Doe meer met kaas
Geplaatst op: 23 juli 2011 Hoort bij: Geschiedenis 3 reacties
(Schager Courant, 21 december 1861)
‘Zolang je kouk eten, goa je nait dood’
Geplaatst op: 21 juli 2011 Hoort bij: autobio, Geschiedenis, Stad toen 10 reactiesNu het raadsel endelkoek is opgelost – zie de update – wil ik nog even verwijlen bij het synoniem kantkoek, dat de oudere term kennelijk verdrong. Dit synoniem staat, anders dan endelkoek, wèl in het WNT, met maar liefst vier verklaringen waarvan de tweede weer afkomstig is uit het Groninger woordenboek van Molema (1887):
“Soort van koek die rondom andere koeken in den oven gelegd is geworden om te bakken.”
Dat deze betekenis inderdaad gold voor de Groninger specialiteit blijkt uit een interview, dat de Groninger koekebakker Klaassens in 1948 gaf aan Herman Felderhof van de Wereldomroep. Dat interview speelt zich af in het bedrijf van Klaassens, wat diens uitspraken niet altijd even verstaanbaar maakt. Op 2 minuut 36 ziet Felderhof de zoon van Klaassens strepen koek tegen de ‘echte Groninger koek’ aanzetten. Hij vraagt waarom dat gebeurt. Klaassens antwoordt:
“Dat is een soort koek die tegen de kant van de koek aangedrukt wordt om zodoende de sucade en de gember en de geur beter in de koek te houden. Deze koek wordt door ons genoemd kantkoek en werd vooral door scholieren vroeger veel gekocht. Ik herinner me nog dat het 4 cent per pond kostte en zo noemden we het wrakkelat.”
Ik weet niet of ik dat laatste woord goed heb verstaan – zet er maar een vraagtekentje bij. In elk geval was de bedoelde goedkope lekkernij eind jaren zestig ook nog bij Webbink te koop, een bakkerij vlak bij onze middelbare school aan het Zuideinde in Meppel. Het was toen bij ons scholieren een tijdje heel erg in de mode, tot de Marsen en Nutsen in onze lekkere trek gingen voorzien.
Klaassens maakt overigens een onderscheid tussen kantkoek en endelkoek, waar hij even later over begint. Volgens hem bestond endelkoek “uit strepen koek en blokken” en hij heeft er ook een woordverklaring voor die ik helaas niet versta door het geruis in zijn bedrijf.
De rest van het interview is eveneens het beluisteren waard. Volgens Klaassens onderscheidde de Groninger koek zich door een hoog gehalte aan honing en een kwalitatief goede vulling. Daar had de oorlog echter voorlopig een eind aan gemaakt – nog steeds was begin 1948 de import van honing, sukade en gember niet vrij en bestond er ook een prijszetting van overheidswege die Klaassens omzet beperkte.
Heel aardig zijn de folkloristische gebruiken met koek, die Klaassens noemt. Zo kregen Groninger kindertjes op hun verjaardag een stuk koek met het groenwit van de stad-Groninger vlag op hun linkerarm gebonden, en had ieder Groninger gezin met Oud & Nieuw ouwe wijvenkoek in huis. Die soort koek werd ook alleen van november tot februari gebakken. Voor hoogtijdagen als huwelijksjubilea etc. fabriceerden Klaassens en zijn enig overgebleven concullega Knol bovendien koeken met rijmpjes als:
“Alles verandert, alles wordt gekker, moar Grunniger kouk blift lekker.”
En:
“Zolang je kouk eten, goa je nait dood.”
Het raadsel Endelkoek
Geplaatst op: 20 juli 2011 Hoort bij: Stad toen, Taal 7 reacties
Nieuwe Tilburgsche Courant 5 juni 1887
Ik kwam vandaag een paar keer de term ‘endelkoek’ tegen, eerst in een Pijter en Jaapstukje van ca. 1820, later in een gedicht van ongeveer 1860, 1870 over een uitstapje naar Paterswolde. Duidelijk is uit de twee passages dat het als een lekkernij gold voor onderweg, maar ook om te eten met een slok brandewijn. Ik meen dat ik de term wel eens eerder ben tegengekomen, en dat hij me toen al intrigeerde wegens de connotatie met het laatste stuk darm.
Googelend op ‘endelkoek’ vind ik een handvol meldingen uit Groningen, Friesland en Drenthe:
- In een verhaal van Jan Boer over de stoetvrouw in haar glorietijd, begin twintigste eeuw te Rottum (Gr.):
- In een anekdote van Koos Dijksterhuis over hoe zijn ouders elkaar ontmoetten tijdens de oorlog in de binnenlanden van Friesland. Zijn (waarschijnlijk Groninger) vader gebruikte het woord in een spelletje. Citaat: “En toch was endelkoek ooit een lekkernij, geserveerd bij warme groc.”
