Groningen in The New York Times
Geplaatst op: 23 oktober 2005 Hoort bij: Stad nu, UK + RUG Een reactie plaatsen
In dit millennium haalde Groningen 20 maal de kolommen van The New York Times. In 3 artikelen (15 %) gaat het om het ‘Groningen protocol’, in 4 artikelen (20 %) gaat het om sport, in 6 artikelen (30 %) om cultuur en in 7 artikelen (35 %) om wetenschap en academisch onderwijs.
Op het eerste gezicht zijn de universiteit en de cultuur van de stad dus erg belangrijk voor haar naamsbekendheid in den vreemde. Maar in lang niet alle artikelen komt Groningen even uitvoerig aan bod, soms wordt de stad alleen zijdelings of terloops genoemd, en daarom verdient het aanbeveling om maar eens wat beter naar elke categorie te kijken.
De 3 artikelen over het Groningen protocol stonden van maart tot juli dit jaar in de NYT. Aanleiding was de publicatie, in het New England Journal of Medicine, van het protocol dat de kinderkliniek in het UMCG hanteert voor euthanasie op zeer zwaar gehandicapte babies, die onmenselijk lijden en zo ernstig ziek zijn dat ze nauwelijks kans hebben om lang te overleven. Eduard Verhagen, het hoofd van de afdeling neonatologie in het UMCG, volgens euthanasie-bestrijders “Dr. Death” en “een tweede Hitler”, leidde de correspondent van de licht-progressieve Amerikaanse krant rond in zijn kliniek, “surely the world’s most controversial pediatric ward”. Duidelijk is dat de NYT zelf begrip voor het protocol probeert op te brengen, maar een vaste commentator gaf deze “legal basis for death administering work” weer het nadeel van de twijfel, omdat men zich volgens hem met deze richtlijn op een “slippery slope” begeeft.
In de 4 artikelen over sport gaat het voor driekwart om (Zuid-)Amerikaanse voetbal-internationals, die net met hun club toevallig een uitwedstrijd in Groningen hadden gespeeld. Het resterende stuk behandelt de eerste etappe van de Giro d’Italia, editie 2002, tussen Groningen en Munster. Qua naamsbekendheid van Groningen lijkt me het laatste stuk veruit het belangrijkst.
In de cultuursector – 6 artikelen – staat voor tweederde architectuur centraal. Stukken over Stella en Tschumi melden terloops dat er zich in Groningen – “a small city in architecture besotted Holland” werk van deze kunstenaars en bouwmeesters bevindt. Wat zwaarder wegen passages, gewijd aan het UMCG, in een artikel over nieuwe inzichten bij het ontwerpen van ziekenhuizen. Maar het belangrijkst voor Groningen lijkt me het artikel, helemaal gewijd aan de bouw van het Wall House van John Hejduk, de voormalige decaan van een New Yorkse architectuur-academie.
Buiten de architectuur stellen de culturele Groningen-meldingen weinig voor. Joris Teepe en zijn Groningen Art Ensemble haalden een uitgaansagenda, en begin 2000 overleed in Berkeley bij San Fransisco Lucas Hoving of Hovinga (87), een vermaard modern choreograaf en danser, die oorspronkelijk uit Groningen afkomstig was en in deze stad ook zijn eerste opleiding genoot, voor hij emigreerde.
Ook de 7 NYT-artikelen, waarin het gaat om wetenschap en universitair onderwijs, wegen natuurlijk niet allemaal even zwaar. Terloops meldt de NYT in de necrologie van Wim Duisenberg, dat de eerste Europese bankpresident en genius achter de invoering van de euro in Groningen economie studeerde. Van veel groter belang zijn de stukken over wetenschappelijk onderzoek aan de RUG, de hoofdmoot in deze groep. Het betreft dan medische studies naar een gevaarlijke vorm van onregelmatige hartslag en naar het verband tussen vetzucht en levensduur, een sterrekundig onderzoek naar quasars, en research van biologen naar de evolutionaire wortels van persoonlijkheid bij dieren.
