Stage bij het Dagblad
Geplaatst op: 21 januari 2006 Hoort bij: Media Een reactie plaatsenDe studente journalistiek Augie (19) uit Leidschendam liep deze week stage bij het Dagblad van het Noorden in Assen. Vooraf keek ze wat vreemd aan tegen het taalgebruik bij deze regioredactie, want: “Wie van jullie westerlingen leest er dagelijks de woorden althans en pardoes in de krant?” Maar de praktijk en vooral de collega’s vielen reuze mee.
Maandag was ze nota bene als eerste op het werk: “Journalisten lijken het niet zo nauw te nemen met de tijd. Dit gaf me wel de gelegenheid om alvast even rond te snuffelen.” Ze kreeg een item over een debatwedstrijd van middelbare scholieren in “bloody” Hoogeveen.
Dinsdag ging ze derwaarts met de trein, op haar allereerste reportage ooit: “Man wat een pubers!! met puisten en al!” En ze maakte op de terugweg mee dat iemand zich voor de trein gooide: “Maar dat was zo mislukt dat ie zelf naar de ambulance kon lopen“. Op de redactie liet ze haar foto’s van dit potentiële nieuwsfeit zien en verbaasde zich over “de enorme interesse die iedereen had. Een schouderklopje hier en een duim daar. Mijn dag kon niet meer stuk…”
Op woensdag kreeg ze het artikel niet af. Een baaldag, want ze werd ziek. De tijdelijke standplaats had ze al wel gezien: “Assen is stiekem geen stad maar een heel burgelijk provincie dorp“.
En ondanks haar ziekte, donderdag, werd haar stuk vrijdag toch geplaatst: “Natuurlijk zo snel mogelijk de krant gepakt en jawel artikel met foto en kaders stond netjes in de krant met mijn naam erbij. Hoe cool is dat!! Je eigen naam in de krant. En toen ik het artikel las zag ik dat mijn woorden en opzet niet eens zijn veranderd. Wat een ego boost krijg je daarvan.”
Bron: Augies blog

Augje spelde “bloody” zelf wel goed, Harry. Dus het lijkt me dat het wel eerlijk is haar daar correct weer te geven.
Verder wel een beetje jammer inderdaad, die kleine sneertjes vanuit de westelijke hoogte. Ja, Assen is inderdaad niet alles. En natuurlijk is Groningen heeel ver weg, vooral als je een wichtje uit het westen bent. Bijna een ander land, niet? Maar als je uit Leidschendam komt dan heb je ook niet echt veel om over uit de hoogte te doen. Ik ben er geweest (regelmatig zelfs) and it wasn’t pretty.
Maar het lijkt erop dat Aukje nog immer een misplaatst gevoel van superioteit heeft over haar ‘stad’, want de fusie met Voorburg is nog niet tot haar doorgedrongen. Alleen op die wijze kwam de combinatie Leidschendam-Voorburg tot een (iets) groter inwoneraantal dan het “burgelijke provincie dorp”. Maar ja, dat geeft allemaal niet, want ze heeft een paar echte steden vlakbij, waar vaker dan eens in het half uur een trein heen gaat.
Verder is het een beetje jammer dat Augje consequent weigert om haar enter-toets te gebruiken. Ik heb me tot de woensdag door de woordenbrij geworsteld, maar verder kwam ik echt niet. Hopelijk leert ze teksten indelen middels alinea’s in haar tweede jaar. Het eerste jaar moet ze eerst nog even aan haar d/t-fouten werken. “Opgebelt” is gewoon geen woord, en al helemaal niet als je een schrijvend (t?) beroep ambieert (d?).
Toch fijn dat Augje het hier na een weekje toch best uit te houden bleek te vinden. Op het laatst proefde ik bijna dat ze noorderlingen nog zo gek niet vindt. Maar ja, als je door je opleiding bij het Dagblad van het Noorden wordt geparkeerd, dan schiet je als westelijk wichtje natuurlijk pardoes in de stress. Althans, als je uit Leidschendam komt.
O shit, ze heet Augie. Of Anna. Maar geen Augje. Sorry Augie. Of Anna. My bad.
Van bloddy is weer bloody gemaakt, Micha. Met dank.
Nou bloody is het zeker… daar (hier) in Hoogeveen!
Anne, Mig, Anne. Niet alle frisse journalistes heten Anna 😉
Ik heb het ook gelezen en ik moet eerlijk toegeven dat ik er weinig randstedelijke arrogantie in zie. Wel een soort onbegrip voor alles wat niet stedelijk is. En voor de gedachte dat er buiten het stedelijke gebied ook wel eens iets vermeldenswaardigs kan gebeuren. Ze komt uit een heel beperkt wereldje en geeft dat toe, volgens mij zonder arrogantie.
Leidschendam-Voorburg stelt niets voor. Het is niets van zichzelf, niet meer dan een boel huizen en kantoren om Den Haag te dienen, waar je immers ook met drie keer met je ogen knipperen bent. Wie jong is en daarvandaan komt, zégt zelfs in de hofstad te wonen.
Zoiets geldt ook voor het Heuvelrugse villadorp Zeist. Toen ik als negentienjarige vanuit Zeist (Utrecht, zeiden we zelf, wat deels waar was want Utrecht is ook een provincie) naar Groningen verhuisde, verbaasde ik me er ook over dat de Groningse gemeentepolitiek een stuk interessanter was dan, zeg, die van Zeist. Dat er daar ook grootstedelijke problemen waren en gave bands en theaters, accepteerde ik ook pas na een tijdje. Maar de enige manier om daar achter te komen is onbevangen onderdompeling. En dat heeft dit meisje (d/t fouten, stuk niet af want feestje is gezellig) op een heel sympathieke en eerlijke manier gedaan.
