Vliegerfoto’s ijsbaan Noordlaren

KAPturer liet zijn cameravlieger op bij de ijsbaan van Noordlaren. Ook hier weer bijna abstracte beelden. De slideshow.


IJs Paterswoldsemeer is redelijk goed

Mijn oud-collega René L. was als fervent schaatser gister op het Paterswoldsemeer te vinden. Hij noemt het ijs daar “matig maar absoluut schaatsbaar”. Hier een korte impressie van zijn tocht.


Mobiel sneeuwmaaklab kampt met aanloopproblemen

Medewerkers van de gerenommeerde Naturvetenskapliga Uniforstitet Kristalavalla zijn deze dagen naar zuidelijke contreien afgezakt om hun mobiele sneeuwmaaklab te demonstreren. Dit zijn ze:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Volgens hun was hun Europese octrooiaanvraag ten onrechte afgewezen. Daarom gaan ze naar Brussel en laten ze onderweg zien wat hun apparatuur vermag. Helaas verliepen hier in Groningen de proefnemingen aanvankelijk niet geheel naar wens:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Wat een kwestie scheen te zijn van een verkeerd afgesteld knöpka, of een mankerend staavka:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Maar uiteindelijk werd alle moeite toch beloond en lieten zij hun machine sneeuwen!:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Filmpje

 


Stookhutten in Tolbert e.o.

Mijn collega Tjerk Bekius maakte een videoreportage over het gebruik van stookhutten – die kleine gebouwtjes naast boerderijen – in de omgeving van Tolbert. De plaatselijke historische vereniging Fredewalda had er een drukbezochte avond over, met een spreker uit Drenthe, waar het verschijnsel stookhut al eerder in de belangstelling stond. Tjerks repo is te vinden op Fredewalda’s website.


Luchtfoto’s door Siebe Swart

Onlangs is ze aanzienlijk uitgebreid, de collectie luchtfoto’s die Siebe Swart boven Groningen maakte. Ziehier de slideshow.


Jacht in de sneeuw schendt eeuwenoude code

Van de week stonden er op Krabbenvangen en het weblog van Maarten Westmaas prachtige, maar ook gruwelijke foto’s van een drijfjacht op hazen in de Reiderwolderpolder en de Carel Coenraadpolder. Ik begrijp dat er op zulke bouwlanden gejaagd moet worden, anders vreten die beesten je al het graan op. Maar dat dat moet gebeuren als er sneeuw ligt, vind ik, zoals ik ook al bij Krabbenvangen zei, van een ongelooflijke lafheid.

Toevallig was me net de ordonnantie op de jacht, uit 1738, in de beide Oldambten en alle andere stadsjurisdicties onder ogen gekomen. Die verbood in artikel 28 uitdrukkelijk het jagen als er sneeuw lag:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Van die twaalf gulden boete kon iemand zich een maand in leven houden. De reden waarom dit verboden werd laat zich opmaken uit een ander artikel, nummer 20. Dat zegt dat “de jacht alleen tot divertissement is verstrekkende”. Jagen in de sneeuw kan geen divertissement zijn, geen sport,  omdat de dieren dan – mede door voedselgebrek – veel zichtbaarder zijn dan anders.

De jagers van van de week in de Dollardpolders lapten dus een eeuwenoude code aan hun laars. Als ze zeggen dat jagen een sport is, wat ze ongetwijfeld doen, dan liegen ze dat ze barsten.

De eerlijkheid gebiedt overigens wel te zeggen, dat het absolute verbod om te jagen als er sneeuw lag, in 1738 nog niet zo oud was. Want in de jachtordonnantie voor beide Oldambten uit 1658 stond het verbod nog zo geformuleerd:

“Niemant sal vermogen nae Midwinter, als daer sneeuw leyt, te jagen…”

Voor Kerstmis mocht het dus nog wel, maar daarna niet meer. Naar deze strekking krijgen de polderjagers van deze week dus nog absolutie. Maar dat de advents-uitzondering omstreeks 1680, 1690 uit de jachtregelgeving verdween, was wèl een kwestie van voortschrijdende verlichting en beschaving, iets waarvan ik deze jagers maar niet zal betichten.


