Groningen van boven

Filmpje van Dennis Brakema.


Stand der electrificatie van Groningen en Drenthe (1925)

Deze kaart kwam van de week bij toeval op mijn pad:

2015-12-01 045

Weergegeven is het electriciteitsnet van het stroomdistributiebedrijf ‘De Laagspanningsnetten’ in 1925. In Drenthe zijn er in het concessiegebied nog steeds contreien zonder stroomtoevoer (geel op de kaart). De dorpen Beilen en Westerbork hebben hier voorlopig nog een eigen, lokaal netwerk (de gestreepte eilandjes in het geel). Naar het zuidwesten en het zuidoosten lopen al wel verbindingen. In de zuidwestelijke tak, rond Diever en Dwingeloo, zijn mijn grootvader en mijn oudoom wat later als installateurs en electriciëns de lokale vertegenwoordigers van de Laagspanningsnetten.

De kaart zit in deze overdruk van een hoofdstuk uit een omvangrijker boek over de stroomvoorziening van Nederland:

L2


Die andere puddingfabriek

Naast A.J.P. was er nòg een puddingpoederfabriek in Groningerland:

die andere Groninger pudduing

De verpakking is te zien in de hal van de Groninger Archieven, in de marge van een kleine expositie over de Grunobuurt. Het betreft een bruikleen van Openluchtmuseum ’t Hoogeland in Warffum.

Die Veendammer puddingfabriek van O.J. Meijer bestond vanaf ca. 1900 en werd rond 1960 opgeslokt door het Scholten concern.

Interessant bedrijf, dat ook in dextrine deed en het eerder wel eens aan de stok had met diezelfde grote broer wegens schending van fabrieksgeheimen.

Anders dan A.J.P. adverteerde O.J.M. niet zo vaak voor zijn puddingpoeders. In een Graafschap-bode uit het crisisjaar 1931 staat deze curieuze, zeer door de tijd bepaalde strip die deel uitmaakt van de campagne voor het kopen van vaderlandse waar:

Graafschapbode 6 maart 1931 a

Beetje inzoomend: in de Eerste Wereldoorlog voedde de vaderlandse agro-industrie de vaderlandse hongerlijers:

Graafschapbode 6 maart 1931 b

Daarom moesten de consumenten van 1931 de vaderlandse agro-industrie steunen, en dan met name natuurlijk O.J.M. uit Veendam:

Graafschapbode 6 maart 1931 d

 


Charmante kaart

0817_03530_0001 detail blog

RHC Groninger Archieven 817-3530

Soms kan ik hevig gecharmeerd raken van een ouwe kaart. Zoals deze uit 1818,

“van den uitloop der Drentsche Aa bekend onder den naam van het Hoornsche Diep, met de wederzijdsche oevers en grens tusschen de Provincien Groningen en Drenth “.

Oost is boven, zuid is rechts, west onder en noord links. Weergegeven is een fragment van Hoogkerk e.o.. De provinciegrens is de rode lijn die van halverwege rechts naar halverwege onderaan de kaart voert. De lange, gekromde lijn links is het Hoendiep, met iets onder het midden Hoogkerk en onderaan Vierverlaten. Rechts loopt de Drentselaan (nu Peizerweg) daar min of meer parallel aan. Waar die zich vertakt in de Zuiderweg naar Hoogkerk en de weg naar Peize heb je de buurtschap Lingenhuizen met het Drentse tolhek. Net als het tolhek bij Hoogkerk is dat met een blokje over de weg aangegeven. Onderaan de kaart heb je tot slot nog het Koningsdiep, de Roderwolderdijk en, helemaal rechts, Eiteweert.

Afgezien van de grens, de wateren en de wegen is de kaart niet erg precies. De molen bij Hoogkerk staat er wel op, de watermolens niet. De kerk en de boerderijen zijn aangegeven met simpele rode blokjes, en met wat geclusterde, weinig systematisch ogende streepjes gaf de kaartmaker de richting van de sloten aan.

Wat de kaart in dit geval zo aantrekkelijk maakt? Het zal de wat naïeve en daarom licht aandoenlijke manier van tekenen zijn.


