Stereotypen uit de oude doos

“Voor jaren lag er in ’t Winschoterdiep een schip met turf. De schipper had geen vrouw of hij had ruzie met zijn vrouw, althans er stond niet met sierlijke letters op de achtersteven, zo als dat hoort: De Vrouw Jantina of De Vrouw Geertje of hoe dan ook. Daar stond een woord, dat voor een Hollander wel heel onverstaanbaar was en waar zelfs een Grunneger eerst even naar kijken en over prakkezeren moest.

Watgaitietaan?

stond er met duidelijke letters te lezen, hetwelk is, overgezet zijnde, op zijn Groningers: Wat gaait die ’t aan? En op zijn beschaafd Nederlands: Wat gaat jou het aan? En toen men de baas er op wees, dat dit toch een heel rare naam voor een tjalk was, toen stond er de volgende dag op het watervat nog duidelijker te lezen:

Ik wil ’t zo hebben.

En daarmee had hij uitgedrukt, wat in het algemeen de Groningers denken. Zij vallen een ander niet lastig, maar willen ook niet lastig gevallen worden.”

Uit: K. ter Laan – ‘De Groningers‘, eerste hoofdstuk uit De Nederlandsche volkskarakters (1938), een boek dat bij de nieuwe aanwinsten van de DBNL staat.


Plaats een reactie on “Stereotypen uit de oude doos”

  1. jacob schreef:

    Ik vind het wel een beetje eenzaam en op den duur krijg je er zo’n haringgezicht van. Nee, ik vind het niet echt leuk.

  2. Prachtig boek trouwens, De Nederlandse Volkskarakters, een jaar of wat geleden nog volop verzameld, maar nu geregeld verramsjt. Heel apart hoe men in de tijd van opkomst van het nationaal-socialisme nog zo onbevangen vanuit een links-liberaal perpectief naar collectieve mentaliteiten kon kijken. Het stuk van Ter Laan – een sociaal-bewogen cliché-mannentje bij uitstek – is dan ook niet het beste stuk. Vooral bijzonder is het hoofdstuk over het volkskarakter – lees de collectieve mentaliteit – van de Joodse Nederlanders.

  3. Gelkinghe schreef:

    @Otto,
    Ik wilde attenderen en niet veroordelen, maar wat me opviel was het bloed en bodemachtige sfeertje in sommige passages van Ter Laan. Hij beweert dat de Groningers zo geworden zijn omdat ze zo hard moesten werken op hun klei, veen en zand. Net of mensen in andere gewesten niet hard hoefden werken, op gelijke gronden. Dus dat kan toch nauwelijks een verklaringsgrond zijn voor verschil in collectief karakter.

  4. dorien schreef:

    Ik vind het, los van de achtergrond van Ter Laan (wat Otto schrijft wist ik niet), eigenlijk wel een mooi stukje.

  5. Gelkinghe schreef:

    @Dorien,
    Bedoel je het stukje of het hele artikel?
    Het stukje heb ik er natuurlijk om uitgezocht. Maar het artikel, nou ja, gelukkig denken we tegenwoordig heel anders…


Geef een reactie op Otto S. Knottnerus Reactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.