Het ontzag voor grofgebektheid
Geplaatst op: 3 september 2017 Hoort bij: autobio, De actuele wereld 5 reacties“Waarom zijn Nederlanders zo grof geworden? Ik denk daar veel over na. Soms denk ik dat we te veel opkijken tegen mensen die anderen op een grove manier te kakken zetten, zoals vaak in het Nederlandse cabaret gebeurt, door sommige columnisten en zeker ook in de politiek. Aan de ene kant is dat misschien een afspiegeling van de maatschappij, aan de andere kant denk ik dat we dat keiharde afzeiken van hen hebben overgenomen.“
Commentaar: Dat te kakken zetten, of de bewondering ervoor, het zelfs navolgenswaardig vinden, ik ben er niet vrij van. En als ik kijk wanneer dat begonnen is, weet ik vrij zeker dat dat in de jaren zestig was, zeg maar de periode 1966-1976: de tijd van de anti-autoriteit en de vrije opvoeding, die bijvoorbeeld inmiddels ook tot de onuitstaanbaar ongezeglijke en lawaaierige kinderen in het openbaar vervoer heeft geleid. Men wilde zich losmaken van knellende banden, met de daarbij horende civiele omgangsvormen. En krijgt dat uiteindelijk in zijn gezicht terug.

Ook hier is de gulden middenweg en genuanceerdheid een groot goed. Als een uiting er bij iemand grof uitkomt en er dan soms ook nog bij zegt “maar ik ben tenminste wel eerlijk”, leg ik diegene altijd ter overweging voor dat je inhoudelijk hetzelfde ook zodanig kunt zeggen dat het geen figuurlijk au doet bij de ander, die anders wellicht de neiging krijgt grof terug te gaan doen, en dan die ander weer etc., waarna op enig moment de serviezen je wellicht om de oren vliegen, maar dat je het ook zodanig kunt brengen dat de ander zegt “Goh, ja, zit wat in, zo had ik het nog niet bekeken.” Vaak helpt dat wel. En zo leren we van elkaar. Ik merk dat ik in de loop der jaren dankzij anderen assertiever ben geworden en dat anderen dankzij mij genuanceerder zijn geworden en weloverwogener in hun uitingen. Win-win zoals dat tegenwoordig heet. 🙂
Verschuift de discussie (voor zover we deze uiteenzetting van visies discussie noemen) nu haast ongemerkt naar de mate van directheid in uitingen?
Eerlijk zijn is mooi, dit genuanceerd brengen prachtig; eenduidig duidelijk zeggen wat je bedoelt nooit weg. Dit laatste wint in elk geval tijd van formuleringen met achtentwintig omleidingen (en de nodige verwarringen die dit vaak oplevert: -‘Ja maar, jij zei; “…”. -‘Jawel, maar ik bedoelde…’).
In de 2e helft van de jaren 60 komt het naar buiten, maar de geestelijke voorbereiding begint al direct na de oorlog. De beatniks internationaal met verwerping van alle autoriteit, in Nederland schrijvers als Hermans en Reve,, die de maatschappij keihard fileren en de woede van gekwetsten opwekken.
Dat levert na een generatie gedachteontwikkeling onder grotere groepen de basis voor de omverwerping van de oude autoriteitswaarden op.
Zo te zien vraagt deze Sharon Gersthuizen zich af waarom, maar doet er intussen ook wel gezellig aan mee.
Vind men het erg dat de taal zo verpatst wordt dan zou het een kleine ( of geen) moeite zijn om zich persoonlijk op een minder groffe manier uit te drukken….
( zelfs het woord grofgebektheid is voor mij iets nieuws)
(Ik bekijk vaak je blog voor de foto’s, maar heb daar eigenlijk nooit iets aan toe te voegen.)
Als om dit onderwerp gaat, dan denk ik ook dat cabaretiers hier vooral mee begonnen zijn om mensen wakker te schudden. Zelf kan ik dat goed hebben, maar er zijn ook mensen die er de humor niet van in zien. Cabaret was ook vooral het domein van sociale en betrokken mensen. Simpelweg vaak als links bestempeld. Na de eeuwwisseling kwamen websites op als GeenStijl die als tegenreactie met een soort rechtse variant kwamen. Vanaf dat moment ging het niet meer om mensen wakker te schudden, maar was afzeiken een doel op zichzelf geworden en misschien wel bedoeld om aandacht en daarmee advertensie-inkomsten te generen.
Zelf ben ik in een omgeving opgegroeid waar je flink tegen een stootje moet kunnen. Met Schotten en Noord-Engelsen gaat dat prima, maar met Zuid-Engelsen of bijvoorbeeld Zuid-Limburgers moet ik erg op m’n woorden passen om geen ruzie te krijggen.