Schaatshistorie in Sappemeer
Geplaatst op: 1 december 2013 Hoort bij: Geschiedenis, Ommelanden 2 reactiesIn het alleen op zondagmiddagen geopende Groninger Schaatsmuseum leidt de eigenaar je persoonlijk rond.
Dit zijn Groninger scheuvels, ook wel ‘schippers’ genoemd. Wat ze onderscheidt van Friese en Hollandse schaatsen is hun extra hoge voorkant, die wel wat lijkt op de boeg van een schip. Het hout ervan werd gebogen zoals scheepsbouwers de spanten van schepen bogen, met behulp van water en vuur. Je zag er vooral schippers op schaatsen:

Elders boog men de voorkant niet, maar zaagde die uit een blok hout. Tot voorbij de oorlog had je nog vele merken, die met name afkomstig waren uit Friesland:

Lokaal geproduceerde ‘krolnebde schuivels‘ uit de achttiende eeuw – de smid zorgde voor het ijzer, een stelmaker of timmerman maakte de voetstapel en een schoenmaker of een zadelmaker zorgde voor de riempjes:

Diverse palmares:

Swierstokken voor ’t gezamenlijk optrekken:

Affiches, zoals deze van Nooitgedagt:

Vanwege de tentoonstelling over de korte baankampioenschappen die vroeger gebruikelijk waren, kwam de weduwe van Evert Kramer langs met plakboeken en prijzen van haar man. In 1956 troefde hij in Joure de Friezen af:

De oudste metalen schaats in de collectie, een exemplaar van voor 1600, kwam of all places uit Maastricht:

Filmpje TV Noord over de jubileumtentoonstelling;
Filmpje TV Noord over het schaatsmuseum in het algemeen.

Die krolnebde scheuvels hebben dus een krul in de krul. Klopt dat? Ik heb zo’n ijzer, dus zonder voetstapel.
Neb is volgens Ter Laans Nieuw Groninger Woordenboek de punt van de schaats. In de punt zit dus een krul. Ik vatte dit zelf enkelvoudig op, maar vind voor jouw interpretatie ook wel wat te zeggen.