Op een Langewolder kerkepad
Geplaatst op: 12 september 2023 Hoort bij: Westerkwartier 5 reactiesZaterdagochtend, Roderwolderdijk bij Hoogkerk:

Hooiland tussen ’t Hoendiep en Oostwold:

Bij de Zuiderweg onder Zuidhorn. Wyandottes, als ik me niet vergis. Dus geen levend erfgoed, wat ik ook verder weinig zag. Wellicht moet je, om zo’n thema gestalte te geven, eerst in andere kringen rondgaan dan die van bouwkundige monumenten.

Niezijl – bij de brug over het Niezijlster- of Nijsloterdiep: het zou maar zo kunnen dat hier vroeger een elegante boogbrug heeft gelegen in plaats van zo’n kaarsrechte betonnen plaat. Maar ja, de auto.

De koorkant van de Grijpskerker kerk was me nooit eerder zo opgevallen. Vond het wel aardig om als monumentendagjesmens met zulke égards te worden ontvangen. Maar helaas: men deed helemaal niet aan monumentendag, want er stond een trouwerij op het programma. Ben naar de vooringang van de kerk gegaan en mocht er aan die kant wel even in van de cateraar.

Joekel van een orgel, in 1832 geschonken door de toen gestorven boerin Aaltje Thomas Wiersema van de Ruigewaard, weldoenster van de gemeente Grijpskerk. Zo’n sponsormededeling als onder ’t orgel komt vaker meer voor bij orgels, en toch strookt die wat mij betreft niet erg met evangelische bescheidenheid:

Blijkbaar hing de vlag uit voor het bruidspaar? In de verte molen de Kievit:

Met dit stukje volksvlijt als uithangbord:

Het keukentje in de molen:

Eenzelfde lichtinval in de consistoriekamer of bibliotheek van de kerk te Visvliet:

Banken waarvan de afscheidingen niet helemaal afgewerkt lijken:

Een uit de literatuur bekende steen in de kerk van Visvliet memoreert de exceptionele duurte in het jaar 1557, toen de rogge, het gewone broodgraan, maar liefst 7 Emder gulden de mud deed, een prijs die pas in de Franse tijd zou worden overtroffen. Boeren blij, hun personeel wat minder. Dat jaar overleed Gerardus Wiltinck van Dwingel. Hij was de dertigste abt van Jeruzalem, beter bekend als Gerkesklooster op de grens van Friesland en Groningen en hij vormt het bewijs dat ook Drenthe carrièregeestelijken leverde:.

Zerk in kerk van Visvliet voor Antie Iansen van Goch, de vrouw van jonker Willen Hendricks Faber (= smid; merkwaardig ambachtelijke familienaam voor iemand van adel), 1652:

Doezum – grafsteen uit 1639 van Tzauck Ywema, weduwe van Weidt Sickema, de grietman van het Westerdeel van Langewold, die ernaast ligt. Het familiewapen Iwema rechts met het kruislings met pijlen doorschoten hart had uiteraard mijn bijzondere belangstelling. Een en ander is vervat in een typische renaissance-omlijsting::

Een andere interessante zerk in Doezum is die van de boekweitmulder (grutter) en koopman Willem Jans, die begin 1795 als bejaard man overleed. Links zien we een balans of weegschaal, waarmee de commerciële kant van Willems bedrijf is afgedekt. Rechts ziet u het interieur van een boekweitmolen, met een groot bovenrad dat via twee verticale assen de beide molenstenen aandrijft, en de eenmaal gevulde zakken verder transporteert:

In de kerk van Doezum hangt ook een aantal rouwborden. Zoals deze uit 1687 van Fredricka Tiaerda van Starkenborg, oorspronkelijk afkomstig van Verhildersum bij Leens, maar bij haar dood in 1687 als echtgenote van kolonel Prott, de vrouwe van Rikkerda onder Lutjegast:

Even inzoomend op die Starkenborgiaanse kraai in het midden:

Ook het met helm en degen nogal martiale rouwbord voor haar man, de kolonel Johann Prott, de held die in 1672 Bourtange voor de onzen tegen Bommen Berend behield, en heer van Rikkerda tussen 1674 en zijn dood in 1703, hangt in Doezum, terwijl het eigenlijk in Lutjegast thuishoort::

Een latere pommerant in deze contreien is Daniel Onno de Hertoghe van Feringa, wiens wapen maar half ingevuld lijkt (maar schijn bedriegt):

Blik op het kerkhof van Doezum door het voorportaal van de kerk:

Ook nog even in Grootegast geweest, waar de kerk weinig bezienswaardigs te bieden heeft. Van de 8 zerken die Pathuis noemt, is er maar eentje terug te vinden; in een hoek op het koor ligt dit steentje uit 1614 van Gadie Thenge, een geleerd jurist en grietman van Westerdeel-Langewold (de andere zullen bij de laatste restauratie (2005) onder de nieuwe vloer zijn weggewerkt):

Van binnen is de kerk van Grootegast vrij licht, en van buiten is ze stralend wit:

Op het kerkhof een rijtje fraaie art déco-stenen. Onder deze liggen broer en zus Beukema.


Prachtige Monumentendag-logjes… Ik heb ervan genoten.
Maar ik ben ook wel weer eens in de markt voor een aflevering kattenspam, hoor.
Codo maakte zijn eerste selfie: https://twitter.com/Gelkinghe/status/1701973723949985887
Grappig dat ‘zelfje’. Maar CoCo is toch een zusje?
Ja, foutje van mij. Had ik al in het twitter-draadje rechtgezet.
🙂