Duidelijk ondergeschikt aan de NYT-aandacht voor de harde wetenschap is die voor universitair onderwijs. De RUG komt zijdelings voor in een stuk over coachende onderwijsvormen, maar staat daarentegen helemaal centraal in een artikel uit 2003 over de invoering van het bachelor- en masterstelsel. De onderkop:
“The University of Groningen in the Netherlands is at the forefront of a Europewide move to harmonize curriculums and structure”.
Schrappen we nu de terloopse meldingen, dan houden we aan relatief zwaar wegende stukken over:
3 artikelen over het ‘Groningen protocol’,
1 stuk over de Giro-etappe,
1 stuk over het Wall House van Hejduk,
4 artikelen over medisch en natuurwetenschappelijk onderzoek,
1 stuk over het veranderende onderwijs aan de RUG.
Een grondige lezer van The New York Times die verder helemaal niets leest, zal de naam Groningen dus vooral associëren met de universiteit, en dan met name de harde wetenschapskant. Verder springt de euthanasie-richtlijn in het oog, ook omdat die het positieve beeld van de stad, opgeroepen door de andere stukken, dreigt te ondergraven. Je kan daarom betreuren dat Verhagen zijn protocol zo noemde, maar aan de andere kant zou de naam Groningen ook zonder die vernoeming wel in de stukken gevallen zijn.
Foto: het Tschumi-paviljoen op het Hereplein.
Feesteiwitten
Geplaatst op: 17 oktober 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
Heb ik even een legger van een stokouwe UK-jaargang nodig, valt mijn oog op een heimelijk gestashte levensmiddelenvoorraad: halfje bruin, een pak met 200 gram De Ruijter banaanfeest chocoladevlokken en maar liefst tien spuitbussen Russische slagroom, waarvan de uiterste verkoopdatum ruim een maand verstreken blijkt.
Bij ampele navraag wist een welingelichte bron die beslist niet met zijn naam in de krant wil te vertellen dat dit nou het ontbijt vormt van een onzer studentredacteuren.
Waar gaat het met de wereld heen, vraag ik u. In de academische kantine is er ’s ochtends alleen dankzij volhardend doorzeuren nog een simpel broodje ham verkrijgbaar, terwijl de student van tegenwoordig zich op dat vroege tijdstip reeds tegoed doet aan orgiastische hoeveelheden feesteiwitten.
Studentenonthoofding
Geplaatst op: 15 oktober 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
Je hebt mensen, zoals de kerkdief van Eenum, die openbaar kunstbezit ten eigen bate privatiseren. Maar je hebt ook mensen die privé-cultuurbezit ter lering en vermaak van Jan en Alleman tentoonstellen. Zo iemand is de heer of mevrouw Servatius, een naam die ik met Zuidlaren associeer, maar iemand die duidelijk geen prijs op e-mails stelt en die als collectioneur van antieke en klassieke foto’s een oude fotoweblog onderhoudt, waarop af en toe zeer curieuze plaatjes te zien zijn. Vandaag plaatste Servatius deze prent op zijn blog van Groninger studenten die doen alsof ze Al Zarqawi zijn. De plaat is circa 1890 gemaakt door de bekende fotograaf J. Kramer, die kennelijk ook al fotosjoppen kon. NB: op studentikoze wijze nemen de poserende jongemannen hier een loopje met hun burgerlijke achtergrond. Vanouds stond de beul in een dermate kwalijke reuk, dat geen fatsoenlijke familie ermee wilde omgaan.
Eerder op de blog van Servatius:
Schakende Groninger studenten, ca. 1880 gemaakt door JG Kramer.
Van der Leeuwlezing
Geplaatst op: 14 oktober 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
De Indiase schrijver Amitav Ghosh en gastheer Anton Brand na afloop van de Van der Leeuwlezing in de Martinikerk.
