Opgevist uit Alva’s gracht
Geplaatst op: 5 maart 2009 Hoort bij: Stad toen 6 reacties
Dit zijden masker kwam in 1976 tevoorschijn aan de Raamstraat, uit een stukje gracht van een dwangburcht, aangelegd in opdracht van de beruchte Spaanse landvoogd Alva. Toen de Groningers die dwangburcht na 1577 sloopten, dempten ze de gracht met allerlei afval, waartussen dit masker zat. Het stamt dus uit het laatste decennia van de zestiende eeuw..
Hanna Zimmerman onderzocht het voor haar dissertatie Textiel in context. Ze noemt het “niet waarschijnlijk” dat het om een vastenavondsmasker gaat: “Daarvoor is het weefsel te slap en de zijde te kostbaar”.
Ook is het volgens haar geen masker dat dames droegen om zich bij het paardrijden tegen zon en stof te beschermen. Zulke maskers waren namelijk stevig. Er zaten glazen in voor de ogen, en de dames moesten ze ook snel op en af kunnen zetten, daarom hielden ze zo’n masker alleen met een knoop tussen de tanden vast.
“Juist omdat het masker van zijde is”, zegt Zimmerman,
“moet eerder worden gedacht aan de bedekking van het gezicht van iemand die verwondingen had, aan de pokken leed, of een door lepra mismaakt gezicht had. Linnen en wol zijn voor dit doel te ruw en te stijf. Een masker van deze materialen zou te pijnlijk zijn op een gezichtshuid met wonden en lidtekens.”
Het masker is met ander textiel uit die gracht te zien op een tentoonstelling in het Universiteitsmuseum. Nog tot en met 30 augustus.

Intrigerend! Bedankt dat u ons wijst op de tentoonstelling. Lijkt me een bezoekje waard.
Dat plaatje deed me onmiddellijk denken aan deze: http://niklas.web-log.nl/niklas/2005/09/050920.html
Een gracht dempen met handschoenen, kousen, hoeden mutsen en zijden maskers, wat een originele Groningse oplossing weer!
Maar een buitenkansje voor schatgravers.
Waarom niet gewoon een vastenavondmasker?
Zimmerman:
“Daarvoor is het weefsel te slap en de zijde te kostbaar
Dat overtuigt me dus niet. Want vooral in rijkere kringen werd in die jaren uitvoerig carnaval gevierd. Abel Eppens beschrijft de details. De paardenkopers van de Sint Jansstraat reden zelfs hun eigen vastenavondkoningin rond.
Met name de Moretta of Servetta Muta (“doofstom dienstmeisje”) uit Venetië was vrij simpel uitgevoerd; een ovaal masker van zwarte zijde dat het hele gelaat bedekte, aangevuld met een dorozichtige sluier. Aanvankelijk uitgevonden in Frankrijk en bedoeld voor vrouwelijke bezoeksters aan kloosters werd dit masker al snel populair bij dames uit deftige kringen, die zich onder het volk wilden mengen. Omstreeks 1760 raakte het uit de mode.
Hier een afbeelding uit 1751, die aardig overeenkomst met de vondst.

Zie verder:
http://en.wikipedia.org/wiki/Venetian_mask
http://www.venetianmasksshop.com/history.htm