Bult proekzel op stroade

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA


Het Groninger Forum (III)

Jammer dat er niet wat meer realisme is bij de politici die het Forum moesten propageren, maar dat helaas te weinig deden. Tegen beter weten in blijven ze geloven in het project. Ik zou zeggen: lik je wonden en neem je verlies. Als je gaat procederen win je misschien wel het proces, maar nog niet de mensen voor wie het bedoeld is. Doorzetten en tegen zo’n enorme hoeveelheid haren instrijken heeft geen zin.


Een lijstje Groninger huisnamen van 1766

Geplaatst op 16 december 2010 koning polen  a

In 1765 was de verdeling van de lantaarns onder de twaalf Groninger lantaarnopstekers zo ongelijk, dat het stadsbestuur besloot een nieuwe verdeling te maken. Daarbij kreeg iedere lantaarnopsteker ongeveer 35 lantaarns toegewezen. Nauwkeurig werd ieder zijn ‘pand’ omschreven, met een looproute van lantaarn tot lantaarn. De meeste lantaarns bleken te staan voor de huizen van meer gegoede ingezetenen. Tussen hun dure familienamen door worden echter ook wel eens huisnamen genoemd. Deze staan hieronder op een rijtje met de huidige straatnamen en (voor zover mij bekend) de functie die de aangeduide panden eertijds hadden.