In zijn verhaal zette Ghosh drie zienswijzen op de natuur naast en tegenover elkaar: a) de romantische en ecologistische van de ongerepte en onbewoonde natuur, b) de rationele van de natuur die tot en met het merg te exploiteren valt, en c) een Indiaas-fictionele, waarin de mens zich principieel deel weet van de natuur. Volgens hem is alleen fictie nu nog in staat om de verhouding tussen mens en natuur in al haar facetten te tonen. Alleen literatuur kan een nieuwe voorstelling van de natuur maken waarin de mens niet als rover maar als partner opgenomen is.
Net als indertijd bij Iris Murdoch, Amos Oz, en Simon Schama maakte de akoestiek van de Martinikerk deze Van der Leeuwlezing weer tot een ware auditieve beproeving. Onder degenen die het allemaal niet konden volgen was hoofdredacteur Pieter Broertjes van de Volkskrant. Hij dutte in op zijn eersterangsplaats. Gelukkig kan hij het verhaal van Ghosh morgen nog eens rustig in zijn eigen krant nalezen.
Henk Jurriaans obiit
Geplaatst op: 13 oktober 2005 Hoort bij: autobio, Kunsten, UK + RUG Een reactie plaatsen
Henk Jurriaans, de stille kracht achter Marte Röling, is gister overleden, vlak voor zijn 65e verjaardag.
Toen het Harmoniecomplex de wimpel kreeg, ben ik eens bij ze op bezoek geweest, in Uithuizen. Stel je een gigantische Groninger boerderij voor, met op het erf onder andere terreinwagens en een starfighter. In de schuur meerdere projecten van Röling en haar partners, onder andere de wimpel. Ook is er, een beetje verloren in dat immense atelier, een open bibliotheek met een zitje.
Vagelijk wist ik dat er enkele legenden om Jurriaans heen zweefden, maar van de kapsonus of curieuze toestanden die je dan misschien verwacht, was hoegenaamd geen sprake. Het was gewoon een hele aardige kerel, in zijn met polyester besmeurde overall. Die vooral Röling het woord liet doen. Volgens Röling fungeerde hij als haar constructeur, haar technische man. Dat was de rolverdeling, zonder hem zou ze veel minder kunnen.
Röling en hij schuurden op dat moment van ’s morgens acht tot ’s avonds half twaalf aan dat beeld, vertelden ze. De twee huisgenotes lieten zich ook nog even zien. We dronken grote mokken koffie, en Röling bood me nog een sigaar aan, die ik beleefd heb afgeslagen.
Bij de onthulling van de wimpel, in juni 1999, ben ik niet geweest, maar ik zag ze er anderhalf, twee jaar later wel weer even bij terug. Want de wimpel was dankzij een storm iets uit het lood geslagen en moest eerst gespalkt om daarna met gelijkgekleurde polyester bij de voet te worden verdikt. Bivakkeerde het hele stel met een camper op het Harmonieplein. De rolverdeling bleef dezelfde: Röling extravert en bijna brutaal optimistisch, het boegbeeld en de matrone van de familiegroep. Jurriaans ingetogen, stug doorwerkend, dienend.
Vanmiddag las ik in Het Parool dat hij overleden is, en door dat bericht komen de ouwe verhalen ook weer boven. Over zijn wekenlang naakt poseren als levend kunstwerk in het Stedelijk Museum, medio jaren zeventig, over zijn achtergrond als psychotherapeut en guru van de ‘gekte-sekte’, over zijn uitlatingen die nu helemaal niet meer kunnen, en over zijn harem. De harem waar je als burgermannetje misschien hele wilde fantasiën over hebben kunt, maar die er in Uithuizen maar verdomd gewoontjes uitzag.
1918 – 1919
Geplaatst op: 6 oktober 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
Twee maal verwijld bij het einde van de Eerste Wereldoorlog, vandaag. In de New York Times (inschrijven verplicht) staat een artikel over de oorzaken van de Spaanse griep, waar mijn grootmoeder bijna aan onderdoor is gegaan en waar ze levenslang problemen met haar nieren aan overhield.