Brief van een honderdjarige

Tussen 1953 en 1963 was mijn oudtante Annie Vondeling directrice van het rusthuis Buitenwoel in Veendam, waar enkele tientallen bejaarden die dat betalen konden in volpension werden verzorgd. Aan deze periode herinnert een flinke stapel foto’s, maar ook een enkele brief die mijn oudtante zal hebben bewaard, omdat hij geschreven werd door een honderdjarige bewoonster van Buitenwoel. Hoewel deze afzendster haar schrijven per abuis dateerde op 1993, in plaats van op 1973 (een jaartal dat o.a. blijkt uit een aangestipte gebeurtenis) was ze bij haar doof- en slechtziendheid geestelijk nog zeer goed bij, reden om haar brief hier te reproduceren:

Veendam 7 jan. 93

Lieve Annie,

Jouw laatste brief van 21 nov. ligt mij al heel lang verwijtend aan te kijken, maar mijn 100 jaren beginnen mij wat zwaar te vallen en ’t was vaak te donker om te schrijven en bij lamplicht wil ’t ook niet zo goed, alleen met zonneschijn gaat het nog. Nu is ’t ook nog mistig en kan ik slecht op de lijntjes blijven, maar ik wil ’t proberen.
Wat heb je toch veel beleefd in de laatste tijd, een auto ongeluk waar je gelukkig vrij goed afgekomen bent en dan je zuster ziek en nu overleden, daarbij de zorg voor je man, wat ook een hele opgaaf voor je is. Een wonder dat je het volhouden kunt en dan zo’n aardige lange brief aan mij schrijven. Ik ben daar dan ook zeer dankbaar voor, omdat telefoneren zo slecht gaat. De mensen kunnen mij wel verstaan maar ik de opgeroepenen maar half of helemaal niet door mijn doofheid.
Mijn ogen worden ook minder, maar de brieven en artikelen met hoofdletters in de krant gaan nog best. Ook puzzelen (Denksport) gaat mij goed en doe ik graag en elke dag speel ik een spelletje skrebbel met de heer Te Velde, die bijzonder aardig voor me is.
De maand december was te druk voor mij, veel jaardagen en dan ga ik ’s morgens naar de koffie. 1e Kerstdagavond gezamelijke maaltijd, verder de Sint Nic. avond, ’t afscheid van zuster Hannie en begin van directrice v.d. Zwaag van Franeker en de Oudejaarsav. tot 12 uur, dat alles heeft me erg vemoeid en nu wil ik liefst maar veel slapen en rustig zitten met benen op een stoel.
De overgang van ’t Ouwe Jaar naar ’t Nieuwe brengt ook allerlei beslommeringen mee, ‘k zal blij zijn als alles weer gewoon is.
De nieuwe directrice is ± 40 jaar, is adjunct geweest in een bejaardenhuis, is een eenvoudiger verschijning dan Zuster, maar ze heeft een heel vriendelijk gezicht, waardoor ze je dadelijk inneemt. Zr. heeft hier een woning gehuurd in Zorgvlied, waar ze helemaal voor zichzelf moet zorgen. Ze valt alle dagen ook ’s nachts in als de directrice vrij is. We hebben nu een kok die goed voor ons kookt, ook voor de bewoners van de flat bij de kerk, nu het Gasthuis afgebroken is (de bewoners zijn verhuisd naar het bejaardenhuis Moria). We hebben heel weinig personeel zoals overal ’t geval is in die tehuizen.
Vorig jaar zijn er 3 gestorven, mevr. v. Dijck, mevr. Jonker en mevr, Venema.
Nu moet ik wel eindigen, want ’t middageten komt soms al voor 12 uur en vanmiddag komt Dinie Bolhuis (ze komt geregeld zondagmiddag) en ik wil de brief nu af hebben.
Ik vind het erg prettig dat je me op de hoogte houdt van wat je beleeft en wens je sterkte toe. Groeten aan je zuster en ook veel liefs voor jou,

je Riek Bosscher

Vijf maanden nadat ze deze brief schreef, overleed Hendrike Johanne Bosscher, zoals ze voluit heette, in Huize Buitenwoel. Doordat haar executeur-testamentair haar geboortedatum in de rouwadvertentie noemt, is het bericht over haar honderdste verjaardag, ook al staat dat niet in een gedigitaliseerde krant, vrij gemakkelijk te vinden. De veenkoloniale krant de Noord-Ooster meldde op 28 juli 1972 dat ze de oudste bewoner van Veendam was, maar dat ze geen drukte wilde en het “heuglijke feit” daarom zo veel mogelijk geheim hield, zodat het toch nog een rustige verjaardag voor haar werd. Vanaf haar meisjesjaren had ze in het onderwijs gezeten. Na enkele jaren in het zuiden van het land te hebben gewerkt, keerde ze terug naar Veendam, waar ze Frans gaf aan de Mulo die vroeger bekend stond als “Boerma’s school”:

“Mevrouw Bosscher heeft zich altijd mogen verheugen in een groot respect van Veendams bestuurders, haar collega’s en leerlingen. Haar grootvader was burgemeester van Veendam, naar wie een straat in Veendam is genoemd.”