  • Het Wapen van Drenth – Schuitendiep oz. tussen Oudeweg en Pluimersgang.
  • Het Klokhuisje – Tussen Steentilpoortenboog en ’t Kleinpoortje. Hierop stond een dakruiter met een klokje dat waarschuwde voor de afvaart van de trekschuiten die hier aan de kade aangemeerd lagen. Zie >
  • Raadhuis van Emden – Damsterdiep zuidzijde, tussen het verlaat en de Snikkevaardersgang. Herberg, genoemd naar een imposant renaissance-bouwwerk in de stad aan de overkant van de Eems, waar wellicht ook een deel van de klanten vandaan kwam.
  • De Pelmolen – omgeving Carolieweg, Kleine Gelkingestraat en Achter de Muur. Onzeker of daarmee een huisnaam aangeduid is of een bedrijf.
  • De Bolderie – Grote Markt zuidzijde bij het Raadhuis. Herberg/horecagelegenheid die na de sloop van het oude Raadhuis (ca. 1775) een tijd in de Oosterstraat zat, maar later weer terugkeerde naar de Grote Markt, en zelfs in de jaren zestig nog bestond, zij het in of bij de nieuwbouw onder het afgebroken nieuwe stadhuis.
  • De Pauw – Grote Markt zuidzijde, hoek Waagstraat, waar zich nu het News Café bevindt. Zie >
  • De Koning van Polen – Kleine Gelkingestraat, nabij de huidige Burchtstraat. Herberg, die genoemd was naar de man die in 1683 de Turken bij Wenen versloeg (zie plaatje).
  • De Ossekop – waarschijnlijk gelijk aan de Os, een brouwerij in het verdwenen stukje Achter de Muur tussen de Herestraat en de Gelkingestraat, waar het doodlopende stukje Burchtstraat een restant van is.
  • De Lutherse kerk – Beulsgang (nu Kleine Steentilstraat), op de hoek van de Kostersgang. Het gebouw, met hele dikke muren en behoorlijk lage deuren, staat er nog steeds, al weet niemand meer dat dit zo’n beetje de eerste Lutherse kerk van de stad is geweest.
  • De oude Münster – Oostzijde Herestraat op de hoek van de Kleine Pelsterstraat. Dus bij het wagenplein (het brede straatgedeelte). Grote herberg, waar de postwagens naar Coevorden en Münster vertrokken.
  • De Schaal – hoek Haddingestraat en Nieuwstad. Waarschijnlijk een winkel voor kruidenierswaren.
  • De Joden kerk – Kleine Volteringe-, oftewel Folkingestraat. Synagoge. Sjoel.
  • De Eckelboom – Nieuwstad zz tussen de Folkinge- en de Haddingestraat, op de hoek van een gang die ernaar genoemd was. Naam betekent dus gewoon eik, maar klinkt wat vriendelijker.
  • Het Westindisch Huis – Munnekeholm wz. Onderkomen, kantoor en pakhuis van de boekhouder der Westindische Compagnie, kamer Stad & Lande.
  • De Malmolen – bij het Kleine der A oz, uiteind Schuitemakerstraat. Herberg, die eind 18e eeuw afgebroken is. Fungeerde tevens als veerhuis.
  • De Stijfselmakerie – Lage der A, bij de Apoortenboog. Huisnaam of bedrijf?
  • De Steern (Ster) – Vismarkt nz bij de Guldenstraat.
  • De Spijkerboor – Vismarkt nz. (Kremerrype) IJzerwarenwinkel.
  • De Swarte Hoed – omgeving A-kerkhof zz en Brugstraat.
  • De Seeperie – Hoge der A tussen de Turftorenstraat en de Vissersbrug. Zeepziederij of huisnaam?
  • ’t Ameland – bij de hoek van de Noorderhaven. Herberg. Er tegenover aan de andere kant van de Vissersbrug, lag de Schiermonnikoog, ook een herberg.
  • Het Heren Wijnhuis – Grote Markt, annex aan het Raadhuis. Wijnhuis voor heren, tevens lokatie waar de wijn- en brandewijnaccijns betaald werd.
  • Het Grote Comptoir – Het huidige Goudkantoortje op de Grote Markt.De Stads Waag – Waar de Waagstraat uitkomt op de Grote, zo u wilt Brede Markt. Plek waar boter en andere handelswaar werd gewogen.
  • Sint Jacob – Kromme Elleboog. Voor 1651 een herberg, waarvan de naam nog anderhalve eeuw overgeleverd werd als oude Sint Jacob, mogelijk omdat er een gevelsteen aan herinnerde.
  • Nuirenborg (Neurenberg) – Herberg aan de Visserstraat nz.
  • ’t Schippers Geselschap – Noorderhaven zz. Herberg waar het Grote Schippersgilde vergaderde.
  • De Valk – Messemakersstraat (= Poststraat). Herberg waar het kleermakersgilde samenkwam.
  • De Borse – Broerstraat nabij Oude Boteringestraat. Gesubsidieerde eetgelegenheid voor studenten, waarvan enkele er ook boven op kamers woonden.
  • Professorspoort – Oude Kijk in het Jatstraat oz. Er is nog steeds een poort ter plaatse, tegenover het Harmonieplein, waar men menige hoogleraar door ziet komen.
  • De Zoutkeet – Noorderhaven nz. Plek waar zout gefabriceerd werd.
  • Het Tugthuis – nabij Noorderhaven nz. Ook wel: spinhuis. Provinciale gevangenis voor veroordeelden.
  • Het Oude Coffijhuis – Grote Markt nz. Begin 18e eeuw het Franse koffiehuis van de gevluchte hugenoot Jacques Fabre.
  • Het Provinsijaale Hof – Oude Boteringestraat oz. Tot de nieuwbouw bij het Guyotplein verrees de hoogste rechtbank van onze provincie. Nu het onderkomen van de RUG-faculteit voor godgeleerdheid en godsdienstwetenschap.
  • De Gouden Engel – Oude Boteringestraat.
  • Corps-degarde – Oude Boteringestraat bij de boog. Wachtlokaal voor militairen. Het gebouwtje, een monument, bestaat nog steeds.
  • De Hoop – Oude Ebbingestraat wz. Zou ook een familienaam kunnen zijn. Al neig ik naar een huisnaam.
  • Het Klokhuis – Kop Boterdiep. Ook hier zal een klok de afvaart van trekschuiten hebben aangekondigd, net als bij het Kleinpoortje.
  • De Stads Timmerschuir – Boterdiep nabij Bloemstraat.
  • De Geweldige – Omgeving Oude Ebbingestraat tussen de Hofstraat en de Butjesstraat. Waarschijnlijk het woonhuis van de stadscipier, waar dan enkele cellen aan verbonden waren voor ingezetenen (geen burgers zijnde) in voorarrest. een soort Huis van Bewaring dus.
  • Rotterdam – Nieuwe Ebbingstraat oz. nabij de Nieuwe Kerk. Het Rotterdammerstraatje is ernaar genoemd. Herberg tot in de negentiende eeuw, toen aartsvader Niemeyer er een tabaksfabriek begon, die nog tijden als merk het Wapen van Rotterdam voerde.
  • Het Blauwe Paard – Boerenherberg aan de zuidzijde van het kerkhof der Nieuwe of Noorderkerk.
  • Het Ommelanderhuis – Vergaderplaats van de Ommelander Staten aan de Achter de Muur, het gedeelte dat nu Schoolstraat heet. Tegenwoordig tehuis voor daklozen met een psychiatrische problematiek