Die Spaanse griep van 1918 eiste wereldwijd 50 miljoen slachtoffers, vooral jonge en gezonde mensen. Wetenschappers hebben nu snippertjes longweefsel onderzocht van mensen die indertijd aan de Spaanse griep stierven. Het ging om soldaten en een vrouw uit Alaska. Het weefsel van de soldaten zat in een pathologische legerverzameling, de vrouw lag begraven in permafrost. Uit de reconstructie van de wetenschappers, die het virus ook op muizen testten, bleek dat het ging om een vogelgriep, die in de mens muteerde. Wat de huidige zorgen over een uitbraak van vogelgriep bevestigt. Aan de hand van de onderzoeksresultaten kan zo’n griep nu onmiddellijk worden herkend.
Mijn grootmoeder kwam van een boerderij op de Dijkstreek, bij Het Faan, maar bleef als Drentse electriciënsvrouw kippen houden. Als ze geweten had dat dat virus oorspronkelijk van kippen kwam, had ze daar wellicht toch wat anders tegenaan gekeken.
De tweede maal dat de Eerste Wereldoorlog ter sprake kwam, was bij de USVA, waar ik heenging om Renzo T. de boeken terug te brengen die ik leende voor het stuk over Amitav Ghosh. Heb er de lambrizering van Renzo’s directeurskamer zitten bewonderen. Renzo vertelde dat hij er meteen sigaren bij dacht, toen hij de kamer voor het eerst zag. De USVA zit in een voormalig bankgebouw, Renzo schatte dat het omstreeks 1900 gebouwd was, ikzelf hield het op 1920 – 1930. Toen we buiten de gevelsteen inspecteerden bleek het 1919, met wat vervaagd eronder: “Gebouwd in het vredesjaar”, wat natuurlijk sloeg op die miserabele Vrede van Versailles.
Renzo zou dat bouwjaar nu niet meer zo gauw vergeten, zei hij.
Ghosh + Hpltrop
Geplaatst op: 29 september 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
Vandaag de hele dag bezig geweest met Amitav Ghosh die op 14 oktober de Van der Leeuwlezing gaat houden. Ziehier de synopsis van dat referaat.
Ghosh (49) is in Nederland nog niet zo bekend, maar dat komt nog wel. Als historicus, antropoloog en schrijver blijkt hij nogal een globetrotter. Eigenlijk was hij dat van jongs af aan en dat komt doordat zijn vader bij het Indiase leger zat als officier. Zelf studeerde en werkte Ghosh in Delhi, Oxford, Egypte en New York. In zijn werk spelen geschiedenis, ‘vreemde volkeren’ en ‘reislust’ en/of ‘wereldburgerschap’ dan ook een vrij grote rol. Maar ook de natuur en de manier waarop men ermee omgaat is een belangrijk thema – multiculti’s, historici en biologen kunnen hun hart dus ophalen.
Ik heb nu de tekst van zijn lezing (onder embargo, anders hoeft-ie ‘m niet meer te houden hè?), diverse interviews en recensies en twee romans. Maar in romans blijven opvattingen, als het goed is, impliciet. Dat geeft me te weinig houvast voor een portret, dus ging ik vandaag ook even naar Scholtens-Wristers, om te kijken of ze daar zijn essaybundel The imam and the Indian uit 2002 hadden. Dat bleek helaas niet het geval. Sowieso is daar nog weinig werk van Ghosh te vinden, dus morgen nog maar even wat andere boekwinkels af.
Wel staan er op de internetsite van Ghosh wat essays, onder andere dit. Het begint met een tamelijk bloedstollend verslag, jaren na dato geschreven, van het pogrom in New Delhi en wijde omtrek op de sikhs, na de moord op Indira Ghandi (1984). Aan het eind geeft Ghosh opvattingen, en daar moet ik het van hebben. Elders kant hij zich ongemeen fel tegen het van bovenaf georkestreerde geweld van Hindoe-fanaten – waar je nogal veel van hebt in India – tegen minderheden als de islamieten en de sikhs.
