Hoogkerk en de oorlog van 1505-1506

Sinds vandaag staat de 16e-eeuwse kroniek van Sicke Benninge online. Ik heb eens gekeken of Hoogkerk erin voorkwam, en jawel, het dorp speelde een rol in het beleg van 1505-1506, toen graaf Edzard van Oost-Friesland de stad Groningen probeerde te onderwerpen.

De Ommelanden kregen in de zomer van 1505 te maken met terreur van twee kanten. Zowel door de Groningers als door de troepen van graaf Edzard werd het platteland geplunderd en gebrandschat. Als je je have en goed niet goedschiks afgaf, dan raakte je het wel kwaadschiks kwijt.

Dat merkten Hoogkerk en Leegkerk. Beide dorpen weigerden brandschatting te betalen aan die van Graaf Edzard.  En daarom gingen ze beide op een avond in vlammen op. Dat wil zeggen: de huizen die van hout, leem, stro en riet waren gemaakt, de boerderijen. De weinige stenen gebouwen – de kerk, de borg en de weem – bleven nog even staan.

Ongetwijfeld had de stad al de weilanden ten westen, ten noorden en ten oosten van de stad onder water gezet (ten zuiden, op de Hondsrug, was dat onmogelijk). De graaf maakte de toestand voor de boeren nog wat erger, door die zomer de dijken langs het Reitdiep en in de richting van Paterswolde door te laten steken, en diepen af te laten dammen bij de Aduarder Steentil en  Enumatil, “soo dattet tusschen Groningen ende Hogerkercken blanck see was”. Verderop stond het halve Westerkwartier onder water.

Die van Groningen hadden nog wel hun schepen. Daarmee trokken ze begin juli naar Hoogkerk, om hun tocht daar over land naar Roden te vervolgen, waar ze de ovens van de bakkers en de ketels en kuipen van de brouwers vernielden. De taktiek van de verschroeide aarde was ook toen al bekend.

In het najaar bezetten zo’n zestig man troepen van de graaf de kerk van Hoogkerk, en versterkten deze met bolwerken voor deuren en vensters. Potters “kamnade” aan de zuidkant van het diep (de latere borg Elmersma) braken ze af. Het “weemhues” (de pastorie) staken ze in de fik en wierpen de muren ervan ook maar omver. Zo konden die van Groningen niet meer langs Hoogkerk varen met hun schepen, en Vredewold,  Langewold en Humsterland niet langer bereiken.

Begin 1506 vroor al het water dicht. Wel vier of vijf dagen lang haalden stadjers over het ijs brandhout op uit de Hoornse landen en Eelderwolde. Hele gezinnen waren het soms, met mannen, vrouwen èn kinderen. Grafelijke soldaten, komend van Hoogkerk en De Punt, maakten een eind aan deze praktijk en verjoegen al het Groningse volk “dat daer int broeck was”. Vier “scamele lueden” sloegen ze dood en ze namen wel veertien wat meer vermogende burgers gevangen. Die mocht de familie dus vrij gaan kopen tegen flinke sommen geld.

In februari werd héél Hoogkerk versterkt, waarbij Ommelander boeren verplicht aan het werk werden gezet. De graaf gaf ze geen eten en drinken, ze moesten dat werk maar doen ‘op hun eigen kost’.

Nog steeds ging er wel eens een stadjer op hongertocht uit, maar als hij gepakt werd, raakte hij al het opgehaalde voedsel èn zijn hemd kwijt. En dat niet alleen, want de soldaten van de graaf sneden hem ook nog eens de oren af. Bij één man hingen ze die aan zijn hoed. Ze bonden hem de handen op de rug alsof hij een dief was, en hij kreeg ook nog twee haringen op zijn borst gehangen. Bovendien gaven ze hem een zakje met zout en een stukje brood mee. Dat moest hij maar naar de belangrijkste burgemeester gaan brengen. Van gesnapte vrouwen sneden de soldaten de rokken vanachteren af, die mochten in hun blote kont naar de stad terug. Een vrouw die het wat al te bont had gemaakt in de ogen van de grafelijke troepen, brandmerkten ze bovendien op beide haar wangen.

In het voorjaar van 1506 gaf de stad zich gewonnen. Toen liet de graaf een dwangburcht aan de zuidkant van de stad bouwen en werd zijn steunpunt Hoogkerk ontmanteld.

Sicke Benninge, Croniken der Vrescher Landen mijtten Zoeven Seelanden ende der stadt Groningen, pag. 168, 219-220, 251, 259, 265, 288, 297, 303, 318, 340.


8 reacties on “Hoogkerk en de oorlog van 1505-1506”

  1. Jan de Jong schreef:

    Indrukwekkende geschiedenis.

  2. Bert Visser schreef:

    Wat een primitieve toestand in die tijd en dan te bedenken dat graaf Edzard met gejuich in de stad werd ontvangen. Volgens de Geschiedkundige Beschrijving van de Stad Groningen van Diest Lorgion riepen de Groninges als uit een mond: “Genadige heer, wij zullen u trouw zijn en zijn bereid goed en bloed voor u op te offeren”. Waarop de graaf gezegd zou hebben: “Welaan, dan wil ik in Gods naam met u naar binnen rijden”. De Groningers vreesden de Saksen kennelijk nog meer.Het kan verkeren

  3. Irene schreef:

    Grote genade wat een geweld. Totale rechteloosheid.

  4. Dat had ik er nooit van begrepen uit de diverse geschiedenissen die ik over die periode gelezen heb.

    Ik had de indruk gekregen dat Edzard vooral in Fivelingo bezig was en dat de Saksers uit het Westen kwamen, en dat de stad zich tenslotte aan Edzard overgaf toen de Saksers aan de muren stonden.

    Ik ga eens zien of ik dit boek in een papieren uitgave kan krijgen.

  5. Emigrant schreef:

    Toch wel praktisch dat later de Nederlanden vereend werden. Als dat met Europa nu ook zou lukken … .


Geef een reactie op Bert Visser Reactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.