Zoals ook al uit haar brief blijkt, mocht ze graag puzzelen:

“Je verrijkt je geest er mee en op den duur word je haast een wandelende encyclopedie…”

De summiere biografie in de Noord-Ooster is verder aan te vullen vanuit gedigitaliseerde bronnen. Riek Bosscher werd in 1872 geboren als dochter van een rijksveearts. Nog voor haar negentiende haalde ze haar lager onderwijsakte en verhuisde vervolgens naar Helmond, waar ze echter pas in 1895 een vaste aanstelling kreeg. Mogelijk was ze eerder volontair of invalkracht geweest. Een jaar later bleek ze teruggekeerd in Veendam, want als onderwijzeres in die plaats haalde ze haar LO-akte Frans, waarna de gemeente Veendam haar vrijwel meteen benoemde tot onderwijzeres Frans “aan de school van den heer T. Boerma”. De rest van haar werkzame leven bleef ze in die functie aan die school verbonden. In 1907 studeerde ze ook nog even voor de akte Duits, maar of ze die ook gehaald heeft, is onbekend. Naast haar werk was ze in elk geval actief in de hervormde gemeente, want in 1935 werd ze herkozen in het Kiescollege van die gemeente. In 1936 kreeg ze op eigen verzoek eervol ontslag als onderwijzeres aan de Ulo, dit na 43 dienstjaren. Haar afscheid ging gepaard met een feest in zaal Parkzicht, dat bijgewoond werd door alle, ruim tweehonderd leerlingen van de school, de collega’s, de oudercommissie en het gemeentebestuur:

“Mej. Bosscher werd op waardige wijze gehuldigd door verschillende sprekers, mooie bloemstukken werden aangeboden, terwijl de jeugd aan de scheidende en zeer beminde leerares een passend cadeau aanbood.”

De Noord-Ooster had in 1972 deze klassefoto van minstens een halve eeuw eerder – ze is de kleine vrouw die tweede van rechts staat, naast de groep leerlingen:

Riek Bosscher a

Helaas herken ik haar van deze foto niet terug op de foto’s van Buitenwoelbewoners, die mijn oudtante bewaarde zonder er de namen achterop te zetten. Misschien leeft er nog een oud-leerling die beschikt over een goed portret? Die zal dan zelf inmiddels ook hoogbejaard zijn.


Stationskauwtje

De trein was wat laat. Deze vogel toonde bijzondere belangstelling voor het krokante kipding dat ik uit de stationsautomatiek had getrokken:

2015-11-28 014 v

Toen ik een stukje afbrak en hem dat toegooide, ving hij ’t behendig in de lucht op. Voor het eerst viel me die blauwe kuif op:

2015-11-28 017 v

Hij stak goed in de veren, ondanks alle junkfood.


High Noon in Emmen

“In 1926 ontstonden moeilijkheden van grote omvang met de veenarbeiders. Van burgemeester Kootstra werd verteld dat hij toen niet veel anders deed dan zenuwachtig door het dorp fietsen, de hand in de zak waarin een Mauser pistool verborgen zat.

Het was een warme, griezelige dag die ik mij nauwkeurig herinner. Wandelende bij het station zag ik daar de procureur-generaal uit Leeuwarden met andere dignitarissen uit de trein stappen. Gevolgd door een paar honderd man militaire politie en vrijwillige landstorm, die direct begonnen machinegeweren en munitie uit te laden.

Intussen waren enkele duizenden trekkende veenarbeiders met hun vrouwen in Emmen gearriveerd. Uiteindelijk bleken twaalf marechaussees op de fiets, onder leiding van opperwachtmeester Stop, voldoende om de gehele menigte tot omkeren te bewegen. Er vielen weinig klappen, laat staan een schot, en alles liep met een sisser af. Maar het leek wel dreigend.”