- In een beschrijving van de situatie in Assen anno 1867: Citaat: “…de beroemde endelkoek, die in geen enkel huisgezin een volslagen vreemdeling is”.
- En in een roman van Elise van Calcar uit 1857. Citaat: “Zij was uit Groningerland geboortig en oordeelde dat het dan nog beter ware onder hare eigene landslieden ‘endelkoek’ te eten dan een overvloed van perziken te Port Natal.”
Het woord staat niet in het WNT en evenmin in een Groninger Encyclopedie. Qua krantenberichten vond ik nog enkele meldingen uit Tilburg, anno 1887, van iemand die daar aan de Willem II-straat Groninger bakprodukten verkocht (zie boven), en één uit Rotterdam 1906, opnieuw een advertentie, waarin gerept wordt van: “de echte Grongingsche endelkoek” (zie onder).

Rotterdamsch Nieuwsblad 3 november 1906
Duidelijk is dat het een vooral Groninger bakprodukt was, dat een zekere populariteit of in elk geval bekendheid genoot in de anderhalve eeuw voor de Tweede Wereldoorlog. Maar wat ik me er precies bij moet voorstellen? Inmiddels heb ik dè Groninger koekhistoricus aangeschreven, maar misschien kan iemand van de lezers hier er intussen meer over vertellen?
Update 21 juli:
Met dank aan Kor, Erik, en Otto die de goede richting aangaven: het is inderdaad kantkoek. In zijn Groningse Woordenboeken met edities uit 1929 en 1952 geeft Ter Laan het woord evenmin, een vrij zeker teken dat het toen al niet meer zovaak gebruikt werd, maar het staat wel in H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19de eeuw (Winsum 1887). Molema geeft daar als synoniemen kaantkouk en pondkouk: “Koek, die in Groningen gebakken en bij ’t gewicht verkocht wordt”. Opmerkelijk is, bij de ontstentenis in Ter Laans woordenboeken, dat Kocks Drentse Woordenboek (1996) het dan wel weer noemt, met een verwijzing naar Molema en een citaat uit Peize: “Vrouger kocht wai veur een dubbeldie endelkouk, en aj het op haren waj zat”.
‘Veendammer onderwijzer wurgt vijf leerlingen’
Geplaatst op: 19 juli 2011 Hoort bij: Geschiedenis 5 reacties
Uit de New York Tribune van 21 september 1902. Ik had nog nooit gehoord van dit opzienbarende geval en keek dus in de Leeuwarder en de krantenbank van de KB of er meer over te vinden was, maar dat leverde helemaal niets op. Dus, zou je zeggen, was dit een stukje bladvulling vanuit een lange redacteurs- of correspondentenduim.
Het bericht vond ik via een databank met Amerikaanse kranten uit de periode 1860 – 1922. Het trefwoord Groningen leverde hieruit vooral berichten op over het opkomende socialisme, de hoogleraar astronomie Kapteyn en de schilder Jozef Israëls, maar ook een damesrubriekje met de melding dat een Groninger schipper zijn vrouw in de zeel zijn schip liet trekken (indachtig het adagium: ‘Wel zien wief laifhet, hold heur veur ogen’, al stond dat er niet bij).
Overigens was er ook een Groningen in het agrarische Minnesota, zodat de plaatsnaam dus voorkwam/voorkomt in Nederland, Duitsland, Zwitserland, Suriname èn de VS.
Upsetters – Return of Django
Geplaatst op: 19 juli 2011 Hoort bij: Muziek 3 reactiesEertijds een van mijn favoriete afwasmuziekjes:
Ook leuk van deze beste ska-groep aller tijden: Clint Eastwood.
