“Overval-alarm aanwezig”
Geplaatst op: 17 februari 2017 Hoort bij: Stad nu 7 reactiesGezien op het Hoendiep bij de Energieweg – een schark waarop een bootjesmelker vier lullige kamertjes heeft afgetimmerd, alle nog onbewoond en met houten platen voor de ramen, maar elk al wel op de toegangsdeur voorzien van een opvallend geel bordje: “Overval-alarm aanwezig”:

Je vraagt je af wat voor kapitalisten hier komen wonen dat zulke bordjes noodzakelijk zijn. Voorlopig hou ik het er maar op dat de bordjes voornamelijk de paranoia van de bootjesmelker weerspiegelen.
Vrouw neemt dienst als soldaat
Geplaatst op: 14 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis 2 reacties“Also Geertruit van Duiren de stoutheijd heeft gehad niet alleen zig in manluiden klederen te kleden, maar nog daar en boven zig eerst te laten engageren als fuselier in het regiment van de generaal Glabbeek in de compagnie van capitain Petersen op den 23 maart jongst, en daags daar an als soldaat in de compagnie van de lieutenant-generaal B. Lewe; so hebben de Heeren Gedeputeerden na gehoudene deliberatie goedgevonden en verstaan dat deselve voor de tijd van een jaar in het provinciale tughthuijs sal worden gebragt om aldaar met haar handen arbeijd de kost te verdienen.”
Commentaar: In de zeventiende en achttiende eeuw kwam het geregeld voor dat vrouwen zich in mannenkleren hulden en zo dienst namen in het leger of bij de marine. Vaak lijkt dat een soort van roeping. In dit geval zou je dat kunnen betwijfelen gezien het dienst nemen bij meerdere legeronderdelen, waarbij steeds een handgeld werd geïncasseerd. Die twijfel wordt er niet minder op doordat de vrouw, zelf afkomstig uit de stad Groningen, daar twee jaar eerder getrouwd was met een Beierse soldaat.
—
Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 1 (archief Staten van Stad & Lande) inv.nr. 1351 (sententies in fiscale- en militaire zaken), bepaaldelijk die van 28 maart 1748.
Blinde smokkelaar komt met de schrik vrij
Geplaatst op: 13 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis Een reactie plaatsen“Door de pagtenaren van de toebak op de daad zijnde agterhaalt eenen Jan Hindricks van ’t Niebert ter sluik inbrengende vijf pond toebak zonder angevinge, en daarover in de Geweldige gefaiseert, en ondersogt bevonden een blind man te zijn, die voorgaf hem de voorschr[even] toebak vereert te zijn; en daarvoor intercederende de diaconie van ’t Niebert; – hebben de Heeren Gedeputeerden Jan Hindriks uit zijn detentie ontslagen, mits de diaconie voorn[oemd] hem zullen zoeken te onderhouden en van het smokkelen te rugge te houden, wordende de Capit[ei]n Geweld[ige] gelast de kosten in zijne declaratie te brengen.”
Vrij vertaald: De pachters van de tabaksaccijns betrapten Jan Hindriks van Niebert op heterdaad. Hij had, waarschijnlijk vanuit Drenthe, vijf pond tabak over de provinciegrens gesmokkeld. In de provinciale gevangenis te Groningen bleek dat hij blind was. Hij vertelde dat hij de tabak bij wijze van aalmoes had gekregen, nogal ongeloofwaardig gezien de hoeveelheid. Dankzij de tussenkomst van de Nieberter armvoogden, kregen de heren rechters in dit soort zaken echter medelijden met Jan. Waar ze gewone smokkelaars minstens een paar jaar verbanden of in het tuchthuis opsloten, lieten ze Jan vrij op voorwaarde dat de diaconie hem steun gaf en van het smokkelen afhield. Jan hoefde zelfs de kosten van zijn detentie niet te betalen.
—
Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 1 (archief Staten van Stad & Lande) inv.nr. 1351 (sententies in fiscale- en militaire zaken), bepaaldelijk die van 19 juni 1741.
Reizigers beroofd van leeftocht
