affiche voor een fondswervingsactie:

Albert Hahn, oorspronkelijk een Groninger, kennen we vooral van zijn politieke tekeningen voor De Notenkraker, een bijvoegsel van de socialistische krant Het Volk. Toen de Belgische vluchtelingen teruggekeerd waren naar hun vaderland, kwamen daar meerdere rijen prikkeldraad omheen. Deze barrière kostte menige nieuwe vluchteling het leven:

Beter dan de lotto!
Geplaatst op: 4 juli 2014 Hoort bij: Kunsten Een reactie plaatsenDe “Pneumatic Sponge Ball Accelerator” is een installatie in het Tschumi Pavilion op het Hereplein in Groningen. Deze bevat zo’n 1000 zwarte schuimrubberen balletjes die met de kracht van een gewone huishoudstofzuiger door de transparante buizen worden geblazen. Met een bewegingssensor kunnen toeschouwers de installatie in werking stellen, de richting van luchtstroom veranderen en het tempo van de ballen bepalen. De ballen bereiken daarbij een maximum-snelheid van ca. 4 meter per seconde. Meer over dit project.
Pubers
Geplaatst op: 7 juni 2014 Hoort bij: Kunsten, Stad nu 3 reactiesHans Koster filmt met een statische camera alledaagse sociale situaties in de stad Groningen. Dit keer had hij een stel ongedurige pubers op de Grote Markt in het vizier:
Wat leest de boer en wat zit er in zijn flesje?
Geplaatst op: 3 juni 2014 Hoort bij: Geschiedenis, Kunsten 14 reactiesIn ruim een jaar tijd heeft RM Prenten, het Twitter-account van het Rijksprentenkabinet oftewel de prentenafdeling van het Rijksmuseum, slechts 18 volgers verworven. Veel te weinig voor de juweeltjes waarop het account ons attendeert, maar ook begrijpelijk gezien het feit dat RM Prenten het sociale medium vrijwel uitsluitend als een zender opvat.
Zo had RM prenten onlangs dit juweeltje in de aanbieding van een lezer op leeftijd, die ingespannen tuurt op een vel papier in zijn linkerhand, terwijl hij in zijn rechterhand een vierkant flesje halfvol vocht vasthoudt::

Volgens RM Prenten maakte Cornelis Dusart (1660-1704) deze prent die als titel kreeg: ‘Brieflezende boer’. Dat blijkt conform de opgave van het Rijksmuseum, dat de voorstelling dateert op de periode 1679-1704.
Op mijn tweet dat de uitgebeelde senior geen brief leest, maar drukwerk, namelijk de bijsluiter bij dat flesje met medicinaal drankje, vermoedelijk Haarlemmer olie, gaf RM Prenten helaas geen sjoege. Het is natuurlijk ook maar een kreet van iemand, zo op Twitter, waarom zou je daar op reageren?
De kwestie liet mij echter niet los, ik keek eens in mijn documentatiemapjes en vond inderdaad enig materiaal dat mijn getweete stelling adstrueerde, maar toch ook nuanceerde.
Allereerst het flesje in ’s mans rechterhand. Het is niet rond maar rechthoekig en heeft een hals die smaller is dan de schouders. Een soortgelijk flesje zien we op een tekening van een straatventer, toegeschreven aan dezelfde Cornelis Dusart die bovenstaande prent maakte, welke tekening berust in het British Museum:

Mij zijn geen voorbeelden bekend van het venten met alcoholica. Op alcohol wilde de overheid – vooral ook om fiscale motieven – een strakke greep houden en daar paste ambulante handel niet zo bij. Venters die medicijnen aan de man brachten, vormden daarentegen een bekend verschijnsel. Vooral ging het om Haarlemmer olie, dat immers overal tegen hielp. Zo ventte ene Harmen Simons (69) in 1771 vanuit de stad Groningen met Haarlemmer en andere oliën en medicijnen in het noorden van Drenthe, waar hij Zuidlaren, Annen, Gieten, Bonnen en Eext aandeed. Onderweg logeerde hij in herbergen.
Dat het flesje op de prent van de lezende boer een medicijnflesje is, staat voor mij vast, temeer daar het om een oude man gaat. Het flesje zit ook niet voor niets in zijn rechterhand, de belangrijkste in een tijd dat linkshandig schrijven je met de plak afgeleerd werd en je met je rechterhand nog dure eden zwoer. Al gaat de aandacht op de prent primair uit naar het vel papier, dat flesje staat niet voor niets centraal in de voorstelling.
Ik meen dus dat er een medicinaal drankje in dat flesje zit. Maar of dat Haarlemmer olie is, ben ik gaan betwijfelen. Want Haarlemmerolieflesjes hadden nauwelijks schouders – die leken nog het meest op reageerbuizen, getuige enkele plaatjes, ooit van Marktplaats geplukt:

Uiteraard zal het wat jongere exemplaren betreffen, maar deze vorm hebben de Haarlemmerolieflesjes zeer lang gehad. Alleen weet ik niet wanneer die vorm werd ingevoerd, het kan best zijn dat Haarlemmer olie in de jaren na haar introductie (1696) eerst nog in geschouderde flesjes zat.
Dat de man op de prent naar een bijsluiter tuurt, daar blijf ik ook bij. Het is in elk geval drukwerk en geen handgeschreven brief. De tweekoloms opmaak wijst op drukwerk, het beeldmerk midden boven in de kop doet dat evenzo. Zonder dat medicijnflesje zou je kunnen denken dat het om een krant ging. Maar ook bijsluiters die betoogden dat het middel onder goddelijke zegen werkte en dat men zich moest hoeden voor imitaties, kenden een dergelijke opmaak. Zo zag, anno 1791, de bijsluiter van de Haarlemmer olie er uit:

Medio jaren tachtig vond ik deze in het Drents archief, maar helaas ben ik het mapje met de bijbehorende, papieren notities momenteel even kwijt. In elk geval betrof het een casus van merkvervalsing te Meppel, dat weet ik nog wel. De fabrikant van de Haarlemmer olie riep de hulp in van de Drentse of de Meppeler overheid, om dit ook elders veel voorkomende euvel te beteugelen.
Onbewogen land
Geplaatst op: 23 april 2014 Hoort bij: Kunsten, Ommelanden 2 reactiesFilm van Itamar Kool over de omgeving van Westerwijtwerd, haar bewoners en de aardbevingen:
Vier maal de vogel Feniks
Geplaatst op: 2 april 2014 Hoort bij: Kunsten Een reactie plaatsen
Uit het Bestiarium van Anne Walsh, ca. 1400. KB Kopenhagen.

Jost Amman, 1569.

Cornelis Troost, 1740 (Rijksmuseum).

Pam G. Rueter op het omslag van ‘Händels Opstanding’ van Stefan Zweig, ca. 1950.
b
Waarom de otter impopulair was
Geplaatst op: 29 maart 2014 Hoort bij: Geschiedenis, Kunsten 1 reactie
| Von dem Otter
Der fette Otter gut Fisch frisst, |
Over de otter
De otter vreet zich vet aan vis |
Bron: Georg Schaller, met houtsneden van Jost Amman, Ein neuw Thierbuch. Eigentliche und auch gründliche beschreibung allerley vier und zweifüßigen Thieren etc. in teutsche Reimen gefaßet (1569).
Nepreclame
Geplaatst op: 21 februari 2014 Hoort bij: Kunsten 3 reactiesAl een paar keer viel deze reclame me op:

Een blik bonen geserveerd op de bibs van een dame die een wind laat en oeps zegt. Het ontkwam haar.
Het even onwelriekende als onverwachte fenomeen, aldus suggereert de poster, zou samenhangen met het vetverbrandende karakter van de geadverteerde Engelstalige bonen.
Wie echter naar het product in kwestie gaat zoeken, komt bedrogen uit. Het bestaat niet. Het affiche is een opzetje van een buitenreclamebedrijf om de effectiviteit van buitenreclame aan te tonen, een nepperd dus.
Nepwegwijzers
Geplaatst op: 14 februari 2014 Hoort bij: Kunsten 1 reactieBij het zoeken naar paddestoelen – namelijk die van de ANWB – in mijn fotocollectie kwam ik deze twee weer tegen, gemaakt in 2008 en 2009 respectievelijk bij Noordlaren en bij een pad tussen Kropswolde en Nieuwe Compagnie.
De eerste verwijst naar privéterrein:

De tweede is kunstzinnig en poëtisch bedoeld:

Vraag me nu af of er nog meer van zulke paddestoelen zijn, die het ijzersterke ontwerp van de ANWB eer aandoen, door het te emuleren.
Plaatjes van de stad uit een “prachtalbum” van Hommes
Geplaatst op: 16 januari 2014 Hoort bij: Kunsten, Stad toen 8 reactiesIn de zomer en vroege herfst van 1928 adverteerde de koffie- en theehandel Jac Hommes uit Groningen voor een album over het noorden des lands. Tegen inlevering van koffiezakken kon men de plaatjes voor het album krijgen:

Volgens de firma Hommes wilde zij de kennis van het noorden vergroten:
“Zijn land leeren kennen is de beste wijze, het te leeren liefhebben. Niet een ieder is in de gelegenheid zich die kennis door reizen en trekken eigen te maken. – Een prachtig hulpmiddel is zich door afbeeldingen een voorstelling van zijn land, de zeden en gebruiken te kunnen vormen.”
Dit is de voorkant van het album:

Hoewel het album oer het noorden ging, werd het hier niet gedrukt, maar in Deventer. Ook de illustrator kwam van elders – de plaatjes waren namelijk aquarellen van de Amsterdams/Gooise kunstenaar en graficus Eelco Cornelis Leegstra (1891-1968), wiens werk volgens een krantenbespreking uit die tijd de toets der kritiek zonder meer kon weerstaan. Toch vond ik het in eerste wat vagefloeperig, wat mede zal komen doordat er veel charme verdwijnt bij het verkleinen tot albumplaatjes. Ik heb die van de stad Groningen gescand, licht bewerkt en hieronder geplaatst. Zo vergroot blijkt de kwaliteit nogal wisselend.
– Grote Markt met kramen en wagen van Hommes – er lijkt iets mis met het perspectief:

Peerdekeuren op de 28ste augustus, vrij naar het bekende werk van Eerelman:

– Gezicht op de Vismarkt door het Koude Gat:

– Het Poortiershuisje aan het Damsterdiep:

– Oosterhaven, iets te ruim uitgevallen:

– Hardddraverij in het Stadspark, waar de paarden kennelijk nog met de klok mee reden:

De kunstenaar zal hebben gewerkt naar prentbriefkaarten, want ik denk niet dat hij voor het maken van deze plaatjes naar Groningen kwam. Goed opgeleid was hij wel: hij had immers de Tekenschool voor Kunstambachten en de Rijksacademie voor Beeldende Kunst in Amsterdam doorlopen. Naast illustraties voor met name jeugdboeken maakte hij affiches, kalenderplaten, maar toch ook wel vrij werk.
Bevrijdingspenning
Geplaatst op: 13 januari 2014 Hoort bij: Geschiedenis, Kunsten 4 reactiesOnlangs via Marktplaats gekocht – deze penning:

Echt veel informatie is er niet over te vinden, maar hij is eind april 1946 geslagen bij de Rijksmunt in Utrecht om de Bevrijding van een jaar eerder te herdenken. Op de voorzijde staat volgens een krantenbericht uit die tijd niet zozeer de Nederlandse maagd, als wel
“…een Vrijheidsfiguur met vrijheidehoed, die zich een weg baant met zwaard en vredespalmtak uit een prikkeldraadversperring”.
Op de achterkant vertrapt de Nederlandsche leeuw een hakenkruis dat al aardig verbogen raakt:

De ontwerper van de penning, Oswald Wenckebach, zat in een nationaal comité voor oorlogsmonumenten. Hij heeft naderhand ook het provinciale oorlogsmonument (St-Joris en de draak) op het Martinikerkhof in Groningen ontworpen.
Volgens het aangehaalde krantenbericht kon een degelijke bronzen afslag van de penning in mei 1946 voor ƒ 4.50 gekocht worden bij hoofdpostkantoren in steden als Groningen, Winschoten, Assen en Meppel. Een koper kreeg er een statiefje bij waar hij de penning op kon plaatsen. Dat statiefje ontbrak bij mijn aankoop.
Busstation Grote Markt in de winter (1961)
Geplaatst op: 24 december 2013 Hoort bij: Kunsten, Stad toen 8 reacties
Deze kaart kwam een tijdje geleden tevoorschijn uit een door mij aangeschaft tweedehands boek. Op de binnenkant staat een menu uit 1961 voor een diner, gegeven ter ere van ene Jaap die veertig jaar bij het Gemeentelijk Vervoersbedrijf werkte. Op Jaaps werkkring is de voorstelling behoorlijk toepasselijk, want de kaart toont ons het toenmalige busstation aan de noordzijde van de Grote Markt in Groningen.
Ik vind het eigenlijk wel een mooi plaatje. Het wintersfeertje zit er goed in, waarbij ik me afvraag of die bovenleidingen van de rode trolleybussen niet link waren wegens ijsval. De mensen rechtsvoor op de glimmende stoep lijken zich echter niet bewust van het gevaar. Zij kuieren doodgemoedereerd richting Zwanestraat. Alleen de blauwe auto links – een Renault? – is wat mij betreft perspectivisch minder geslaagd.
De maker van de voorstelling was Ronald Frijling (1917-1997), die wel meer van dergelijke winterse stadsgezichten produceerde. Hij groeide nota bene op op Bali en illustreerde in de jaren ’40 en ’50 tal van Nederlandse jeugdboeken die over Nederlands Indië gingen. Ook gaf hij wel tekenlessen en accepteerde hij opdrachten als een wandschildering bij Defensie, maar mislukte desalniettemin als vrij kunstenaar. Zo schreef ene G.K. (van ’t Reve?) anno 1946 in De Waarheid:
“Het werk van Roland Frijling komt niet boven het illustratieve uit. Zijn tekeningen zyn academisch en missen iedere spanning. Hy schynt ons te weinig artist om van zyn vakmanschap ten volle gebruik te kunnen maken.”
Vanaf ongeveer 1956 was Frijling (daarom) voornamelijk actief in de kerstkaartenbranche. Zijn productie lag op enkele honderden stuks per jaar en hij kon heel genoeglijk over de trends in deze branche vertellen, zoals onder meer blijkt uit interviews in de Leeuwarder Courant (1966) en het Nieuwsblad van het Noorden (1976). Zijn ommezwaai naar commercieel werk, in die idealistische era ongetwijfeld afgekeurd door collega’s die liever van de contraprestatie leefden, verdedigde hij met uitspraken als deze:
“Jaren heb ik geprobeerd als een bohemien te leven, maar dat lukte niet. Ik kan niet slapen als ik mijn rekeningen niet heb betaald. Van een beetje luxe houd ik wel.”

Recente reacties