^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^
Nog even mijn bespreking van het boek dat Aukje Holtrop over Nynke van Hichtum schreef. Holtrop, neerlandica en journaliste, promoveert volgende week donderdag op haar biografie van deze kinderboekenschrijfster, die tevens de eerste mevrouw Troelstra was.
Faculteitsraden
Geplaatst op: 16 september 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
Vanmiddag waarschijnlijk mijn laatste letterenraad bijgewoond, want we gaan als UK-redactie de correspondentschappen bij de faculteiten anders verdelen. Letteren raak ik vermoedelijk kwijt, en de sociale faculteit ook, maar daar ben ik niet rouwig om. Wellicht krijg ik er een paar U-raadscommissies voor weer, en blijf ik de kleintjes theologie en wijsbegeerte doen.
Het vermakelijkste punt vanmiddag was een al zeer uitgeklede rokersruimte, waarvoor het faculteitsbestuur 7500 euro wilde dokken, maar die de letterenraad vanwege de geldnood even op sterk water heeft gezet. Een van de nieuwe studenten in de raad, eigenlijk al een ouwe getrouwe, maakte er een hele declamatie van.
De letterenraad heb ik vanaf 1997 gedaan. Hij was altijd de meest inhoudelijke van alle faculteitsraden die ik beroepshalve heb bijgewoond. Hij zorgde ook voor het meeste verbale vuurwerk.
De kleine raadjes zijn vooral gezellig, en bij de sociale faculteit, waar de raad altijd op dinsdagmiddag vanaf 16.00 uur in de bestuurskamer van sociologie plaatsvindt, ging het relatief vaak om procedurekwesties. Soms zat ik daar te knikkebollen, zonk mijn kin bijna op de borst, schrok ik uit mijn beginnende dommel wakker, en keek dan recht in het geschilderde gezicht daar aan de wand van PJ Bouman, de verhalende socioloog die Revolutie der Eenzamen schreef. Heel mooi boek, daar niet van, maar in de bestuurskamer van sociologie kijkt die Bouman enigszins streng.
Apologetische notities
Geplaatst op: 12 september 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsenVandaag op het werk bezig geweest met een follow-up over de reacties op het dagboek van Elske van der Vaart, en dan vooral op het punt of de Universiteitsraad werkelijk zo marginaal bezig is, als Elske daarin beweert. Maar buiten dat bestek hoor je natuurlijk ook het een en ander over je eigen rol, en die van de UK.
Allereerst verdient het ‘slachtoffer’ in dit opzicht weer een dikke pluim. “Het UK-bashen moet maar eens ophouden”, schrijft Elske van der Vaart op haar nieuwe weblog over de geluiden die ze in haar omgeving opving. Doordat de UK het adres van dat weblog aan het eind van het verhaal opnam, kreeg ze er honderden bezoekers. “Blijkbaar was het nieuwswaardig genoeg dat redelijk wat lezers er echt achteraan zijn gegaan.”
Veel reacties die ik zelf hoorde wezen op het wellicht niet geheel en al representatieve gehalte van dagboek-aantekeningen. Met die bronnenkritiek kan ik het als historicus en oud-dagboekschrijver natuurlijk best wel eens zijn. Maar dat geldt ook voor interviews. En dat je als journalist na een controversieel interview meteen derden om commentaar gaat vragen is eveneens hoogst ongebruikelijk.