Geplaatst op: 12 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis 1 reactieNatuurlijk mochten Meindert Harms en Erenst Hindriks controleren op de aangifte en betaling van een belasting, namelijk de bieraccijns. Dat jaar pachtten beide Noordbroeksters immers de inning van die impost in het Oldambt. Ook hun metgezel Rudolph Keun had wel degelijk een fiscale opsporingsbevoegdheid, want hij was chercher in Meeden, zodat hij toezag op de aangifte aldaar van het gemaal, een belasting die men moest betalen voor graan dat naar de molen ging. Maar de bevoegdheden van dit trio strekten zich niet uit tot andere belastingen, en dat was nou net, wat ze wel deden voorkomen. Op 24 oktober 1727 patrouilleerden ze in de heidevelden tussen Pekela en Meeden, een berucht smokkelgebied, hielden er een paar, waarschijnlijk Duitse voetreizigers aan en gingen daarbij hun boekjes ver te buiten. Zoals in het vonnis van Meindert staat, maakte elk van de drie zich eraan schuldig,
“onder praetext van op het frauderen der gemeene middelen inquisitie te doen, hem heeft onderstaan met sijne meede complicen twee vreemdelingen over het veen van de Pekell A na de Meeden passerende, te beroven van twee schinken, 2 stoeten en eenige nieuwe jaarskoeken, niet tegenstaande geen pagtenaer van de wage was, nogh van deselve gelast, en de hammen ònder het gewigte den impost van de wage subject…”
De quasi-belastingcontroleurs hielpen de reizigers dus van hun leeftocht af: hammen, brood en koeken. Aardig is dat we deze mondkost kunnen vergelijken met het voedsel dat een Westfaalse hannekemaaier anno 1767, maar dan in het voorjaar, bij zich had. Ook hij nam brood en koek mee, maar koos voor worst in plaats van ham. Opmerkelijk aan het geval in 1727 is trouwens, dat er eind oktober al nieuwjaarskoeken in omloop waren: in de verkrijgbaarheid lang voor de datum, zijn onze pepernoten blijkbaar niet uniek.
Voor hammen van boven een bepaald gewicht moest er waagaccijns betaald worden, maar daar hadden de drie speurneuzen uit Noordbroek en Meeden niets mee uit te staan, en dus ook geen opsporingsbevoegdheid voor. Bovendien haalden de hammen van beide vreemdelingen niet eens het vereiste gewicht waarvoor waagaccijns betaald moest worden.
Desalniettemin namen de de drie ´controleurs´ zowel de schinken als de stoet in beslag, om ze naderhand onder elkaar te verdelen. En dat terwijl ze donders goed wisten,
“dat de goederen over sluikerijen angehaalt niet tot particulieren gebruik mogten emplojeren maar in sequester (= verzekerde bewaring, HP) brengen”.
Waarschijnlijk doordat de reizigers hun beklag deden, kwam het weldra uit. Het trio ‘controleurs’ belandde in het Geweldige Hof, zeg maar het huis van bewaring in Groningen. Gedeputeerde Staten, die recht spraken in belastingzaken, keurden het machtsmisbruik sterk af, ze vonden dit eigenlijk
“een seer zware misdaat, d[i]e anderen ten exempel, op het swaarste behoorde te worden gestraft”.
Desalniettemin streken de Heren Gedeputeerden met hun hand over het hart, en veroordeelden elk van de drie knevelaars tot een boete van 50 gulden, die meteen moest worden voldaan. Gebeurde dat niet, dan ging de schuldenaar voor acht dagen op water en brood in het “stockhuis”. Uiteraard moest het trio ook nog de beroofde vreemdelingen hun schade vergoeden en de rechtskosten betalen.
—
Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 1 (archief Staten van Stad & Lande) inv.nr. 1351 (sententies in fiscale- en militaire zaken), bepaaldelijk die van 6 januari 1728.
Het Scheepvaartmuseum, nu het nog kan
Geplaatst op: 10 februari 2017 Hoort bij: Stad nu 7 reactiesHet ruikt er om te beginnen al lekker naar schip. Dat wordt straks dan anders, als het geen scheepvaartmuseum meer is.
De laatste keer dat ik door de vaste opstelling van het Noordelijk Scheepvaartmuseum heen liep, moet zo’n twaalf jaar geleden zijn geweest. Ik heb er intussen wel meerdere tijdelijke tentoonstellingen gezien, maar voor de vaste opstelling heb je wat meer tijd nodig.
De zaak bleek nu veel ruimer opgezet te zijn, niet alleen doordat het pand van het vroegere Tabacologisch Museum erbij getrokken is, maar ook doordat er wat wandjes weggehaald zijn. Of de opstelling in deze vorm nog lang te zien is, lijkt twijfelachtig omdat het Scheepvaartmuseum zich om wil vormen tot breder historisch museum. Over een naam zit men nog te dubben, maar het programma ligt al min of meer klaar.
Maar voorlopig is het dus nog een scheepvaartmuseum, een van de drie of vier in onze provincie. Daar mag om mij wel wat meer concentratie in komen.
Roer, gevonden op zee, met Botnië op de achtergrond:

Vroeger vond ik daar nooit wat aan, scheepsmodellen van moderne binnenvaartschepen:

Enigszins bont opgeverfde replica van de gevelsteen met de snikke of trekschuit, op de hoek van ‘de Roderweg en de Korreweg in de stad:

Model van een snikke, openbaar vervoer van de zeventiende tot diep in de negentiende eeuw:

Uithangbord, afkomstig uit Leermens, gedateerd op ca. 1860:

Volgens het bijschrift richtte de bijbehorende ondernemer zich met drinkwater en kolen op schippers. Denk dat anderen, in casu landrotten, er ’s morgensvroeg ook wel kooltjes vuur of heet water voor de koffie kwamen halen.
Hebben ze zo’n mooi schip en dan kijken ze nog ontevreden:

Interieur schipperswoninkje (met dank aan Zakina):

Het kofschip de Eendraght, varend onder Deense vlag, 1803. Door onder vreemde vlag te varen hoopten de eigenaars inbeslagname van schip en lading door de vijand, het perfide Albion, te ontlopen. Aldus het bijschrift (in iets andere woorden). 1803 was echter een vredesjaar (Amiens), Hield men zo’n vlag ook aan als er geen gevaar meer te duchten viel?:

Ze hebben er ook archief, merk ik:

Een met kippengaas beveiligde provisiekast vol herenbaai en pruimtabak:

Maquette van scheepswerf Barkmeijer:

Vaan van de Martha, met een voorstelling van Mercurius, gezeten bij allerlei koopmanschappen:

De afgewaaide kepie
Geplaatst op: 9 februari 2017 Hoort bij: Familie 5 reacties
“Overreden en gedood
Zaterdagmiddag speelde een 10-jarig jongetje, dat bij de familie Perlon te Uffelte met vacantie was, met een oude soldatenkepi ter zijde van den weg. Op een gegeven ogenblik woei hem het hoofddeksel af en rolde over den weg. De knaap op een holletje er achter aan. Op hetzelfde moment passeerde de auto van den heer B. uit Groningen. Een ongeluk kon niet meer voorkomen worden. De vader, die vlakbij te visschen zat, kon slechts het ontzielde lichaam in huis dragen…”
Aldus de Asser Courant van maandag 3 augustus 1925, zoals geciteerd in De Tijd van een dag later. Qua leeftijd van het slachtoffer, de naam en functie van mijn grootvader en de initialen van de chauffeur was Het Nieuwsblad van het Noorden ‘s maandags iets preciezer in zijn kortere bericht:
“Zaterdagavond is te Uffelte een 8-jarig jongetje, dat bij den heer Perton, rijksambtenaar alhier logeerde, toen het plotseling over den weg liep, door de auto van den heer H.B. van hier overreden, met het ongelukkig gevolg dat de arme kleine op slag werd gedood.
Den chauffeur treft geen schuld.”
Het laatste zinnetje zal zijn toegevoegd met het oog op het Groninger publiek, in andere kranten tref je dit addendum niet aan. Meestal brachten die het nieuws nòg wat korter, alleen zagen de Gooi en Eemlander en ‘t Algemeen Handelsblad er door de afstand geen bezwaar in om de naam van de chauffeur te noemen, zodat we weten dat die H. Bolt heette. Een blik in de Groninger kenteken-databank leert dan dat deze Hendrik Bolt in een Dodge reed, volgens het verhaal uit mijn familie een vrij grote auto voor die tijd. Overigens heeft deze Bolt nooit weer wat van zich laten horen bij de ouders van het omgekomen kind.
Om precies te zijn gebeurde het ongeluk op de weg langs de Drentse Hoofdvaart, waar indertijd helemaal nog niet zo vaak een auto langskwam. Mijn grootouders woonden daar nog in een huis aan de Havelter kant van Uffelte. Het overreden jongetje, Pieter Toppen, was het zoontje van Hindertje Lindeman, de oudste halfzuster van mijn grootmoeder. Haar man, Lammert Toppen, net als zij oorspronkelijk onderwijzer, werkte als ambtenaar bij de gemeente Veendam. Hun hele gezin logeerde bij mijn grootouders en op het moment dat het ongeluk gebeurde zat Toppen samen met mijn grootvader in de Hoofdvaart te vissen. Mijn opa, van wie de soldatenkepie waarschijnlijk was, heeft dit dus ook van zeer nabij meegemaakt, al heb ik er hem nooit over gehoord. Hij was sowieso een wat gesloten man.
Natuurlijk had het ongeluk een enorme impact. De moeder van de jongen, die het ongeluk vanachter het raam zag gebeuren, kwam er nooit over heen, raakte zenuwziek en was ruim vijftien jaar opgenomen in het psychiatrisch sanatorium Dennenoord, toen ze daar in 1942 stierf.
Thuis, in Veendam bleef altijd een geschilderd portret van de overleden jongen aan de muur hangen. Dat portret is later vererfd op zijn vier jaar jongere zusje Grietje. Een paar jaar geleden, toen zij als Margriet begon te dementeren en haar einde voelde naderen, ontdeed zij het van lijst en spieraam en rolde het op. Ze wilde het meenemen in haar doodskist. Zondag overleed ze, als laatste familielid van mijn vaders generatie, bijna 96 jaar oud. Vandaag was haar crematie, maar wat er met het portret gebeurd is, ben ik niet gewaar kunnen worden.
Aanvulling, 23 februari 2017:
Vond net hier nog het bericht van de Meppeler Courant d.d. woensdag 5 augustus 1925, pag. 1/2:

Er waren dus twee versies van het verhaal in omloop. Het jongetje heeft nog anderhalve dag bij mijn grootouders thuis gelegen.
“Het glansnummer van alle smokkeltrucjes”
Geplaatst op: 8 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis Een reactie plaatsen“Het glansnummer van alle smokkeltrucjes is tot dusver: de doodskist-smokkelarij, hetgeen, naar verluidt, zich aldus heeft toegedragen. Een grensbewoner was overleden en de voor den doode benoodigde kist moest vervoerd worden uit de 1e linie tot onmiddellijk bij de grens. Een zoo groote ruimte als de inhoud van een doodskist onbenut te laten, zou dwaasheid zijn. Zoo iets bestaat gewoonweg niet! 500 à 600 pond vet kan er in en gaat er in! De kist, geladen op de schouders van 6 stoere mannen, wordt grenswaarts gedragen, in onvervalschte bijbehoorende stemming, De grenswacht wordt gepasseerd, en deze, vol piëteit, salueert model, terwijl zelfs enkelen hunner de treurige stoet met ontblooten hoofd laten passeeren.”
Winschoter Courant, 23 juni 1916, in een bericht dat de redactie overnam uit de Noord-Ooster (Veendam). Vanavond kwam de anekdote voorbij in de lezing van Henk Wierts over smokkelarij aan de Groninger oostgrens.
Acht eksters op een kluitje
Geplaatst op: 8 februari 2017 Hoort bij: Dieren, Hoogkerk 4 reactiesDe foto is onscherp, want in haast gemaakt. Maar liefts acht eksters vanochtend vroeg op een gazon aan de Peizerweg, waarvan dit er zes zijn:

Nooit eerder zo’n aantal bij elkaar gezien. Meestal zie je er twee, een stel, en als er net jongen uit het nest zijn zie je die nog een poosje begeleiding krijgen van de ouders. Maar acht eksters op een kluitje buiten dat seizoen? Of klitten ze, net als andere meer solitaire vogels, weer meer op elkaar als het wintert?
Beelden van Jan S. Niehoff
Geplaatst op: 7 februari 2017 Hoort bij: Kunsten 1 reactieNaast schoolarts, publicist, actievoerder en dichter was Jan S. Niehoff nog beeldend kunstenaar. Sinds hij enkele jaren als lichtmatroos en stuurmansleerling gevaren had, rond 1950, bleef hij gefascineerd door schepen en dat is aan veel van dat werk te merken Bijvoorbeeld aan dit silhouet, gesneden of gezaagd uit een dunne houten plaat:

Stijlvast was hij niet, van medicijndoosjes maakte hij architecturale vormen:

Nog een zeilschip, van hout, zinken? plaat en aluminium strips:

Mensen die elkaar vasthouden, geabstraheerd, uit hout; een beeld dat me vaag deed denken aan Bro Bro Brille:

Deze beelden zijn waarschijnlijk nooit eerder geëxposeerd. Dit en ander werk van Niehoff is vanaf vandaag te zien in de ontvangsthal van RHC Groninger Archieven, Cascadeplein 4.
Topografie met vrouwelijk naakt
Geplaatst op: 6 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis 1 reactieIn een boek over Groninger bedrijven en instellingen anno 1913, valt mijn oog op deze helaas overlapte prent van ruim een eeuw eerder. Het betreft de zaagmolen van de zwagers Haitzema & Post aan de Rensel in Winschoten, gezien vanaf de Beertsterweg aan de westkant:

De molen, van 1784, met hout op de werf bij het tamelijk lege balkgat:

De mulderswoning, van 1795, waar bedrijfsleider Eisso Post woonde. Hij komt net met zijn paard thuis van een zakenreis – of zou het een klant zijn die ginder over het hoogholtje gaat?:

Op de voorgrond twee schepen met vrouwen aan dek. Een heeft een kind op haar arm. Ze lijken te kijken naar andere vrouwen, niet op, maar in het water:

Kinderen zien toe vanaf de dunne wal tussen de vaart en het balkgat. Het moet zomer zijn.
Groninger topografie met vrouwelijk naakt, dat lijkt me toch vrij zeldzaam.
Naderhand blijkt dat de prent ook in de Beeldbank zit, maar dan grover en donkerder. Vraag me af of zij nog ergens bestaat en zo ja, of ze dan ook in kleur is.
Er glijdt een drone langs de Peizerstate
Geplaatst op: 5 februari 2017 Hoort bij: Stad nu 2 reactiesReclamefilmpje van vastgoedfirma belicht van twee kanten een object aan de Peizerweg waar ik vrijwel dagelijks langs kom. Van beneden zie je niet wat voor mooi balkon ze daar boven hebben:
Hooiwagen stuift dijk af
Geplaatst op: 5 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis 2 reactiesSoms lees je in de krant dat een auto zich in een voorgevel van een woning geboord heeft, waarbij zowel de bestuurder als de bewoners van het huis er met de schrik afgekomen zijn. Niets nieuws onder de zon, zelfs in het tijdperk van de paardentractie kon zoiets al gebeuren:
“Gisteren kwamen te Ganzedijk twee paarden voor ecu wagen vracht kwelderhooi, en met twee mannen van Beerta op het voorkistje gezeten, op den loop. De viervoeters stoven met het gansche gevolg van den kop des dijks — omstreeks 4 Ned. el (= meter, HP) boven bet maaiveld — naar beneden, en braken in snelle vaart door eene vrij sterke schutting, staande voor de behuizing van den landbouwer H. Kaspers. Maar wat meer zegt, een der paarden maakte zulk eene bres in den voorgevel, en vooral in een raam, dat het ter halver lengte in de kamer aankwam, alwaar het in eene half staande, half knielende positie halt maakte. Nopens de uitwerking van den eersten schrik bij de bewoners hebben wij alsnog niet gehoord en hopen wij het beste. Meest is echter in dit voorval te verwonderen, dat zoowel mannen als voerlieden er ongedeerd ziju afgekomen.”
Bron: Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 7 augustus 1861, in een bericht dat deze krant overnam uit de Provinciale Groningsche Courant van vier dagen eerder.
Muizengolf geeft massa katten
Geplaatst op: 4 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis 2 reacties“Bij de algemeene klagt over de sterke vermenigvuldiging van de muizen, mag het niet onopgemerkt worden gelaten, dat ook haar vijand in evenredigheid schijnt te zullen vermeerderen, wanneer ze slechts niet wordt vernietigd. Als voorbeeld daarvan schrijft men dat bij een burger te Nieuw-Beerta twee katten dit jaar een gezamenlijk getal van 33 jongen hebben geworpen.”
Bron: Rotterdamsche Courant 20 november 1860.
Schaatsdrama in Bellingwolde
Geplaatst op: 4 februari 2017 Hoort bij: Geschiedenis 6 reacties“Bellingwolde (prov. Groningen), den 24 Januarij.
Als eene ontzettende gedachtenis aan het thans voorbij gaande vriesweder blijft ons overig dat dezen morgen uit het ijs der Westerwoldsche-Aa, achter dit dorp, zijn opgehaald drie vóór eenige dagen, aldaar gelijktijdig verdronken personen; zijnde een daglooner Geerd Friederichs van Lang, oud 38 jaren benevens 2 zijner zonen van 15 en 13 jaren, die vrijdag laatstleden, ter beoefening van hunne schamele broodwinning, met schaatsen en schuifsleeden hunne woning te Nieuw – Beerta hadden verlaten, en thans in dezelve, tot een onder rouw en behoefte zwijgend huisgezin, nu bestaande uit de weduwe met 3 nog jongere kinderen, dood terug gebragt zijn.”
Bron: Staatscourant 30 januari 1826.
Vistuig van ruim een eeuw geleden
Geplaatst op: 1 februari 2017 Hoort bij: Drenthe vrogger, Kunsten 3 reactiesWas op zoek naar iets anders, maar in een programma voor een Waterfeest in Paterswolde, 1911, viel mijn oog op deze advertentie van een Sneker handelaar in visgerei. Niet alleen worden daarin vergeten visnetten als treemkes en zegens opgevoerd, ook demonstreert de advertentie met stripachtige plaatjes de werking van een totebel of kruisnet:

Op het plaatje linksonder haalt de visserman louter rotzooi omhoog, hetgeen hem zichtbaar verdriet doet:

Op het andere zit de totebel vol met vis, hetgeen meneer bijzonder verheugt:

De onuitgesproken suggestie was dat je voor vis in plaats van rotzooi in je net helemaal naar Sneek moest. Een Groninger concurrent kon het daar uiteraard niet mee eens zijn:


Recente reacties