Het Groninger Forum, nog een overweging

Het geval van het Groninger Forum toont ook aan dat grote projecten, die een jaar of tien vergen om van de grond te komen, hier in de stad nauwelijks meer te plannen zijn. Het Forum, bedacht tijdens een periode van hoogconjunctuur, is genekt door de recessie. Keynesiaans denken – investeren als het wat minder gaat – is de meeste mensen nu eenmaal vreemd. Zoals het de meeste mensen ook niet gegeven is om vooruit te denken naar een periode dat het weer zo goed zal gaan, dat de gevreesde exploitatiekosten van zo’n ‘bodemloze put’ alleen maar mee kunnen vallen.

 


Oud-Groninger vuurwerk-verbod

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Ziehier de artikelen 8 en 9 van de stad-Groninger brandpreventie-verordening uit 1732. Het stadsbestuur constateerde dat er “groote onheylen” ontstonden door het afschieten van vuurpijlen en ander vuurwerk. Daarom verbood het “by dage ofte nachte eenige vuir-pijlen te laten vliegen” en “vuir-wercken an te steeken”. Tenzij er een militaire overwinning gevierd werd, maar zelfs dan mocht men het alleen doen met uitdrukkelijke toestemming van de Raad, of in elk geval de voorzittende Burgemeester.

Op het overtreden van dit verbod stond drie gulden boete, een bedrag dat verdubbelde als iemand dit deed “nadat met de avondklocke ruimstrate is geluidet”, iets wat ’s winters al om negen uur en ’s zomers om tien uur ’s avonds gebeurde. NB: drie gulden was voor veel mensen een weekloon.

 


Toekomst oostzijde Grote Markt ziet er somber uit

Het college van GS heeft het wegens “gebrek aan draagvlak” niet aangedurfd. Eerder stond het nog pal voor een subsidie van 35 miljoen euro uit het Zuiderzeefonds aan het Groninger Forum. Maar sinds de PvdA-statenfractie grotendeels, en die van ’t CDA helemaal tegen zijn, wil het de subsidie niet langer verdedigen. En daarom staat dat hele Forum nu op losse schroeven. Tenminste als gebouw.

De provinciale tegenstanders van het Forum, zoals PvdA-burgemeester Meindert Schollema, hebben zich rijk gerekend, maar ook zij kunnen fluiten naar het geld. Dat is namelijk niet bestemd om allerlei verliesgevende exploitaties in de provincie af te dekken, maar geoormerkt voor infrastructurele projecten in en om de stad. Gezien dat oormerk, komt de provinciale actie tegen het Forum ook vooral neer op beentjelichterij uit afgunst.

Veel belangrijker is, dat de toekomst voor de oostzijde van de Grote Markt er nu somber uitziet. De enige invulling die nog in de rede ligt is een commerciële, van de Bijenkorf of een ander grootwinkelbedrijf. Dat zal echter zijn eisen gaan stellen qua parkeren. De parkeergarage zal een veel grotere moeten worden dan bij het Forum gedacht was. We krijgen dan opnieuw een referendum over die parkeerderij op de Grote Markt, met als voorspelbaar gevolg dat ook het nieuwe plan afgewezen wordt, zoals een jaar of tien geleden de parkeergarage onder de noordzijde van de Grote Markt al eens werd afgewezen door 83 % van de stadjers. Het afblazen van het Forum luidt zo bezien een jarenlange impasse in. Net als het huidige Mutua Fides zal het nieuwe sociëteitsgebouw van Vindicat nog jarenlang het alleenvertoningsrecht op een nieuwe rooilijn hebben.