Harm van Riel in De Noordooster van 29 juli 1972.


Vul deze zin naar eigen inzicht aan

2015-11-27 145

(Groninger Museum)


‘De elektriciteit in huis maakt een vrouw gelukkig!’

‘Vroeger was de vrouw des huizes de slavin van haar potten en pannetjes, kooktoestellen, kachels, stoffer-en-blik, bezems, stofdoeken en wat al niet meer! Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat werd zij daardoor opgejaagd. Geen oogenblik rust! Elken avond was ze “op” en afgesloofd vòòr haar tijd.’

315-186 c

‘Maar evenals Asschepoes omgetooverd werd tot Prinses, zoo is ook de vroegere huissloof omgetooverd tot de rustige, allesbeheerschende Vrouwe des Huizes, dank zij de nieuwste uitvindingen op electro-technisch gebied. De kaboutersprookjes, die ons als kinderen verteld werden, zijn werkelijkheid geworden. Zie de moderne kabouters op den omslag van dit boekje; zij doen al het werk voor U.  Geen gevlieg en gedraaf, geen rompslomp meer.’

315-186 d

‘De elektriciteit in huis maakt een vrouw gelukkig! Zij is het behoud van haar jeugd en van haar schoonheid. De oorzaak van vroege aftakeling en ontijdig oudworden is voor goed uit Uw huis verbannen.’

315-186 q

‘Het sprookje van Aladin en zijn wonderlamp is in  de elektriciteit bewaarheid: één druk op den knop en de REUS staat voor u klaar om Uw wenschen uit te voeren. Eén vingerdruk en ge hebt: licht, warmte of frissche lucht, warm water, maaltijd kant en klaar, ge wordt gebaad en afgedroogd, Uw blouses worden gewasschen, gestreken en genaaid. Uw huis wordt schoongemaakt tot het laatste stofje toe en zoo al meer!…’

315-186 r

Bron: Brochure met propaganda voor electrische huishoudelijke apparaten, in dit geval uitgegeven door de Veendammer  electricteitsmaatschappij, maar eigenlijk van landelijke aard. Tweede, gewijzigde druk, ongedateerd maar uit 1935 (de eerste kwam uit in 1933). Collectie RHC Groninger Archieven 315-186.


Winterse ochtend

De Ruskenveense plas vanaf een gladde voetgangersbrug, met op de achtergrond de Hoogkerker suikerfabriek

2015-11-23 001
Dampende paardjes bij het Hegepad:
2015-11-23 006


Veendammer windvaan

Gezien tussen het station en het museum in Veendam – deze windvaan, waarop de ooievaarskuikens wel een beetje idealistisch zijn voorgesteld:

2015-11-22 005


Toonaangevend meubelbedrijf stad krijgt hommage in Veenkoloniaal Museum

Vanmiddag is in het Veenkoloniaal Museum te Veendam de tentoonstelling over de meubelfabriek ‘Nederland’ van Jacob Huizinga opengegaan. Die onderneming, zo’n honderd jaar geleden zeer gerenommeerd en zelfs landelijk toonaangevend, was gevestigd in de stad Groningen, en bood aan zo’n honderd mensen werk.

Het was knap druk, drukker dan anders bij openingen in het Veenkoloniaal Museum, hoorde ik. Mogelijk kwam dat mede door de vele particuliere bruikleengevers die een stukje Huizinga aan de tentoonstelling hadden bijgedragen:
2015-11-22 001 was 030
Vanaf een ouwe prentbriefkaart bleek een complete toonzaal van Huizinga nagebouwd te zijn:
2015-11-22 009
Detail van de toonzaal – vind het Jugendstil theelichtje van mijn oma toch mooier dan deze koperen:
2015-11-22 011 was 51
Hoewel Huizinga liever wat moderners maakte, leverde hij naar ieders smaak. Zo staan er buffetjes met veel tierelantijntjes:
2015-11-22 013 was 024
Wat minder tierelantijntjes:
2015-11-22 014
En met vrij weinig poespas, bijna zakelijk zeg maar:
2015-11-22 015
De liefde Gods zit ‘m in het detail – snijwerk van vogels en kastanjebladeren:
2015-11-22 018
Andere vogels en kastanjebladeren:
2015-11-22 021
Duiven:
2015-11-22 022 was 050
Een apart zaaltje is gewijd aan los, ruimtelijk werk van Huizinga’s meester-schrijnwerker Willem Haver. Een kikker van diens hand:
2015-11-22 039
Naast een haan die me doet denken aan de hanen van Theo van Hoytema:
2015-11-22 044
En een vrouw die een boek zit te lezen:
2015-11-22 045 was 35

Website over Huizinga’s meubelfabriek.