Herstellingsoord voor rijksambtenaren
Geplaatst op: 18 juli 2011 Hoort bij: Geschiedenis 3 reacties
Bron: Leeuwarder Courant 9 december 1911
Luchtland
Geplaatst op: 17 juli 2011 Hoort bij: Ommelanden 9 reactiesTussen Paddepoel en Wierum:

Wierumerschouw, de Workum 6 gaat door de brug:
Bij Hekkum:
Tussen Hekkum en Garnwerd:
Bij Saaxumhuizen:
Terras van Spoorzicht, Warffum. Er stond een nuver poestje wiend:
Een bui bij de Wolddijk tussen Westerdijkshorn en Noorderhogebrug:

Weer thuis, onweer:

Brits huidvet bederft stokoud boekje
Geplaatst op: 16 juli 2011 Hoort bij: De actuele wereld, Geschiedenis 7 reactiesIn Nederlandse bibliotheken en archieven moet je voor het raadplegen van de meer kostbare manuscripten die men in huis heeft, onverbiddelijk handschoenen aan. Zelfs als de handen met chirurgenprecisie gewassen zijn, komt er altijd nog wat huidvet en zweet op het stuk, zo is de redenatie. En waar zo’n stuk door meerdere handen komt, geeft dat verval op termijn. Handschoenen vormen dan een conserveringsmiddel.
Je zou dan denken dat zo’n maatregel in het historiegekke Engeland ook allang zou zijn doorgevoerd. Quod non! Dat blijkt nu de British Library “Europe’s oldest intact book” – een evangelieboekje uit de zevende eeuw – wil kopen voor de lieve somma van 9 miljoen pond. Wie schetst mijn verbazing – in het filmpje over deze aanschaf – dat ook rept van “preservation” – gaat het boekje door meerdere handschoenloze handen.
—
Flickr- en Twitter-activiteit in kaart gebracht
Geplaatst op: 15 juli 2011 Hoort bij: De actuele wereld, Webdinkies 6 reactiesKaartje 1 laat zien waar op de wereld veel getwitterd en op Flickr gepost wordt. Het oostelijk deel van de VS, Europa en Japan springen eruit. Opvallend is het verschil tussen de oostelijke en de westelijke helft van de VS. Er lijkt wel een lijn dwars doorheen te lopen. Ten oosten van de lijn zijn er meer blauwe stippen – voor tweets – en ten westen van de lijn zijn er meer rode stippen: voor Flickr-foto’s.
Zoomen we in op Europa, met kaartje 2, dan vormen Engeland en Nederland brandpunten van Twitter- en Flickr-activiteit. De taalgrens door België scheidt naast Vlamingen en Walen ook Twitter- en Flickr-adepten van degenen die dat niet zijn. Parijs, Madrid, Berlijn en andere hoofdsteden zijn duidelijk te onderscheiden, evenals toeristische kustlijnen en vakantie-eilanden. Ziet het er in Rusland en Turkije vrij donker uit, Noord-Afrika is vrijwel zwart, afgezien van Marokko en Tunesië.
Een rijmneurose uit 1769
Geplaatst op: 13 juli 2011 Hoort bij: Taal, UK + RUG 3 reacties

Promotievers voor Wicher van Swinderen (Groningen 1769)
Dominee van Tolbert nam Braziliaanse rariteiten mee
Geplaatst op: 12 juli 2011 Hoort bij: Geschiedenis 2 reacties
“Op ’t Request van Dnus Johannes Haselbeeck Pastoor in ’t Olbert, presenterende an de Provincie ten dienste van de Provinciale Academie verscheiden rariteiten, bij hem uit Brasijl mede gebracht te verhandelen.
Hebben de Heren Staten van Stadt en Lande den Remonstrant gewesen aen d’Heren Curatoren deser Academie ten einde deselve geduirende dese Lantsdach met enige professoren sich des verstaende geconsuleert hebbende op derselver rapport sulx mach worden gedisponeert als men tot mieste lustre van d’Academie sal bevinden te behoiren.”
Aldus een broddelig geredigeerde resolutie van de Staten van Stad en Lande de dato 8 juni 1649. Dominee Haselbeeck van Tolbert had dus (opgezette) dieren, dierskeletten, schelpen, planten of wat dies meer zij meegenomen uit het toen nog Nederlandse Brazilië, en probeerde deze verzameling te slijten aan de Groninger Academie. Omdat de provincie Stad & Lande dit uiteindelijk zou moeten betalen, diende de predikant een verzoekschrift in bij de Staten van dit gewest. Helaas bleef de financiële administratie van de academie uit deze tijd niet bewaard en hoe dit is afgelopen, is dus onbekend.
Johannes Hasebeeck, auteur van een Metamorphosis Christiana (1633) was tot drie maal toe predikant van Tolbert: eerst van 1615 tot 1621, een tweede keer van 1638 tot 1641 en later nog eens van 1645 tot zijn dood in 1655. In de eerste tussenliggende periode stond hij eerst in Midsland op Terschelling en was hij vervolgens veldprediker geweest, zeg maar aalmoezenier in het leger. In de tweede tussenliggende periode vertoefde hij in het pas veroverde, maar weinig stabiele Brazilië.
