Bloemenrand
Geplaatst op: 25 mei 2014 Hoort bij: Ommelanden 1 reactieLangs het nieuwe fietspad tussen Zuidhorn (Zuiderweg) en Den Horn (sportveld):




Het rruikt er sterk naar kamille. Vorig jaar kwam er nog weinig op van het wilde bloemenmengsel dat de gemeente Zuidhorn hier inzaaide, maar dit jaar is het hier feest.
Langs de Waddenzeedijk
Geplaatst op: 17 mei 2014 Hoort bij: Ommelanden, Wadden 14 reactiesNoordpolderzijl, waar het Zielhoes bijna koude koffie serveerde:

De geul voor de zijl – hoog water:

Kwelder:

Alle schapen zaten aan de koele zeekant:

Borkum in de verte:

Bergeend en kluut:

Enorm veel ganzen op de kwelders. Af en toe hoorde je aan de andere kant van de dijk een doffe dreun – de boeren proberen ze zo van hun land af te houden:

Aardappelteler:

De Wadloper. Beeld bij Pieterburen op de dijk (het stond vroeger in Pieterburen zelf):

Aardappelveld vertoont micro-reliëf bij Kloosterburen:

Nieuw Onrust, een voormalige eendenkooi waar je niet in mag (foto is door de spijlen van het hek genomen):

Verdronken? lam op een bedje van zeewier:

Lauwersoog, het andere Urk:

Wierumerschouw, replica (met dank aan SB te D) met op de achtergrond Schiermonnikoog:

Geul en geultje:

Windvaan op de hervormde kerk van Paesens:

Aan de Friese kant van het Lauwersmeer heb je fantastische dijkcoupures, zoals deze:

En deze:

Het Amerikaanse spionnennest bij Burum lijkt steeds meer schotels te tellen:

Weer op Groninger bodem – het Piepke bij Munnekezijl (piepke was op het Groningse platteland wel vaker de aanduiding voor een boogbrug, bijv. ook in Noordbroek):

De avond valt bij het Lettelberterdiep
Geplaatst op: 16 mei 2014 Hoort bij: Ommelanden 6 reactiesKwakende kikkers, zingende vogels, de geuren van vers hooi en fluitekruid. Wat wil een mens nog meer? Nou ja, een beetje uitzicht erbij kan ook geen kwaad:








Rondje Westerkwartier
Geplaatst op: 5 mei 2014 Hoort bij: Ommelanden 5 reactiesAfsteekpaadje om snel op het viaduct in de Roderwolderdijk te komen:

Arcadisch tafereel bij de Lettelberterpetten:

Reed in Lettelbert per ongeluk een particulier pad op. Daar liepen deze parelhoenderen:

Meidoorn:

Laagvlakte met paardenkudde tussen Lettelbert en Midwolde:

De Middenweg tussen Tolbert en Boerakker:

Bij de Dijkweg tussen Bakkerom en de Mensumaweg ging de lucht zwanger van de meidoorn- en fluitekruidgeuren:

Dijkweg 2:

Obsoleet damhek bij de Dijkweg:

Fluitekruid, blauwgras, fluitekruid (Dijkweg):

Dijkweg 5:

Veengebied ten zuiden van de Dijkweg

Vanaf ’t Kret – de Osseweide met zwanen; op de achtergrond de torenspits van Zuidhorn:

Langs de Mensumaweg bij Niekerk: Fluitekruid met op de achtergrond een pas geprepareerd aardappelveld:

Koeienkolonne bij de Dijkstreek:

Fuutjes op het Hoendiep:

Ommetje Winsum
Geplaatst op: 3 mei 2014 Hoort bij: Ommelanden 2 reactiesKleiwerd vanaf de Noodweg even voorbij Gravenburg:

Middeleeuwse tochtsloot even ten westen van Dorkwerd, die diende voor de ontwatering van Lieuwerderwolde (Hoogkerk + Leegkerk). Rechtsachter de nieuwe schuur van de Kolde Ovend:

Ouwe Hunzemeander (niet het water maar het land met de bloemetjes), Klein Garnwerd:

Drogende klei:

Winsum, Isolatorenlaan (eigen weg):

Vraag me niet wat voor agrarische werkzaamheden hier precies worden verricht, maar die boer gebruikt er een mooi oud trekkertje voor (Schilligeham):

Schaphalsterzijl:

Ouwe dijk bij de Roodehaan:

Bij de boerderij in Feerwerd die vroeger van mijn oud-tante en oom en hun zoons was (en waar ik in de jaren zestig meermaken logeerde), zijn nu ook de boomstompen weggehaald, zodat de roekenkolonie definitief niet meer zal terugkeren:

Rooie blaarkop op de Feerwerdermeeden:

Garnwerd in clair-obscur:

Bij de Zijlvesterweg hoorde ik links van me uit een sloot gealarmeerd eendengesnater opklinken. Mèt zag ik een reiger daar wegvliegen die iets groots in zijn snavel droeg. Hij streek rechts bij een sloot neer, helaas achter een hek, maar ik was er nog net snel genoeg bij om de laatste stuiptrekkingen van het geroofde eendekuiken vast te kunnen leggen:

Floravaria
Geplaatst op: 26 april 2014 Hoort bij: Hoogkerk, Ommelanden 4 reactiesIn enkele weilanden bij Enumatil zie je enorme hoeveelheden paardebloemen:

Op andere percelen staat helemaal niets, terwijl er ook nog stukken zijn, waarvan alleen de randen bezaaid lijken:

Een al jarenlang leegstaand boerderijtje bij de Aduarderdiepsterweg:

De bloemperken worden allang niet meer geschoffeld, maar de tulpen knallen nog steeds dwars door het onkruid heen:

Arcadische genoegens rond de stad
Geplaatst op: 24 april 2014 Hoort bij: Ommelanden Een reactie plaatsenWild raapzaad bij Eiteweert:

Aduarderdiepsterweg:

De ideale camouflage voor een buitenaardse invasie:

Koeientoneel te Leegkerk:

De kerk van Leegkerk:

Kalverselectie bij Slaperstil:

Baggeraars op het Van Starkenborghkanaal:

Bij de grens van stad:

Onbewogen land
Geplaatst op: 23 april 2014 Hoort bij: Kunsten, Ommelanden 2 reactiesFilm van Itamar Kool over de omgeving van Westerwijtwerd, haar bewoners en de aardbevingen:
Wind mee vanaf Nieuweschans
Geplaatst op: 20 april 2014 Hoort bij: Ommelanden 4 reactiesEen mooi stuk koolzaad vanaf Nieuweschans in de richting van Nieuw-Beerta:

Imker aan het werk:

Wat dichterbij;

En vanuit een andere hoek:

Boerderij op Finsterwolderhamrik vervalt steeds meer:

Het enige nog zichtbare raam van de bovenverdieping:

Oostwold vanaf de Goldhoorn:

Topgevel boerderij Oostwold:

Het gerestaureerde hek van het kerkhof, Oostwold:

Op de grens van Oostwold en Midwolda hebben ze een enorme kuil gegraven – het is een soort van zwaaikom of sluis:

Deze geeft toegang tot het nieuwe kanaal dat straks aantakt op het Termunterzijldiep. Daarvan is al een stuk klaar bij Midwolda:

Een enorm karwei, zo’n kanaal graven:

Siamees tweelinghuisje op de diepswal bij Zuidbroek:

Met een aardig gevelsteentje van een watermolen:

Kolham, de plek waar in 1959 gas aangetroffen werd:

Kotje in Westerbroek:

Topstukken van het Damster stadsmuseum
Geplaatst op: 5 april 2014 Hoort bij: Geschiedenis, Ommelanden 13 reactiesVanmiddag naar Delfzijl gefietst en onderweg het Museum Stad Appingerdam aangedaan. Ziehier een selectie van enkele topstukken.
Hoofdprijs van de vogel- of papegaaischieterij van 1546. De schutterskoning kreeg deze aan een lint of iets dergelijks om zijn hals:

Gevelsteen om te herdenken dat abt Dico de Groninger in 1561 een nieuwe poort liet bouwen bij het plaatselijke Augustijner klooster:

Publicatie waarmee het stadsbestuur de nieuwe tijdstippen voor de beide jaarmarkten bekend maakte (1658):

Een waag voor het wegen van bijvoorbeeld boter:

Portret door een Hauck van Alegonda van Sijsen (1750-1829), de vrouw van Campegius Hermannus Gockinga. Ze was de dochter van een Groninger burgemeester en haar man was eveneens een vooraanstaand bestuurder, onder meer als lid van de Nationale Vergadering, zeg maar het parlement van de Bataafse Republiek. Kennelijk werd in zulke kringen nog klederdracht gedragen:

Etensbord met de konterfeitsels van Willem V en zijn gemalin Wilhelmina van Pruisen. Zij had de broek aan, maar haar borst lijkt uit haar decolleté te piepen:

Houten schooltas, beschilderd:

Hazewind, detail schilderij (waarvan ik de maker vergat te noteren):

Ommetje Bedum
Geplaatst op: 8 maart 2014 Hoort bij: Ommelanden, Stad nu Een reactie plaatsenSchepen bij een voormalig graanpakhuis EMG aan het Eemskanaal:

Het boerderijtje tussen Noorddijk en Zuidwolde staat er nog en is te koop:

Wipkar bij Noordwolde:

Krokussen:

Ook het boerderijtje bij het Boterdiep bij Bedum staat er nog en wordt zelfs weer bewoond:

Die van even verderop krijgt een nieuw dak:

Bij het Stadspark het eerste ijsje van het jaar. Boomstronk bij het Omgelegde Eelderdiepje:

Grazende ganzen bij de Bruilweering:

Huis in Obergum verraadt zijn geheimen
Geplaatst op: 11 februari 2014 Hoort bij: Ommelanden 5 reactiesWas vandaag tussen de bedrijven door even in Obergum om te kijken in het pand waar ik laatst ook al even was. De echte rommel is opgeruimd en nu treden allerlei kleine bouwsporen aan het licht, die iets vertellen over zijn verleden.
Versierde deurpost, zeventiende eeuw:

De versiering maakt deel uit van een dubbel stel zuiltjes, dat weer een restant is van een beddewand:

Sleutelstuk, dat ik niet terugvind in deze kleine catalogus:, maar dat ook uit de zeventiende eeuw is:

Vanaf een moment in de negentiende eeuw tot 1950 is het pand een bakkerij geweest. Misschien hangt met die functie samen dat de kelderverdieping van onder tot boven betegeld was, hoewel het (tegelijkertijd) ook een woonkelder kan zijn geweest. Die tegels – witjes en gekleurde – zijn er op een gegeven moment grotendeels uit gesloopt, helaas. Restant van een kanariekooitje (tegeltableau):

De tegels kwamen uit verschillende perioden – de rechter met de florale motieven werd gemaakt in de periode 1725-na 1800::

Linksonder een soldaat, rand met bloemen en vogels:

Kinderspelen, die ook nu nog wel worden gemaakt:

Gehavend landschapje:

Antiek sluitwerk:

Bij het opruimen kwamen twee borden als deze tevoorschijn. Waarschijnlijk zijn ze gebruikt voor een noodbrug, toen de boog van Winsum-Obergum in de oorlog opgeblazen was:

Partijtje oude flessen. Een etiket dat ik natrok bleek van rond 1900:

Verroeste lettervormen van de bakkerij:

Gietijzeren ornament aan zoldering voor ontluchtingskoker:

Behangetje met tedere bloempjes:

Als je het mij vraagt een sierlijst van een ledikant uit de achttiende eeuw:

Krantenpapier dat op een betengeling zat, geeft het jaar van een vorige verbouwing prijs:

Klaas Jan, bedankt!
Retour Obergum
Geplaatst op: 18 januari 2014 Hoort bij: Ommelanden 5 reactiesDorkwerd vanaf de Zijlvesterweg halverwege Slaperstil:

Oostum vanaf de dijk tussen Wierumerschouw en Hekkum:

Venster van een geitenkotje bij Hekkum:

De Vogelvanger van Jon A. Gardella (2012). Misschien ligt het aan mij, maar ik zie vooral vrije vogels en geen mensfiguur:

De boog van Winsum vanaf de Obergumer kant:

Ik was even op visite in dit pandje, dat straks een grote opknapbeurt ondergaat. De voorgevel is van 1880, 1890 schat ik, maar binnen zijn er bouwsporen vanaf de late Middeleeuwen. Als de troep eruit is, kom ik nog een keer en maak ik een reportage:

In de etalage er tegenover deze velocipède die opgebouwd lijkt uit moderne materialen:

Spoorwegovergang Winsumermeeden:

Rondje Ezinge
Geplaatst op: 12 januari 2014 Hoort bij: Hoogkerk, Ommelanden 4 reactiesEen 40 à 50 kilometer fietsen, dat doe ik niet vaak in januari. Bij de volkstuintjes van Hoogkerk:

Schuur met hekken, Leegkerk:

Kronkelsloot tussen Kleiwerd en Heemwerd:

Dorkwerd vanaf de overkant van het Van Starkenborghkanaal::

Feerwerdermeeden, boven de sloot rechts dansten mugjes (wat overigens geen goeie foto opleverde):

Fransum:

In Fransum een expositie van werk, gemaakt door de onlangs overleden Harro Nikkels:

Afgedankte en kapotgeslagen sneldekkers als bermopvulling:

Silhouet-selfie op ’t fietsie bij Suttum (Of: “Pas nou toch op kerel dat je de sloot niet inrijdt”):

Bij mijn achterneef geweest, wat zelden voorkomt in januari. Op de terugweg dit gezicht op een elektriciteitshuisje te Feerwerdermeeden:

Laaiende kop-hals-romp:

Suikerfabriek Hoogkerk:

Het beruchte smokkelaarsoord De Lethe
Geplaatst op: 10 januari 2014 Hoort bij: Geschiedenis, Ommelanden 17 reacties
Er hangt een romantisch waas rond smokkel. De werkelijkheid echter, was niet romantisch maar rauw, zo blijkt uit oude kranten.
Omdat ik benieuwd was of het zaakje van Hindrik Perton ook nog de Winschoter Courant had gehaald, keek ik even in de legger van die krant over eind 1889. Het bleek jammer genoeg niet het geval. Wel viel mijn oog op een bericht van 6 december over De Lethe, een gehucht bij de Duitse grens achter Bellingwolde:
“Het om zijn sluikhandel zoo beruchte Lethe doet weder van zich hooren, Meermalen vallen er toneelen voor, waarbij kinderen en vrouwen zoowel als mannen op den voorgrond treden, waarbij het niet alleen bij woorden blijft, maar daden aan de vreeselijkste bedreigingen en scheldwoorden klem bijzetten. Gelukkig slechts zijn dit een paar famieljes die het bovengenoemd beroep uitoefenen, en soms, wanneer er ‘geen zaken te maken’ zijn, uit verpoozing zoo’n spectakelstuk opvoeren. Dooden komen er in den regel niet, hoogstens enkele gekwetsten, maar toch laten de sporen der verwoesting nog lang daarna zien, waar de veldslag is geleverd. Van deze ‘uitspanning’ wordt echter weinig notitie genomen: ’t is onder ‘de vrinden’.”
Enerzijds heet De Lethe dus berucht om de smokkel, anderzijds zijn het slechts een paar families die dat als beroep uitoefenen. Onderling gaan die nogal eens gewelddadig te werk.
Die gewelddadigheid blijkt ook wel uit andere berichten, zoals in Het Nieuws van den Dag van 20 januari 1886:
“Zaterdagavond kregen in de Lethe, gem. Bellingwolde, twee beruchte en bij de politie welbekende personen twist over het verraden van smokkelaars aan de administratie. De van verraad betichte J. Smit ging toornig naar huis, doch keerde spoedig daarop terug met een geladen geweer, waarmee hij op zijn makker aanlegde en dezen den rechterarm bijna geheel verbrijzelde. (…) De aanslag geschiedde aan de grens,’ onmiddellijk nabij twee Duitsche douanen.”
Diezelfde krant meldde een half jaartje later:
“Verleden week Dinsdag is door de Rijks-ambtenaren uit Bellingwolde huiszoeking gedaan bij een paar beruchte sluikers in de Lethe, bij welke gelegenheid een belangrijke hoeveelheid accijns-goederen werd verbeurd verklaard en in beslag genomen. De beide sluikers, die onder één dak wonen, beschuldigden vervolgens elkaar wederkeerig van ‘verraad’, en spoedig kwam liet tusschen hen tot grove handtastelijkheden. Glazen en deuren werden ingeslagen en verbrijzeld, waarna zij elkander ook persoonlijk te lijf gingen. De een, Jan Kuiper, werd zwaar gewond aan het aangezicht, terwijl twee ribben gebroken zijn en hij erg in de borst gekwetst is. Ook zijne vrouw is ernstig aan den arm verwond. Na een gestreng onderzoek is de andere sluiker, Jan A. van der Laan, in verzekerde bewaring genomen en door twee veldwachters naar Winschoten overgebracht. Zijne dochter, tegen wie insgelijks bevel tot inhechtenisneming was uitgevaardigd, is over de grenzen naar Duitschland gevlucht. In het huis van v. d. L. heeft men nog een pistool en een bijl gevonden, waarvan hij zich in zijne drift bediend had.”
Uiteraard was er nogal eens drank in het spel. De Lethenaren spuugden er niet in. Nogmaals het Nieuws van den Dag, maar dan van 4 september 1896:
“Uit Bellingwolde (Gr .) schrijft men ons eenige bijzonderheden over een brand nabij de Lethe, onder die gemeente, in een huis dat een paar meter maar over de scheiding stond en bewoond werd door R. Edens en diens gezin. In dat huis was eene drukke slijterij in sterke dranken (voorloop) en kandij. Zoodra de brand (…) bekend werd, kwam er veel volk op de been, en bij die gelegenheid werd zeer ruim gebruik — beter gezegd: misbruik — gemaakt van den aanwezigen voorraad sterken drank. Sommigen gingen zelfs de voorloop versnijden in een klomp bij de sloot. De gevolgen bleven niet uit. Sommigen kwamen in de sloot terecht en anderen moesten op een kar naar huis gebracht worden. Er volgde natuurlijk eene vechtpartij, totdat eindelijk de gendarmen uit Bunde verschenen en aan deze tooneelen een einde maakten.”
Datzelfde najaar namen de Duitsers geen halve maatregelen tegen de smokkelarij. Ze maakten het gebied aan hun kant van de grens goeddeels onbegaanbaar, aldus het Nieuwsblad van het Noorden:
“Tusschen Lethe (Gr.) en Oost-Friesland (Pruisen) bestaat gemeenschap langs een achttal kleine paden, zoogenaamde hondspaden, waarvan gebruik wordt gemaakt door de smokkelaars. Ten einde den smokkelhandel zooveel mogelijk tegen te gaan, is aan de overzijde der grens begonnen met alle verkeerswegen, uitgenomen de straatwegen, weg te maken.”
Aan het aantal krantenberichten af te lezen, heeft dit inderdaad het gewenste effect gehad. Maar niet definitief, want in januari 1926 was het weer even goed mis, als we afgaan op het Nieuwsblad:
“Op hooger bevel houden rijksambtenaren in de Oost-Groningsche grensplaatsen dagelijks onderzoekingstochten in woningen, waarin vermoed wordt, dat gesmokkelde spriet aanwezig is. Te Lethe, te Rhederweg enz. is reeds spriet in vele woningen in beslag genomen.”
Volgens het Nieuw Groninger Woordenboek van Ter Laan komt dat spriet van spiritus. Deze voorloop of foezel (jenever die bij het stoken het eerst overgaat) was dermate sterk dat mensen het meestal voor de helft verdunden.

Recente reacties