Roggebrood met hagedis

geplaatst 31 januari 2007

Grote schrik op de broodafdeling van een Brabantse Albert Heijn, vorige week. Er scharrelde een hamster rond. En dat uitgerekend in de ‘hamsterweken’.

Maar het kan altijd nog gekker. Mij deed het bericht denken aan een stukje dat ik eens aantrof in een oude Provinciale Drentsche en Asser Courant. Ik heb er even naar moeten zoeken, maar inmiddels is het boven water. Het stond op dinsdag 19 juli 1870 in die krant en het gaat over een incident in Wapserveen:

“Voor eenige dagen had er bij een onzer ingezetenen een zeldzaam voorval plaats. De vrouw des huizes sneed volgens gewoonte eenige sneeden roggenbrood tot morgenontbijt, maar werd door den kleermaker, die tegenwoordig was, er opmerkzaam op gemaakt, dat er zich iets bijzonders in het brood bevond. Bij onderzoek bleek het een hagedis of evertast te zijn. Hoe dit dier in het brood gekomen is weet men niet, maar dit is zeker, dat ze er niet van gebruikt hebben. Het brood was niet op deze plaats gebakken, maar van elders gekomen.”

Wat dit bericht extra curieus maakt, is de term ‘evertast’ voor hagedis. Googelen op dat woord levert niet veel soeps op, en het WNT geeft rechtstreeks ook geen verklaring. Maar bij het lemma hagedis noemt het WNT de term wel, zij het in iets andere vorm. Volgens het woordenboek is er een soort stamlijn van hagedis naar oudere woorden als hagetisse en egetisse, waarmee we al aardig dicht bij dat evertast zitten. En verder noemt het WNT varianten uit de Nedersaksische streektalen, waarmee de term definitief thuisgebracht is:

  • Gronings: evertaske, heveltaske
  • Drents: eve(r)dassche
  • Twents: eveltasse
  • Gelders: everdesse, everdes, everdis

Evertaske geldt bovendien als een van de mooiste woorden in het Stellingwerfs, en het is de naam van een pension in het Groningse Noordhorn, blijkt bij nader googelen. De meervoudsvorm staat zelfs in de Nedersaksische Wikipedie.

Met dat evertast zal de Wapserveense correspondent van de Drentse krant een zandhagedis bedoeld hebben, want dat beestje kwam veel in heidegebieden voor. Weliswaar is het een bodembewoner, maar het klimt ook wel langs muren en zolderingen, en zo moet het in de bakkerstrog beland zijn.

Of een bakker zulke beesten in zijn werkplaats duldde, is onzeker. De Statenbijbel noemt in Leviticus 11:30 de “egdisse” een “onreyn gedierte”. Een gereformeerde bakker joeg een evertast dus weg, mag je aannemen. Anderzijds bestond er een volksgeloof dat de hagedis de mens goed gezind was. Om die reden kwamen ze veel rond woningen voor, en hield men ze soms in huis, ook omdat ze zich gemakkelijk lieten temmen. Vondel dichtte:

“Dit merckte een wackere Haeghedis,
Die vrouw Natuur in stilheit dient,
Den mensch bemint, en gunstigh is,
En gadeslaet, en houdt te vrient.”

In elk geval kwam de Keuringsdienst van Waren er niet aan te pas, daar in Wapserveen. Want zo’n dienst bestond anno 1870 nog nergens, en apart toezicht op de bakkers was er evenmin. Nederland was überhaupt nogal achterlijk op dit gebied. Pas tegen 1900 kregen Amsterdam en Rotterdam zo’n “verzekering tegen diefstal van volksgezondheid en volkskracht”, waarna in 1905 de stad Groningen volgde. Hier werd vooral melk gekeurd, omdat daar nogal eens typhusbacillen in voorkwamen. Pas tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen schaarste de verleiding om slechte voeding te debiteren stimuleerde, kregen de drie noordelijke provincies hun levensmiddelen-verordeningen en Keuringsdiensten van Waren, en in de jaren 1919 – 1922 kwamen er eindelijk landelijke regelingen tot stand.


Plaats een reactie on “Roggebrood met hagedis”

  1. Gelkinghe schreef:

    Uw Zuidfranse video-weblog spreekt mij ook wel aan!

  2. Jan Blaauw sr schreef:

    Bij toeval (nou ja, voorzover het gebruik van Google toeval is…) gestoten op het verhaal van de `evertast` in het Wapserveense roggebrood. Daarbij wordt vermeld dat de Nedersaksische benaming “Evertaske” ook de naam is van een Noordhorner pension. Ter aanvulling: het desbetreffende Bed-and-Breakfast-adres is in een eerder bestaan Nutskleuterschool geweest. Die school droeg de naam: “Evertaske”. Na de integratie van het kleuter- en lager onderwijs (nu O.B.S. De Molshoop aan de Oosterweg)is de bestemming van het pand gewijzigd en verdween de naam van de gevel. Later is de naam toch weer aangebracht en de huidige bewoners bieden gastvrijheid in hún Evertaske.

  3. Jan K. schreef:

    Dank voor het linkje naar dit mooie achtergrondverhaal bij ‘mijn’ hagedis. 🙂


Geef een reactie op Jan K. Reactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.