De joodse dansleraar van Leek en omgeving
Geplaatst op: 11 juli 2011 Hoort bij: Geschiedenis 3 reacties
In het joodse schooltje van Leek staat dit emaille bord op een hoge plank. Jaren geleden kwam het tevoorschijn uit een tuin aan de Schreierslaan.
Heiman Israëls en zijn vrouw Aaltje, die dit bord op hun gevel hadden, gaven in de crisisperiode voor de oorlog danslessen in heel het Westerkwartier en Noord-Drenthe. Als dansleraar was Heiman geliefd, hij leidde feestelijke bals in de wijde omgeving van Leek. Van Aaltje is bekend dat ze zich gespecialiseerd had in zoiets moderns als tapdansen. Met hun zoontje Levie kwamen ze in 1942 om in Auschwitz.
Het bord zal een jaar al eerder in die tuin begraven zijn, toen de uitsluiting van joden uit de horeca begon. Met zo’n bord op je gevel was je een voor de hand liggend mikpunt voor politiek gespuis dat er in ruime mate rondliep in Westerkwartier en Noordenveld.
Overigens lopen er tegenwoordig af en toe mensen het joodse schooltje van Leek binnen, die tegenover de vrijwilligers daar doodgemoedereerd het nationaal-socialisme verdedigen en de Shoah ontkennen. Nu bijna twee maanden geleden werd het schooltje nog door neo-nazi’s beklad.
Poffert van Sjobbema & Scholte
Geplaatst op: 10 juli 2011 Hoort bij: De actuele wereld, Geschiedenis 6 reacties
Ergens tussen 1717 en ca. 1750 schreef de schoolmeester Jan Sjobbema van Eenum met zijn heldere pootje een kookboek af, dat zich nu, aangevuld met recepten in latere handschriften, bevindt in de variarubriek van het huisarchief Menkema en Dijksterhuis. Omdat RHC Groninger Archieven het complete kookboek op internet plaatste, kan iedereen het doorbladeren. Op folio 23 vindt men dan twee recepten voor “Boffert”, oftewel poffert, waarvan Henk Scholte er onlangs eentje in een hedendaagse vertaling en bewerking op zijn Facebook-pagina plaatste. Van die wat meer luxueuze poffert mocht ik de afgelopen week een stuk proeven. Ik kan je vertellen dat je je vingers erbij opvreet. Henk gaf me toestemming om het recept hier te reproduceren, zodat ook de Gelkinghe-lezers ervan kunnen genieten:
Ingrediënten;
- 100 gram gedroogde abrikozen
- 400 gram bloem
- 1 theelepel zout
- theelepel kaneel
- 2 eieren
- 20 gram gist
- 3 deciliter slagroom
- 1 zure appel
- 100 gram rozijnen
- 150 gram bacon of ontbijtspek
Bereiding;
- Week de abrikozen apart en de rozijnen apart een paar uur of een nacht in water.
- Vermeng de bloem met het zout in een grote schaal.
- Maak in het midden een kuiltje en breek de eieren erin.
- Verkruimel de gist in een kommetje, laat de slagroom lauwwarm worden.
- Doe een scheutje lauwe room bij de gist en roer dit tot een glad papje.
- Doe het gistmengsel bij de eieren en roer van het midden uit tot een dik, glad beslag. Klop dit een paar minuten flink op en verdun het dan met de overgebleven room.
- Laat de rozijnen en abrikozen eventjes uitlekken en snijd hierna de abrikozen fijn. Schil de appel, haal het klokhuis eruit en snijd hem in snippers. Schep de abrikozen, de appel en en de rozijnen door het beslag en laat het toegedekt, op een warme plaats, 1 uur rijzen.
- Beboter een tulbandvorm heel dun en bekleed hem dan met bacon. Vul hem met beslag.
- Verwarm de oven voor op 175 graden en zet de poffert op de een na onderste richel van de oven. Laat hem in 45-60 minuten bruin en gaar worden.
- Snijd de poffert in plakken en geef er boter en stroop of bruine suiker bij.
Eet ze!
Apodictische prognose
Geplaatst op: 9 juli 2011 Hoort bij: Kunsten Een reactie plaatsen
Stencilgraffiti, te zien op meerdere plekken bij het Emmaviaduct.
Een blond gekuifde Cupido in de Pelsterstraat
Geplaatst op: 9 juli 2011 Hoort bij: Kunsten 2 reacties
Bij zijn gespannen boog een onzekere berekening: een onbekende grootheid minus x, geturfd als een hekje.







Recente reacties