Ook vinden sommige student-politici dat de UK teveel aandacht aan het dagboek besteedde, terwijl hun inhoudelijke punten er wel eens bekaaid afkomen. Die inhoudelijke punten van de studentenpolitiek vormen het pakkie-an van een collega, en diens weging van het nieuws ga ik niet afvallen. De ruime aandacht voor Van der Vaarts’ dagboek komt echter ook, doordat je toch eerst eens moet uitleggen hoe je eraan komt, wat de rijkdom ervan is vergeleken bij een huis-, tuin- en keukenweblog, om welke redenen het werd bijgehouden en wat je er wel of niet van gebruikt. Aan de behandeling van al die zaken ben je zo 400 woorden kwijt. Op een stuk van 1200 is dat een topzware inleiding. Bovendien kan een korter stuk helemaal geen recht doen aan het ‘Bildungsaspect’, ik bedoel de langzamerhand groeiende leerervaring van iemand die zich in de universitaire politiek begeeft en daar op haar eigen grenzen stuit.
Als journalist moet je een dikke huid ontwikkelen, naar het schijnt, maar op sommige kritikasters ben ik boos. Zo noemt ene Frank bij de reacties op Elskes’ weblog de UK “een soort universitaire Telegraaf”. Wie deze Frank is weet ik niet, al heb ik wel een donkerbruin vermoeden. In elk geval is hij te laf om zijn hele naam te geven. Over meer moed beschikt Hubertine Bergsma, een nieuw universiteitsraadslid, maar dan van de SOG (Studentenorganisatie Groningen). In haar stukje op de SOG-site verwijt ze de UK “niet integer handelen”. En dan was er vandaag nog een fractiegenoot van Elske, die beweerde dat we haar dagboek “klakkeloos” over hadden zitten nemen.
Van zulke mensen, die kennelijk niet de moeite nemen om Elskes’ nieuwe weblog te lezen, laat staan die van mij, zakt me echt de broek af. Van zulke mensen zeg ik dan maar, dat we elkaar in het leven altijd twee keer tegenkomen.
Raadsel
Geplaatst op: 9 september 2005 Hoort bij: UK + RUG, Webdinkies Een reactie plaatsenHm, gister voor het eerst meer dan honderd ‘unieke bezoekers’.
Waar dat nou aan lag?
Onthulling
Geplaatst op: 8 september 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsenVandaag verscheen de UK met het stuk over het web-dagboek, dat me vorige week zo bezig hield. De nieuwsgierigen die het zonder papieren UK moeten doen kunnen het artikel hier lezen. En de dame in kwestie heeft een nieuw weblog geopend, waarop ze bewijst dat humor het allerbeste weermiddel is.
De eerste reactie van buitenstaanders zijn ook binnen. Het schijnt niet helemaal tot mensen door te dringen dat het materiaal gewoon voor het grijpen lag op het openbare internet, en dat we er heel omzichtig mee om zijn gegaan.
Fata morgana
Geplaatst op: 5 september 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
Rector Frans Zwarts van de Groninger universiteit (RuG) wil het aantal buitenlandse studenten aan de RuG binnen vijf jaar tijd opkrikken van 2000 naar 5000 per jaar.
Ik vraag me af of dat geen fata morgana is. “Als universiteit hoeven we niet zoveel te doen”, laat de onverbeterlijke optimist Zwarts zich ontvallen. Maar dat zou ik met een flinke korrel zout nemen. Denk alleen aan de huisvesting. Mede door de krappe kamermarkt zijn buitenlandse studenten – soms in eerste instantie maar meestal voor de gehele periode van hun verblijf – aangewezen op gemeubileerde kamers. Die de hoger onderwijsinstellingen aanbieden via een speciale stichting. Dat is niet alleen een dure grap, maar ook de leegstand komt vaak voor rekening van de instellingen.
Verder kost de onderwijs-begeleiding van buitenlandse studenten veel meer tijd dan die van Nederlandse. Terwijl verschillende faculteiten aan de RUG al in geldnood zitten, moet er dus tegelijkertijd twee tot drie maal zoveel geld worden vrijgemaakt voor een specifieke doelgroep.
Bovendien – en dat vind ik nog wel het zwaarste wegen – is er weinig echte uitwisseling. Zowel buitenlandse studenten die hier komen, als Nederlandse studenten die naar het buitenland gaan hebben nauwelijks contact met de autochtone studenten en bevolking, en en des te meer met andere uitwisselingssstudenten die dezelfde universiteitsstad uitkozen voor een tijdelijk verblijf.