Ol Sodom te kiek

Dit keer werd de Dag van de WesterWoldambtster Geschiedenis in Winschoten gehouden. Aan de lezingen kon je dat niet merken – daarin kwam Westerwolde ruim aan bod. Aan wat er zo links en rechts in het gebouw geëxposeerd werd viel het (gelukkig) wel op dat de locatie Sodom was.

Buste van de jonge koningin Wilhelmina, afkomstig uit de Winschoter sociëteit De Harmonie:
a 2015-11-21 035
Charmant stadsgezicht Winschoten, hout- of linosnede van een Idsinga of ?odinga:
a 2015-11-21 041
Boven in het gebouw was er een tentoonstelling ingericht door de stichting ‘Oud Winschoten’. Daar hing dit naïef portret (pastel) van Trientje Rustius (1841-1881) op haar negentiende jaar:
b 1 2015-11-21 094
Winschoten was voor de oorlog de stad met, na Amsterdam, het hoogste percentage joodse inwoners. Thora-schild, in 1898 door Abraham Schat geschonken aan de joodse gemeente Winschoten, ter herdenking van zijn vrouw Bettje:
b 2 2015-11-21 072
Vooral van het voormalige bedrijfsleven viel er veel te zien. In een vitrine van de Groninger Archieven lagen deze briefhoofden uit 1917 van de Winschoter tabaks- en sigarenfabriek Roelfsema. Links een merk dat deze fabriek voerde: Het Bonte Paard. Rechts een afbeelding van het Graaf Adolfmonument in Heiligerlee:
b 2015-11-21 028
Een tegeltableau van Roelfsema’s merk op de expositie van ‘Oud Winschoten’:
b 2015-11-21 061
Graaf Adolf was de naam van een koekjesfabriek, die uiteraard het monument als beeldmerk voerde:
Graaf Adolf 2015-11-21 075
Vegter mag dan nu nog de enige fabrikant van nieuwjaarsrolletjes zijn, Graaf Adolf deed er ook in:
graaf Adolf 2015-11-21 076
‘Oud Winschoten’ beschikt over een prachtige kast van een zaadhandel – met voor elk groentezaad een apart laadje:
Kloosterhuis Zaadhandel 2015-11-21 053
In een vitrine de kleurtjes van stoomverffabriek T. Koops:
Koops 2015-11-21 087
Naast andere, behoorlijk tweedehandse en tevens verweerde schildersbenodigdheden:
Koops 2015-11-21 112
Een door verjaardagsfeestjes zeer bekend Winschoter bedrijf was de drankenfabriek van Phaff (1847-1979):
Phaff 1 2015-11-21 102
Het deed onder meer in boerenjongens en boerenmeisjes:
Phaff 2 2015-11-21 091
Sportspullen van Oud Winschoten – het vaandel van de lokale ijsclub, opgericht in een tijd dat er talloze ijsverenigingen tot stand kwamen:
sport 1 2015-11-21 081
Sporttas van de Winschoter voetbalvereniging BATO. Het gebruik van hoofdletters doet vermoeden dat de naam een afkorting is, bijv. Blijven Aanvallen Tot Overwinning, of:Bal Afstaan Tergt Ons. Dit is onjuist. Bato blijkt de naam van een oer-Batavier in een toneelstuk van P.C. Hooft:
sport 2 2015-11-21 079
Tot slot dit uiltje, afkomstig van een uilenverzamelaar Uil:
z 2015-11-21 105
v


Op de fiets bij de vaart, na de TT

Mijn vader is eind jaren veertig wel een keer of vier fietsend gekiekt en bovendien minstens zo vaak staande naast zijn fiets. Vermoedelijk kocht hij ’t rijwiel – een Fongers? – van zijn eerst verdiende centen. Meestal is de omgeving op zulke portretjes vrij non-descript; de interessantste van die fietsfoto’s is deze:

img535 nog x

Hij rijdt richting fotograaf op een pad en achter hem komen er nog veel meer mensen deze kant op. Blijkbaar is er iets te doen geweest. Er zit een bloem, zo te zien een anjer, op zijn ene revèr, Links ligt een olievat in de berm, binnen de omheining staan een ouwerwetse benzinepomp en een reclamepaal van Esso en aan de andere kant van de opgang zie je een bord met de aanduiding: “Bushalte D.A.B.O.” (Drentse Auto Bus Onderneming).

