Een kat in de weem

Crimineel verhoor onder ede. Rechts de vooraf op papier gezette vraag, links het naderhand opgetekende antwoord.

De vraag:

Of er aan het huis van de dom[inee] ook huisdieren, hetzij katten of honden worden gehouden?

Die vraag was relevant vanuit de gedachte dat een kat of hond ook vuur kon overbrengen, zoals in dit geval in de pastorie van Leegkerk.

Het antwoord van de meid die van brandstichting verdacht werd:

Gedet[ineer]de zegt, zij hadden al een kat, dog geen hond.

Het is een volstrekt irrelevant detail, maar toch heel aardig om te weten dat er in 1809 een kat rondliep in de weem van Leegkerk.

Natuurlijk ligt dat zeer voor de hand in een boerderij-achtig onderkomen waar ook graan, in dit geval haver, werd opgeslagen, maar katten kom je hoogst zelden tegen in overheids- en rechterlijke archieven. Zo vind je ze praktisch nooit op boedelinventarissen. Waarschijnlijk is dat omdat ze geen economische waarde vertegenwoordigden. Schaarste aan katten was er niet of viel vrij eenvoudig op te lossen, en in tegenstelling tot landbouwhuisdieren konden ze maar zo uit eigen beweging weg zijn, waarbij nog komt dat de affectieve waarde niet te taxeren viel.

Vandaar mijn glimlach, bij deze passage. Ik zie er een predikant bij, die in zijn studeerkamer bezig is met het voorbereiden van een preek, terwijl er een kat opgerold op zijn schoot ligt te snorren.

Een tevreden man, die dominee. Tot er brand uitbreekt.


2 reacties on “Een kat in de weem”

  1. Attie schreef:

    Leuk, ik zie het plaatje ook voor me, een kat houd wel van gezelligheid zolang je hem met rust laat.

  2. aargh schreef:

    Ja die Groningse katten zijn berucht, in Hoogkerk was het ook weer mis vernam ik


Mijn gedachten hierbij zijn:

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.