Illustratief voor dat ‘uitwisselingstekort’ vind ik het blok brievenbussen van een buitenlandse studentenflat in mijn omgeving. Op het hele blok zijn er slechts twee brievenbussen waar onze wijkkrant en de Groninger Gezinsbode welkom zijn. Op die paar bussen – een is er van de Nederlandse beheerder – zijn nee-ja stickers geplakt, in plaats van nee-nee stickers die al het ongeadresseerde drukwerk weren.
Het zal wel een particuliere hebbelijkheid zijn, maar als ik in het buitenland vertoef, ben ik ook nieuwsgierig naar de huis-aan-huis kranten in die omgeving. Van een dergelijke belangstelling kan je het gros van de buitenlandse studenten hier niet betichten.
Rookpauze
Geplaatst op: 31 augustus 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsenHet leek er even op dat de facilitaire groendienst van de RUG de bankjes op het voorplein van de Harmonie helemaal niet meer ging herplaatsen na de KEI-markt, maar het kwam er toch nog van. Als we buiten staan te roken, is dit ons uitzicht:

Vaak peuzelen mensen op de bankjes broodjes op, die ze kochten bij de broodjeszaak met de Franse naam aan de overkant van de straat. Deze mensen deponeren de zakjes van Le Casse Croute of het verderop gedomicilieerde Broodje Pigalle meestal keurig in de afvalbakken. Maar daar liggen ze ook vaak al snel weer uit. In de buurt bivakkeren namelijk verscheidene kauwenstelletjes, die verzot zijn op de restanten in de verfrommelde puutjes. Hoe de kauwen manoeuvreren om de zakjes uit de bakken te halen is iedere keer een fantastisch pauzenummer. Net als het Ministry of Silly Walks, dat soms voorbijtrekt.

Een ander pleinaspect dat zich in deze tijd van het jaar voordoet is het ongedisciplineerde fietsparkeergedrag van de nieuwe eerstejaars. Vele zijn momenteel op kamp met hun nieuwe studievereniging, maar er blijven nog genoeg over. Zelfs de zijdeur van ons pand vond ik vandaag met fietsen bezet. Na het werk onderweg naar de fietsenkelder waar ik ‘m zelf stal, kwam ik een Harmonie-portier tegen, die fietsen van het achterplein verwijderde. Voor volgende week kondigde hij een waarschuwingscampagne aan, daarna halen ze hun wielklemmen weer uit de kast. Als je er zoeen om je wiel vindt, kost je dat vijf euro. Een sanctie die erg helpt. Na zo’n klemacte blijven de pleinen opmerkelijk fietsvrij en kan ook de brandweer opgelucht ademhalen.
Gespreksnotitie
Geplaatst op: 25 augustus 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsen
She took it like a man. Gelukkig. Want macht, alle kaarten in handen hebben, zoals dat heet, zoiets staat me geweldig tegen. Daar ontleen ik geen plezier aan. Bovendien weet je helemaal niet hoe zo’n gesprek zal verlopen, hoe de reactie dan zal zijn. Je bent, ondanks alles, toch ergens nog beducht voor oplopend meningsverschil, vrouwelijke scènes misschien. En daarom ga je er gespannen heen.
Maar ze deed geen enkele poging om de zaak bij te sturen. Ze legde zich er manhaft bij neer. En vroeg of we als redactie een link naar haar web-weerwoord of nadere verklaring wilden plaatsen. Daar heb ik niets op tegen. Wordt voorgelegd. En verder was het een pretttig gesprek.
O ja, zij betaalde voor de drankjes. Een eventueel volgende keer betaal ik die.