Wat mezelf betreft: ik ben teleurgesteld, maar ook weer niet al te overdreven. Bij het referendum over de functie stemde ik voor. Bij de keuze tussen de vier gebouwen heb ik niet gestemd. Het pand kon me ook betrekkelijk weinig schelen.  Wat mij vooral interesseerde was het historische museum, dat een plek in het Forum zou krijgen. Ook dat is nu van de baan, voor een lange tijd, naar ik vrees. Anders dan bijna elke zichzelf respecterende stad mankeert het Groningen aan een dergelijke voorziening. Ik ben bijna geneigd te denken dat de Groningers hun geschiedenis ook helemaal niet waard zijn.


De provenance van een boek

De onversaagde Boekito kwam dit keer bij me met het eerste deel van het postuum verschenen verzameld werk van de Noorse dichter en journalist Aasmund Olavsson Vinje. Dat deel kwam uit in 1903. Het is voor ons beide onleesbaar, maar heeft toch iets aantrekkelijks doordat de eigenaren sindsdien allemaal voorin staan. Uiteraard kenden zij wel Noors, want anders hou je zo’n boek niet, laat staan dat je je naam er aan verbindt. Een van de drie liet bovendien door onderstrepingen en notities in de marge zien, dat hij of zij het boek met meer dan gemiddelde aandacht las.

De laatste eigenaar, die dit voorjaar op hoge leeftijd in Emmen overleed, was een Meindert Beno Doedens, waarover verder weinig te vinden is, behalve dan dat hij een liefhebber was van taal:

Geplaatst op 13 december 2010 a

Laat me zeggen dat ik het niet ’t allerfraaiste ex libris vind dat ik ooit van mijn levensdagen tegenkwam. Grappig is echter dat zinnetje bovenaan: Cum libello in Angelslo. Dat is namelijk een variatie op het Cum libello in angelo, oftewel het Met een boekske in een hoekske van Thomas a Kempis. Waarschijnlijk woonde Doedens dus in Angelslo, een wijk aan de oostkant van Emmen.

Helemaal onderaan het plaatje vinden we: Sit maledictus per Christum, qui librum subtraxerit istum. Hetgeen te vertalen valt als: Vervloekt zij hij, bij Christus, die dit boek wegneemt. Dat was dan weer wat minder vredelievend en origineel van de eigenaar.

Voor Doedens het boek kocht of kreeg was het in bezit van ene Constance Grondhoud-Boer. Haar ex libris, voor die van Doedens geplakt op de binnenkant van het omslag, heeft een zinnebeeldig prentje, waarvan de betekenis me niet helemaal duidelijk is:

Geplaatst op 13 december 2010  b

Door de geopende deur kijken we naar een mythisch tafereel. Helemaal in de verte zien de de stralende zon met een driehoek en het alziende oog, dat zal staan voor God of het bovennatuurlijke. Een naakte man en vrouw staan bovenop een hoge pilaar met een hert. Ik denk tenminste dat het een hert is. Aan die man en vrouw kleeft iets Adam en Eva-achtigs. Ik denk dat ze van die pilaar afwillen, de afgrond in. Naar de beslotenheid op de voorgrond? Een ketel hangt boven het open vuur links, de tafel staat gedekt, achter de tafel staan een spinnewiel en een boekenkast.

Constance Grondhoud-Boer lijkt me de dochter toe van de allereerste eigenaar. Hij stempelde zijn naam op de titelpagina. Van deze prof. Dr. R.C. Boer (1863 – 1929) staat er een uitgebreide biografie in een Jaarboek der Maatschappij van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Hij was vanaf 1891 privaatdocent aan de Rijksuniversiteit Groningen en vanaf 1900 hoogleraar Oudgermaans en Sanskriet aan de Universiteit van Amsterdam:

“In Boer verliest de Nederlandsche wetenschap een geleerde van bijzondere beteekenis. Hij behoort tot de grondleggers van de Germanistische studiën in ons land, die hij beoefend heeft met een gedegen kennis, met een oorspronkelijken kijk op de problemen en met een bewonderenswaardige werkkracht. Onafhankelijkheid van oordeel, de gave van diepborende kritiek, te zamen met een sterk verbeeldingsvermogen en een warm, bijwijlen heftig gevoel, deze eigenschappen worden zelden tegelijk in één mensch gevonden…”


Ommetje door de stad

Zjmuur van de Albino-flat aan het Winschoterdiep (een voormalig pakhuis van een kruideniersketen):

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

De silo aan het Winschoterdiep deed vanmiddag net of hij een vuurtoren was:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Op de Heresingel een opgesmukte bestelbus.