Het moest Havelte zijn, maar in eerste instantie kon ik de omgeving niet thuisbrengen. De Beeldbank van het Drents Archief bracht echter uitkomst. Die bevat een foto die vanaf bijna dezelfde plek en in grotendeels dezelfde richting genomen is, en verklaart daarbij dat het hier gaat om de “ESSO benzine pomp van de familie Faken aan de Rijksweg Nz. 4 te Havelte”.

Later zat hier, bij de Drentse Hoofdvaart, het garagebedrijf van Bart de Groot, totdat die populaire BOVAG-vakman rond 1970 leraar werd aan de LTS. Achter het bushaltebordje zien we dan het brugwachtershuisje bij de Havelterbrug. En achter mijn vaders andere schouder en al dat volk in aantocht zien we de voorgevel van het café Kassies dat schuin tegenover de Havelterbrug pal op de rijksweg stond:

Café Kassies bij de Havelterbrug

Dat café dateerde van ongeveer 1850 en gold sindsdien als

“een belangrijke pleisterplaats voor de boeren in Drente (…), die het op hun weg naar de markten te Meppel of te Assen bij voorkeur aandeden, eerst in de tijd van de trekschuit en later, toen de tram de voornaamste verbinding tussen deze beide grote Drentse plaatsen was geworden.”

Met de ontwikkeling van het autoverkeer werd het café hier echter een gevaarlijk object. Tussen het brugwachtershuisje en het café kwam namelijk de Dorpsstraat op de Rijksweg uit, menigeen moest hier oversteken naar Ruinerwold en er zijn hier enkele zware ongelukken gebeurd, doordat je vanuit de Dorpsstraat naar links nauwelijks zicht had op de Rijksweg. Vandaar dat Rijkswaterstaat café Kassies begin 1954 opkocht en liet slopen.

Maar waarom was hier op de foto van mijn pa zoveel volk bij de weg? De plek stond toch niet bekend om zijn publieke festiviteiten. Welnu, ik denk dat de anjer op het jasje van mijn vader duidt op de verjaardag van prins Bernhard, eind juni. De Prins landde in de zomer van 1949 ook eens met zijn vliegtuig in Havelte, maar dat zal aan de andere kant van het dorp geweest zijn, want hier op de oostkant was het land daarvoor te drassig, terwijl op de westkant nog het voormalige Duitse vliegveld lag. Verder was er bij de Rijksweg en Hoofdvaart maar één gebeurtenis die telkenjare veel volk trok, en dat was de doortocht van alle motorrijders na afloop van de TT in Assen, ook steeds aan het begin van de zomer. Waarschijnlijk heeft mijn vader, net als al die mensen achter hem bij café Kassies, dus naar die motorrijders staan kijken, juist op de verjaardag van de prins.

Nu vierde men die verjaardag op 29 juni, behalve als dat een zondag was, want dan werd het zaterdag 28 juni. Kijken we nu naar de data waarop in de periode 1947-1953 de TT gehouden werd, dan is dat geen enkele keer op 29 juni en alleen in 1947 en 1952 op 28 juni geweest. De foto van mijn vader moet dus in een van deze beide jaren gemaakt zijn. Vergelijking met gedateerde foto’s van hem uit 1948 en 1951 leert dan, dat hij er in die jaren wel iets ouder uitzag. Ergo: de foto dateert van 1947, toen hij twintig jaar oud was.


Perton, in matrozenpakjes

Keek in het archief even of er een in memoriam voor de fotograaf Tonnis Post in de Winschoter Courant had gestaan. Dat bleek niet het geval. Er stond zelfs geen overlijdensadvertentie in deze krant. Maar het kijkje in de legger leverde me wel een onvoorziene buit op: een advertentie van een manufacturier Perton:

Winschoter Courant zaterdag 15 maart 1930.

Winschoter Courant, zaterdag 15 maart 1930.