Het schilderij is van Joost Doornik
Dilemma
Geplaatst op: 24 augustus 2005 Hoort bij: UK + RUG Een reactie plaatsenIk ben een erg nieuwsgierig mens. Dus dan krijg je op een gegeven moment wel door dat een al te grote nieuwsgierigheid niet op prijs wordt gesteld. Andermans kladbrieven uit prullebakken vissen bijvoorbeeld, is ‘not done’. Het slot op andermans dagboek met een haarspeld openmaken, dat doe je niet. Dat weet je, op een gegeven moment, als aagje. Dat zijn je ‘valkuilen’, zoals dat heet in een bepaald jargon.
Nu ben ik via een waarlijk eenvoudige methode gestuit op het weblog van iemand uit de academische omgeving waarin ik als journalist werkzaam ben. Of nee, een weblog is het niet, geen doorsnee-weblog tenminste. Het is een intiem dagboek met alles erop en eraan, dat ‘leest als een trein’.
De persoon in kwestie verkeert redelijk vaak in universitaire bestuurskringen. Ze is zelfbewust, zeer slim en schrijft uitstekend en met humor, zij het niet in het Nederlands. Tegelijkertijd is ze ook ongelooflijk naïef, in die zin dat ze zich in de gekozen taal en omgeving geheel en al onbespied waant. Er reageren wel wat mensen op haar webdagboek, maar die wonen aan de andere kant van de wereld.
Ik mag haar wel. Van een paar keer zien, maar nu ook van lezen. Anderzijds laat ze op haar webdagboek dingen los, die, als ze naar buiten komen, niet alleen haarzelf in de grootst mogelijke verlegenheid zouden kunnen brengen, maar ook enkele van haar relaties.
Ik heb erover gedacht om haar zonder verdere consequenties te vertellen, dat ik haar dagboek vond, en dat ze het maar beter kan afsluiten voor aagjes. Maar ik ben verdomme wel journalist!
Na een nacht malen en een verslapen ochtend heb ik het gister met onze nieuwe hoofdredacteur opgenomen, en in tweede instantie met onze nieuwsredacteur, die de dagboekanierster beter kent. Besloten is dat ik een verhaal maak over de politieke zaken in dat dagboek, waarbij al te persoonlijk-intieme ontboezemingen geheel en al buiten beschouwing zullen blijven. “We zijn de Privé niet”, zei onze hoofdredacteur, die daarom weer eens een potje bij mij kan breken.
Ook spraken we af dat ik de dagboekanierster enkele dagen voor publicatie zal gaan waarschuwen dat er een stuk over de universitair-politieke passages in haar dagboek aankomt. Zodat ze nog ruim de tijd heeft om de rest af te schermen, of voor zichzelf te kopiëren en vernietigen.
In de brede redactie-vergadering van vandaag leidde dit voorstel tot een tamelijk hevige discussie. De meest radicale collega vond dat internet een volkomen openbare bron is, en dat iemand die zijn gat verbrandt maar op de blaren moet gaan zitten. Ergo: ik hoefde de dame helemaal niet te waarschuwen, want dan zou ze het bron- en bewijsmateriaal voor mijn stuk kunnen laten verdwijnen en ontkennen dat de citaten uit haar dagboek kwamen. Of ze zou eventueel proberen de publicatie via de rechter te verhinderen. Natuurlijk bleef ik vinden dat je de dame op de echt kwetsbare punten voor zichzelf moet beschermen. De meerderheid ging daarin mee, gelukkig. De afspraak bleef staan, dat ik de dame een paar dagen van te voren verwittig.
Maar nu maak ik uit de jongste passages in haar dagboek op, dat er weer een heikel avontuur zit aan te komen. Eigenlijk wil ik helemaal niet verder lezen. Ik werd vanavond zelfs een beetje misselijk van mezelf, dat ik het deed.
Tegelijkertijd ben ik bang dat mede-redactieleden, die de naam niet weten, nu op zoek gaan. Opnieuw verkeer ik in dubio. Moet ik de dame liever niet meteen waarschuwen, voordat alles op straat ligt en de ellende niet te overzien is?
Dit laatste lijkt mij raadzaam.

Recente reacties