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Googelen van de naam Brum Brum Elvis voert naar een weblog dat ik ooit een tijdje volgde omdat de weblogster hier studeerde. Op dat weblog kon je de metamorfose van het busje in vier delen volgen.

Affiche voor gabberfeest in de Folkingestraat:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Vismarkt, kunstkerstboom opgebouwd uit fietswrakken, van onderaf genomen:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Borduurpatroon voor masochistische handwerkliefhebsters, in een etalage aan de Guldenstraat

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

De Bijenkorf in de Herestraat maakt reclame met een koets

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

De jurk van het Groninger Museum kreeg een nieuw motiefje:

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA


Resept van Hinderk: Grunopudding

Geplaatst op 11 december 2010  a

Grunopudding n oergrunneger recept uut laankmanstied veur lu dij t nog aan tied hebben veur t koken. Veur dizze pudding hèje t volgende neudeg:

  • 5 aaier
  • 75 gram suker
  • 75 gram bitterkoekies
  • 80 gram botter
  • 75 gram theekoekies (sosjoaltjes)
  • 1 dL. melk
  • 75 gram krinten en rezienen (haalf/haalf)
 

Je goan din as volgt aan loop. Snie bitterkoekies in leutje stukkies. Moal twijbakken en theekoekies fien in n meurzer. Schaaidt 5 aaierdolen van t aaiwit en dou de dolen in n ruierschuddel. Meng d’aaierdolen mit suker en dou de sneden bitterkoekies, vergroesde twijbakken en theekoekies, de veurof goud wossen krinten en rezienen, smolten botter, melk en de marasquin derbie tou. Kwengel t spul mit n holten lepel goud deur nkaander . Dek de schuddel mit inhold goud of en loat t n beste zet (n poar uur) in de waik stoan. Neem hierveur dus rusteg de tied, n uur te laank kin gain kwoad en je huiven as je zukswat koken ducht mie ook nait op tied veur traain op statsion te wezen.

As t din aan tied is, om t aalmoal kloar te moaken veur de kook, goan we eerst aan loop mit t slim stief kloppen van d’aaiwitten. Zukswat nemt veul kracht en tied. Je hebben hierveur n slagkomme neudeg dij hailemoal vrij van vetterij wezen mout. Ik streu der veurtied aaltied wat zolt bie, omreden dat n goie invloud op t rizzeltoat van t omhoog kloppen van aaiwit het.

As dit doan is, din ruiern we t aalmoal luchteg duer de puddingmassa. Nou gaait de haile brud in n ofsloetboare tulbandvörm. Ik bruuk hierveur n povvert-panne dij k veurtied van binnen bebotterd en aansloetend mit paneermeel bestreud heb en dat inclusief binnenkaande van deksel. Povvert-panne wordt nou tou drijkwart vuld, omreden e tiedens t kookperces roemte neudeg het om uut te dijen. Zörg veur n roeme panne mit kokend hait wotter. Dou de povvert- panne mit inhold der votdoalek in. Men nuimt zukswat ook wel au bain marie.

t Kokende wotter mout wel onder de sloeten van povvert-panne blieven, want as e tiedens de kook lekt , nemt pudding wotter op en zakt e in n kaander. Nou mout je der zorg veur droagen dat wotter zachies (tegen de 90 groaden) veur zuk uutkookt en vul t verdampte vocht of en tou aan mit nij kokend hait wotter.

Grunopudding het veur t goar worden om en bie anderhaalf uur neudeg. Stört de pudding bie t opdoun op n veurverwaarmd bord, noa hom wel eerst even zunder deksel indreugen te loaten in n open oven. De pudding trekt din wat van de wand lös en loat zuk din makkeleker keren.

Ik kwam dit Groningse recept tegen op de Facebook-pagina van Henk Scholte. Op de vraag of het ter overname was antwoordde Henk: “Doar heb k zulf gain bezwoar tegen, omreden ik t geern mit aander lu dail”.