Ik haal iets anders interessants uit dit korte blogje. Een soort dedain voor de regionale journalistiek (dus niet van de regio zélf). Iets waar ik me ook pas heel kort geleden van heb ontdaan. Wat op de binnenlandpagina’s staat lijkt zoveel gewichtiger dan de buslijn die verlegd wordt of de op tijd gebluste brand in de basisschool.
Hoeveel kritiek ik ook op mijn journalistenopleiding (PDOJ, Rotterdam) heb, dát heb ik dondersgoed geleerd. In regionale journalistiek zit tijd en eigenheid. Je bent vaak de enige die iets uitzoekt en opschrijft, terwijl mensen in Den Haag voor een groot deel dictees bewerken tot artikelen of in de haast dingen van hun ochtend danwel avondcollega’s overschrijven. Je bent bovendien heel dicht bij je lezers, zij brengen je het nieuws. Je schrijft letterlijk over hun wereld.
Niet dat het wat voor mij zou zijn, de dorpspolitiek en journalistiek. (net zo min als bijvoorbeeld sport of landbouw, ieder zijn kwaliteiten…) Maar wat ik wil duidelijk maken is dat Augie leed aan een euvel dat volgens mij bijna iedere jonge journalist heeft (ik dus ook): De ambitie om ooit hoofdredacteur van het NRC te worden of iets vergelijkbaar stoers te gaan doen. Dat een verslaggever Hoogeveen ook belangrijk, eigen en inspirerend werk doet, komt niet bij je op. En dat is nu wel tot Augie doorgedrongen. Dat is winst en dat maakt haar, denk ik, een betere journalist, wat ze ook gaat doen later.
Ik ben zelf in elk geval erg blij dat ik de enthousiaste verhalen van klasgenoten die nu bij regionale bladen werken, op waarde kan schatten.
Kortom, randstedelijke arrogantie zie ik niet, wel een gezonde dosis naïviteit en de bereidheid die te verliezen. Go Augie!
Ja ik ben het; Augie, Augje, Aukje, Anna, Anne maar eigenlijk is mijn naam Annemarth. Wat voor de meeste groningers klinkt als Anna-Martha, vandaar Anne. Maar goed, genoeg over mijn naam.
Het duurde even voor ik er achter kwam dat mijn stage week zo veel besproken was op deze site. En onterechte veronderstellingen allom. Oke ik kom uit Leidschendam wat zelf net als Assen niet veel voorstelt. Al mijn vrije tijd slijt ik echter in Den Haag. En dat is mijn stad! Misschien heeft de stad me verwend met luxe die het brengt als het openbaarvervoer. Maar in mijn belevingswereld maakt Groningen een bijzonder groot en belangrijk deel uit. Zo lang als ik me kan herinneren kom ik er, in de stad en elders. Mocht een van jullie me er tegen komen zal je niet aan mij horen dat ik uit Den Haag kom. Zoals ook op mijn site te zien is op de foto’s, waar ik als meisje op de dijk sta met mijn broers en het huis dat we er hebben, liggen mijn roots in Groningen.
Verder heb ik ook geen illusies over het worden van hoofdredacteur bij NRC. Wat ik wil is precies wat ik heb gedaan. Een eigen verhaal, mensen spreken, interviews, op pad, schrijven en gelezen worden! Om deze reden heb ik ook heel bewust gekozen voor een stage bij het dagblad.
Ik heb hier de mogelijkheid gekregen om in een minder stressvolle omgeving te zien wat het vak journalistiek inhoud, redacteuren met passie, doelgericht schrijven, en gepubliceerd worden in plaats van fotobijschriften maken. Ik heb me werkelijk geen betere stage kunnen wensen.
Wat ik me af vraag is waarom en hoe mijn kleine stage verslag op deze site terecht is gekomen, en waarom ik al dit commentaar niet tegen kom op mijn site?.
Ik heb het ’s avonds vlot geschreven om mijn ouders te informeren over mijn welzijn, gezien mijn mobiel het begaf. Duidelijk ook de reden voor mijn gebrekkige spelling, wat uiteraard niet mijn gewoonlijke schrijf taal noch spelling is. het einge dat ik hier verder over kwijt wil is: redeneer en anaylseer het niet dood.
Anne(marth)
Hallo Anne, Ik vond ’t via Technorati, op het trefwoord Groningen, meteen al de eerste dag.
Hallo Anne. Goed dat je je even van weerwoord bedient. Zoals Harry (de maker van dit weblog) al eerder liet zien is hij nogal goed in het vinden van weblogs. Als journaliste moet je begrijpen dat journalisten overal in geïnteresseerd zijn. En je weblog was een leuk inkijkje. Je hebt gelijk als je opmerkt dat het wel wat doodgeannaliseerd wordt, maar je 16 miljoen potentiële lezers konden nergens aan zien dat jouw woorden alleen aan het thuisfront gericht waren.
Wij allen gingen in het openbaar in op een openbare bron. We hebben naar aanleiding van jouw weblog hier een interessante en openbare wisseling van gedachten gehad. Daarvoor dank, aan jou, die het allemaal begonnen is. Niks mis mee, toch?
Ik ontdekte dit log vandaag pas, vandaar een late reactie.
Meestal hebben (onafhankelijke)buitenstaanders een betere kijk op de zaak. Omdat eigen zelfgenoegzaamheid de blik vertroebelt. Zoniet in Noord Nederland. Hoewel het op kennis en aconomisch gebied in feite achterstandgebied is, weten we het toch beter. En al het leed wordt door anderen aangedaan. Klaag… klaag… over de Randstad en Den Haag!
Assen is een stad, maar wordt bestuurd als een buurtschap.
Soms lijkt heel Noord Nederland te bestaan uit Calimerootjes.